Weblog over Spinoza, Spinozisme en Spinozana

De naturâ Rationis est res sub quâdam æternitatis specie percipere
Het is de rede eigen om het eeuwige der dingen te zien.                                 Spinoza, Ethica II, 44 c2

Spinoza’s meest
waarschijnlijke
beeltenis
 

 

Spinoza-beelden 

Spinoza’s zegel met 'caute'

Spinoza merchandising

Iconographia Spinozana

Spinoza-schilderijen, etsen, gravures & illustraties 

Spinoza-cartoons, comics & illustraties

Corpus Poeticum Spinozanum

Johannes Colerus, Korte, dog waaragtige levens-beschryving van Benedictus de Spinoza [PDF]
                           Blogger en curator: Stan Verdult

Over rationele idiotie (alweer zo'n oxymoron)

Voor ik mij op weg begeef naar het Spynoza Lyceum in Amsterdam voor de eerste bijeenkomst in de cursus over de PPC, meld ik nog even dat Carel Peeters in VN een interessant commentaar schreef op dit boekje:

Hent de Vries, Kleine filosofie van het wonder. Boom, 2015

Peeters die het boekje in de eerste alinea typeert als "rationele idiotie" eindigt zijn bespreking met:

Kleine filosofie van het wonder is een idioot en zinnig boek, even geleerd als raar. Een stoet interessante denkers (Leibniz, Bergson, Rorty, Davidson, Spinoza, Cavell, Gödel, Heisenberg, Barth, Badiou, Hegel) komt langs met als resultaat het simpele pleidooi dat we het wonder weer een plaats onder de zon moeten gunnen.  

Lezenswaardig. Ik bedoel die recensie dus (maar waarom daar aan het eind 'zinnig' staat, terwijl het stuk begon met de titel "Wonderbaarlijk geleerde onzin", begrijp ik niet). Dat boekje kunnen we beter laten voor wat het is. Of voor als we ons vrolijk en wellicht boos willen laten maken. Met dank aan Peeters voor dat inzicht.

Stanley Rosen (1929 - 2014) mocht het hoofdstuk Spinoza doen…

Stanley Rosen zag Spinoza als ‘conservatief’, schreef: "Spinoza is neither a Christian, a modern liberal, nor an existentialist: freedom is for him possible only on the condition of philosophy, and so, in the fullest sense, only the philosopher is free. The free society is absolutely dependent, not on freedom of speech in the sense of anyone's speech, but on freedom of philosophical speech. This is the heart of Spinoza's 'conservatism,' and it is explicitly visible in the Theologico-Political Treatise." [Citaat uit hierna te noemen boek]

Stanley Rosen was student van Leo Strauss aan de University of Chicago. Bij hem verdedigde hij in 1955 een proefschrift over Spinoza, getiteld Spinoza's argument for Political Freedom. [Die titel wordt op 'zijn' wikipediapagina niet genoemd, maar was te vinden bij de Duitse Spinozabibliografie; en hier]

Dat hij goed naar z’n hoogleraar geluisterd had en in Spinoza geen politiek liberaal zag blijkt al uit het bovenstaande citaat en uit het abstract van de lezing die hij gaf voor het “Symposium: Spinoza’s Law in 2003 waar Rosen sprak over “Spinoza's Argument for Political Freedom,” waarbij de notitie werdgemaakt: “A substantially similar version of this piece has previously been published by Stanley Rosen in Spinoza's Argument for Political Freedom - z'n dissertatie uit 1955 dus. [Cf.]

Lees verder...

Ook in 2015 gaat weer David Ives's toneelstuk New Jerusalem over Spinoza

Voorzover ik kan nagaan gaat David Ives' toneelstuk over Spinoza's ban voor het eerst opgevoerd worden door een niet-joods theater-gezelschap. En opmerkelijk: het wordt gesponsord door de Richard Dawkins Foundation for reason and science! [Cf.]

 

Lees verder...

"B. de Spinoza´s sämmtliche Werke" van Berthold Auerbach


In 1841 verscheen de eerste editie van B. de Spinoza´s sämmtliche Werke in de vertaling van Berthold Auerbach [Stuttgart, J. Scheible, 1841]. Het was de eerste Duitse vertaling van Spinoza's werken (met uitzondering van het Hebreeuwse Compendium), en wel nog zonder de KV.

Dertig jaar later verscheen bij Cotta [Stuttgart, 1871], nu tevens met de vertaling van de KV, opnieuw B. de Spinoza´s sämmtliche Werke - in twee banden.

 

Lees verder...

Richard H. Kennington (1921–1999) In Spinoza’s denken zou de analytische en niet de synthetische methode centraal staan [2]

Op weg naar de cursus over de PPC [15]

Al mag er dan enige aarzeling zijn m.b.t. tot de uiteindelijke bedoeling van zowel Kennington, met zijn °Analytic and Synthetic Methods in Spinoza's Ethics." [cf. vorig blog] als Parens’s Maimonides and Spinoza, twijfel die te maken heeft met hun beider waardering voor Leo Strauss [cf. dit intermezzo-blog met verwijzingen naar reviews van diens boek], toch ervaar ik het gebruik dat Parens van Kennington maakt, die hij weer eens uit de mottenballen haalde en uitlegde, als een mogelijk nuttige bijdrage tot het wellicht beter verstaan van Spinoza’s PPC en Ethica. Daarom neem ik hier een passage over uit Joshua Parens, Maimonides and Spinoza: Their Conflicting Views of Human Nature [University of Chicago Press, 2012 – books.google], [te weten van p. 82-85]

Lees verder...

Signalement van twee Zweedse essays over Spinoza

Wat ik tegenkwam...
In een bundel essays die verscheen aan de Södertörn University in Zweden zaten er twee waarin het over Spinoza ging. Reden genoeg om dat hier te signaleren. Aanvankelijk vond ik wel aardig dat er aan het Spinozisme van de Spaanse filosofe María Zambrano [cf.
dit blog]  aandacht werd besteed, maar inhoudelijk viel dat stuk me nogal tegen. Er zou heel wat in te brengen zijn tegen met name dat tweede artikel, maar daar begin ik niet aan en laat het bij een signalement - voor wie het aanbelangt.

 

Jonna Bornemark & Hans Ruin (Eds.), Ambiguity of the Sacred. Phenomenology, Politics, Aesthetics. Södertörn Philosophical Studies, 2012 – PDF. Cover image: Helen Schmitz, from the series “Sunken gardens”. Daarin deze twee Spinoza-essays:

Lees verder...

Intermezzo: weer interessante recensie van Sean Winkler

Terwijl ik bezig was met het vorige blog, waarop er nog een zal volgen, waarbij ik van plan ben een passage te brengen uit het boek van Joshua Parens, Maimonides and Spinoza: Their Conflicting Views of Human Nature [University of Chicago Press, 2012 – books.google]

stuitte ik op een recensie van Sean Winkler op Bibliographia over dat boek [cf. of PDF]. Aanbevolen.  

Al in een eerder blog verwees ik enthousiast naar interessante reviews van hem op

 

 

Sean Winkler is in Leuven bezig met een dissertatie The Power of the Intellect in the Philosophy of Baruch Spinoza [cf. & cf.], waarmee hij ongeveer halverwege zal zijn, gezien zijn planning. Om in de gaten te houden.

Lees verder...

Richard H. Kennington (1921 – 1999) In Spinoza’s denken zou de analytische en niet de synthetische methode centraal staan [1]

Op weg naar de cursus over de PPC [14]

Met het oog op deze serie neem ik hieronder uit een artikel van Kennington een passage op over de analytische en synthetische methode bij Spinoza. Opmerkelijk is dat, i.t.t. Curley [cf. blog], Kennington datgene wat Lodewijk Meijer daarover in het voorwoord op de PPC schreef, aanneemt als was dat door Spinoza geschreven, althans geheel onderschreven.

Richard H. Kennington was filosofieprofessor aan de Catholic University of America. Een groot deel van zijn jeugd bracht hij door in China, vanwege missoneringsactiviteiten van zijn ouders. Hij studeerde af in economie aan de universiteit van Californië. Na WOII, waarin hij in de marine diende, studeerde hij in Chicago, de Sorbonne en behaalde aan de the New School for Social Research zijn doctorsgraad in filosofie. Daarna doceerde hij op diverse plaatsen en vanaf 1975 aan Catholic University. [Cf.]

Aanvankelijk stond hijn vooral bekend als Descartes scholar en later meer als Bacon scholar. Hij publiceerde zegge en schrijve één artikel over Spinoza, “but it sheds brilliant new light on the Ethics,” aldus Joshua Parens, die zich in zijn Maimonides and Spinoza: Their Conflicting Views of Human Nature [University of Chicago Press, 2012 - cf. blog] voor zijn interpretatie van Spinoza flink op dat artikel baseerde en er in een Appendix in dat boek zelfs een aparte nadere analyse over gaf.

Kennington’s artikel was getiteld “Analytic and Synthetic Methods in Spinoza’s Ethics” en verscheen in het boek, waarvan hij ook de redacteur was: The Philosophy of Baruch Spinoza [Washington, DC : The Catholic University of America Press, 1980. - 323 pp.], waarin dit artikel/hoofdstuk prijkte naast bijdragen van: Henry E. Allison, Robert N. Beck, Jose Bernardete, Alan Donagan, Willis Doney, Lewis S. Feuer, Isaac Franck, Hilail Gildin, Micheal Hooker, Hans Jonas, James C. Morrison, Kenneth L. Schmitz, Stewart Umphrey, Paul Weiss, en Margaret D. Wilson.

Lees verder...

Vandaag 338 jaar geleden werd Spinoza begraven...

... in de Nieuwe Kerk te 's Gravenhage. Colerus schrijft in zijn Korte, dog waaragtige levensbeschryving van Benedictus de Spinoza:  

Het Lyk wierd den 25 Febr. met 6 Karossen in de Nieuwe Kerk op 't Spuy begraven, en van veel aanzienelyke luiden uitgeleid. De quitantie hiervan luid aldus:
Den 25 Febr. 1677. is Begraven Benedictus Spinoza het regt is 20 gl. Bekenne hiervan voldaan te zyn, Teuntje Pieters weduwe van den Controlleur Norvviths.
De vrienden van de Begravenis komende, wierden naar Borgerlyke gewoonte met een dronk wyn beschonken, waarvan ik deze gequiteerde rekening vinde:  enz.

     

Obras Completas de Spinoza

Voor $1.000 mag u ze hebben en u krijgt er dan de werken van Plato, Aristoteles en Bertrand Russell bij [cf.].

 

Het staat er niet bij, maar  ik vermoed  dat het gaat om:
WEINBERG, G. (Ed.), Obras completas de Spinoza, ACE, Buenos Aires 1977 (5 volúmenes). [Cf.]

Jan Bor, "Mondriaan filosoof" volkomen zonder Spinoza

Dat u dat alvast weet.

Het zal vooral aan Jan Bor liggen (die hier op VPRO-boeken te beluisteren is en Wim Brands niet echt nodig heeft om in gezweef te komen, maar door hem daaroe wel gestimuleerd wordt).

Jan Bor, Mondriaan filosoof. Bert Bakker, 2015.

"Mondriaan filosoof? Hij was toch een schilder, zelfs een van de belangrijkste van de twintigste eeuw? Maar Mondriaan heeft ook tot het einde van zijn leven teksten geschreven. Daarin zet hij in filosofische taal uiteen dat zijn beeldende werk een uitdrukking is van zijn visie op de werkelijkheid. In die zin is hij, zowel beeldend als schrijvend, filosoof. Zijn teksten, die net zo goed als zijn beeldend werk deel uitmaken van zijn oeuvre, vragen om een filosofische verheldering. Jan Bor laat in Mondriaan filosoof zien dat Mondriaans werk oosterse invloeden heeft ondergaan. Daarin heeft de theosofie een rol gespeeld. Maar Mondriaan was te oorspronkelijk om zich door welke leer dan ook te laten beknotten. Hij was een onafhankelijk schilder en een onafhankelijk denker. Zijn werk toont een dimensie die geen leer of theorie kan omvatten."

Als u in het zoekvenster De Stijl ingeeft, komt u bij diverse blogs én ook bij het artikel "Spinoza et "De Stijl"" van Dr. Cornée Jacobs.

Overweging bij een voetnoot in de TIE

Gisteravond bespraken we, zoals ik in het vorige blog al meldde, bij de SKL een deel van de TIE. Bij het lezen van de vertaling van dat werk door Theo Verbeek viel mij de bij hetgeen in de laatste zin van paragraaf 76 staat horende noot z in de kantlijn (in de OP is het een voetnoot):

“Dit [enig en oneindig] zijn geen attributen van God die zijn essentie laten zien, zoals ik in de Filosofie zal aantonen.”

En meteen vroeg ik mij af: waarom gebruikte Spinoza in de Ethica niet deze heldere omschrijving? Ik haal het Latijn erbij:

"Haec non sunt attributa Dei, quae ostendunt ipsius essentiam, ut in Philosophia ostendam."

De attributendefinitie in de Ethica 1/4Def werd:

“Per attributum intelligo id, quod intellectus de substantia percipit, tanquam ejusdem essentiam constituens“

En over hoe wij die definitie moeten lezen en begrijpen ontstonden dus én vertaalproblemen én een gigantische hoeveelheid secundaire literatuur, met zeer uiteenlopende interpretaties.

Spinoza wilde in de Ethica kennelijk niet zo simpel als in de TIE zeggen dat de attributen de essentie laten zien (want de zintuigen zien die immers niet) en daarom de functie van het intellect erbij betrekken: het is een kwestie van verstandelijk begrijpen. Maar als hij daarvan dan had gemaakt…

Per attributum intelligo id, quod intellecto de substantia essentiam ostendit.

Onder attribuut versta ik dat, wat aan het intellect van de substantie het wezen laat zien.

… dan was dat meteen voor iedereen duidelijk geweest. En wat zou dan gemist zijn in zijn filosofie? Het zou een hoop verwarring hebben gescheeld.  

Hij zou met ‘constituere’ de rol van het begrijpen, de actieve epistemologische (constituerende) rol van het intellect hebben willen benadrukken? Hij heeft er in ieder geval het denken van vele filosofen en quasi filosofen mee uitgedaagd, dat zeker.

Vandaag zou uitkomen: Stephen Connelly, Spinoza, Right and Absolute Freedom

Voor vandaag (volgens bookdepository) wordt uitgerold of het is er al sinds een week volgens (Taylor & Francis):

Stephen Connelly, Spinoza, Right and Absolute Freedom. Birkbeck Law Press, 2015 , ISBN13 9781138826892 - books.google

[nogal prijzig: $140.00]

"Against jurisprudential reductions of Spinoza’s thinking to a kind of eccentric version of Hobbes, this book argues that Spinoza’s theory of natural right contains an important idea of absolute freedom, which would be inconceivable within Hobbes’ own schema. Spinoza famously thought that the universe and all of the beings and events within it are fully determined by their causes. This has led jurisprudential commentators to believe that Spinoza has no room for natural right – in the sense that whatever happens by definition has a ‘right’ to happen. But, although this book demonstrates how Spinoza constructs a system in which right is understood as the work of machines, by fixing right as determinate and invariable, Stephen Connolly argues that Spinoza is not limiting his theory. The universe as a whole is capable of acting only in determinate ways but, he argues, for Spinoza these exist within a field of infinite possibilities. In an analysis that offers much to ongoing attempts to conceive of justice post-foundationally, the argument of this book is that Spinoza opens up right to a future of determinate interventions –as when an engineer, working with already-existing materials, improves a machine. As such, an idea of freedom emerges in Spinoza: as the artful rearrangement of the given into new possibilities. An exciting and original contribution, this book is an invaluable addition, both to the new wave of interest in Spinoza’s philosophy, and to contemporary legal and political theory." 

Termen die mij opvielen heb ik even donker uitgelicht. En uit de titel uiteraard Spinoza, Right and Absolute Freedom.

Een centrale wetmatigheid van Spinoza

Vanavond bespreken met de Spinozakring Limburg van Spinoza's Verhandeling over de verbetering van het verstand [TIE] de vier percepties t/m het Eerste deel van de methode (over fictieve, onware en twijfelachtige ideeën).

Met het oog daarop breng ik hier een van zijn centrale 'wetten':

Lees verder...

Hendrik van Bronckhorst (1636 - 1678) schreef lofdicht op Spinoza [vervolg 2]

Na de e-mail van Frank Mertens, die leidde tot een vervolgblog, ontving ik zojuist ook een e-mail van Rindert Jagersma (de boekwetenschapper die samen met Trude Dijkstra ontdekte dat de Amsterdamse drukker Israel de Paul (1630-1680) de geheime drukker van Spinoza's meesterwerken was, cf. blog).

Hij reageerde op de passage in het blog “Hendrik van Bronckhorst (1636 - 1678) schreef lofdicht op Spinoza” waarin ik schreef: “Maar in het KB-exemplaar van de Nederlandse vertaling zijn die gedichten NIET te vinden. Ra, ra hoe zit dat?” Rindert daarop:

De verklaring is simpel: de twee bladzijden ontbreken in dit exemplaar.

Het voorwerk van Renatus Des Cartes Beginzelen der wysbegeerte bestaat uit 6 bladen - dit getoonde exemplaar van de KB maar uit 5 bladen.

Het voorwerk bestaat uit [En hier volgen beschrijvingscodes uit zijn vakgebied, SV]:

[*1r] titelpagina
[*1v] blanco
*2r 'Aan den goedtwilligen leezer’
*2v vervolg 'Aan den goedtwilligen leezer’
*3r vervolg 'Aan den goedtwilligen leezer’
*3v vervolg 'Aan den goedtwilligen leezer’
[*4r] vervolg 'Aan den goedtwilligen leezer’
[*4v] vervolg 'Aan den goedtwilligen leezer’
**1r vervolg 'Aan den goedtwilligen leezer’
**1v vervolg 'Aan den goedtwilligen leezer’ en Misstellingen
[**2r] lofdicht: ‘Ad Librum’ en ’Aan het boek’
[**2v] lofdicht: ‘Aan den Leezer’ van I.B.M.D.

In de Spinoza-bibliografie van Kingma en Offenberg (1977) staat het boek ook als zodanig beschreven.

Het KB-exemplaar mist dus [**2] waar het genoemde gedicht op staat.

Lees verder...

Hendrik van Bronckhorst (1636 - 1678) maakte deel uit van de kring rond Spinoza

Na het blog van gisteren over de arts Hendrik van Bronckhorst (1636-1678), een galenistische mennoniet, arts en een vriend van Spinoza, ontving ik van Frank Mertens per omgaande onderstaande informatie over Van Bronckhorst, over wie hij ook uitgebreid schreef in het hoofdstuk “Radicale Verlichting en Reformatie: de kring rond Spinoza en Van den Enden” dat hij bijdroeg aan Danny Praet (Red.), Protestantisme. Aspecten van de Reformatie tussen Humanisme en Verlichting. Gent, Academia Press, 2014, (o.a. pp. 131-132).

De volgende korte biografische schets over Van Bronckhorst is geheel van de hand van Frank Mertens, die hiermee als het ware een gastblog voor zijn rekening nam, waarvoor ik hem zeer erkentelijk ben. Na zijn bijdrage voeg ik ter aanvulling twee citaten toe uit zijn bovengenoemde hoofdstuk, waarop hij me wees en dat hij me toezond. Hiermee is nu op internet heel wat meer informatie over Hendrik van Bronckhorst beschikbaar dan ik gisteren kon vinden. 

Lees verder...

Het verhaal van Albert Burgh's bekering zoals verteld door Antoine Arnauld

Antoine Arnauld (1612 - 1694) was zoals bekend, RK priester, een groot intellectueel en leidende figuur binnen de jansenistische beweging van de Abdij van Port-Royal. Zijn verzamelde werken beslaan zevenendertig delen in tweeënveertig banden. [Zie voor meer info wikipedia]. Een van die werken was:

Antoine Arnauld, Apologie pour les catholiques contre les faussetez et les calomnies d'un livre intitulé " La politique du Clergé de France ". Bronkart, 1681 Tome I [books.google], 1682 Tome II [books.google rechtsreeks naar de bladzijde waar het hier om gaat]

In Chapitre XXVI, beschrijft Arnauld een aantal bekeringscases waaronder die van Albert Burgh. Het hoofdstuk heeft deze opening: “Qu'il y a maintenant beaucoup plus de Protestans qui se sont Catholiques, que de Catholiques qui se fassent Protestans. Exemples édifians de quelques conversions à la foy Catholique.” [Er zijn tegenwoordig veel meer protestanten die katholiek, dan katholieken die protestant worden.]

Lees verder...

Hendrik van Bronckhorst (1636 - 1678) schreef lofdicht op Spinoza

Dit blog is tevens Op weg naar de cursus over de PPC [13]: het is namelijk in het kader van deze voorbereiding dat ik hier ook even aandacht aan geef. Van cruciaal belang voor de interpretatie van het spinozisme is het niet, zodat ik het ook in de serie Inutilis scientia Spinozana had kunnen opnemen, maar zover ga ik toch maar niet.

Na het voorwoord van Lodewijk Meijer op De beginselen van de wijsbegeerte, vinden we in de Korte Geschriften een gedicht “Aan dit boek” (vertaling van AD LIBRUM), ondertekend door J.B.M.D.

In aantekening 2 lezen we: “De afkorting staat waarschijnlijk voor: Ioannes Bouwmeester Medicinae Doctor. Zie K.O. Meinsma, Spinoza en zijn Kring (1896), p. 210-211. In de Nederlandse vertaling van Balling gaat het Latijnse gedicht vergezeld van een vertaling ervan (van de hand van Balling?) in 12 versregels en een zeer vrije parafrase in 24 versregels ondertekend: H. v. Bronchorst, M.D. Beide Nederlandse gedichten zijn afgedrukt door Gebhardt, dl. I, p. 614-615.”  

Maar in het KB-exemplaar van de Nederlandse vertaling zijn die gedichten niet te vinden. Ra, ra hoe zit dat? [Cf.] Het gaat om

Renatus Des Cartes Beginzelen der wysbegeerte, I en II deel, na de meetkonstige wijze beweezen. Mitsgaders des zelfs overnatuurkundige gedachten ... Benedictus de Spinoza Amsterdammer. Alles uit 't Latijn vertaalt door P.B.  t'Amsterdam: J. Rieuwertsz, 1664.

 

Lees verder...

Mogens Lærke’s diep gravende, maar m.i. nog onvoldragen tekst

Dit blog gaat over een bijzondere tekst, waarover ik zeer enthousiast was. Ik bewaarde hem expres voor deze dag waarop we herdenken dat Spinoza, ik heb er nu al een paar maal op gewezen, 338 jaar geleden overleed. Om te laten zien dat hij nog springlevend is, bijvoorbeeld in iemand als Mogens Lærke [cf.]. Op dinsdagmiddag 24 februari zal hij aan de Radboud Universiteit Nijmegen spreken tijdens het Dutch Seminar in Early Modern Philosophy II over: “Spinoza on Formal Essence, Actual Essence, and Two Forms of Actuality.”

Op dinsdag 16 december 2014 hield Lærke aan het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte aan de KU Leuven een lezing met exact dezelfde titel. En het PDF daarvan is aldaar te downloaden. Je kunt dus nu al lezen wat hij straks gaat brengen.

Het is een werkelijk zeer indrukwekkend stuk. Het is ook een behoorlijk lang en zeer gedegen academisch werkstuk, waar ik behoorlijk van onder de indruk ben. Maar ik moet er niet aan denken dat al deze woorden begin volgende week uitstromen naar oren van mensen die zich misschien al wel wat in Spinoza hebben verdiept, maar zich wellicht nog niet eerder met precies het soort vraagstukken hebben bezig gehouden als die Laerke hier aan de orde stelt. Ik vrees dat dan de kern van de zaak langs die toehoorders af zal glijden.

Maar wát een geweldig interessante tekst is het voor hen die zich eerder wel met de aangesneden kwesties hebben bezig gehouden, zoals sommigen hier op dit blog, wanneer het ging over essenties van particuliere dingen, wat daaronder moet worden verstaan en of die eeuwig zijn; over het mogelijke verschil tussen essentia formalis en essentia actualis, over de essenties van niet bestaande dingen en zo meer (Ethica 2/8, 2/8c en 2/8s etc.).

Lees verder...

Vandaag 338 jaar geleden is Spinoza overleden

Onze filosoof stierf 21 februari 1677, naar verluidt op hetzelfde tijdstip, waarop Christus de laatste adem uitblies - om 15:00 uur zo meldt Colerus: "uit de Kerk komende, hoorden se [de van der Spyks] dat Spinoza ten drie uuren in tegenwoordigheid van deze Doctor overleden was."

Dankzij zijn Opera posthuma, waarin de Ethica, die na zijn dood kon verschijnen (zie in 't blog van gisteren een origineel exemplaar), bleef de filosoof levend. Hij wordt over de hele wereld intensief bestudeerd, zoals op dit weblog regelmatig blijkt. En hij wordt via standbeelden herinnerd. Kunstenaars maken kunst met hem, etc.
Kortom, het gaat om Spinoza, dus "non mortis sed vitae meditatio est."