Weblog over Spinoza, Spinozisme en Spinozana

De naturâ Rationis est res sub quâdam æternitatis specie percipere
Het is de rede eigen om het eeuwige der dingen te zien.                                 Spinoza, Ethica II, 44 c2

Spinoza’s meest
waarschijnlijke
beeltenis
 

 

Spinoza-beelden 

Spinoza’s zegel met 'caute'

Spinoza merchandising

      Iconographia Spinozana

               1632   -   1677 

Spinoza-schilderijen, etsen, gravures & illustraties 

Spinoza-cartoons, comics & illustraties

Corpus Poeticum Spinozanum

Johannes Colerus, Korte, dog waaragtige levens-beschryving van Benedictus de Spinoza [PDF]
                           Blogger en curator: Stan Verdult

Inutilis scientia Spinozana [137] Spinoza in de Colección Clásicos del Pensamiento

 

Bij de Spaanse uitgever Tecnos verscheen in 1966 in de Colección Clásicos del Pensamiento onder redactie van Antonio Truyol y Serra:

Baruch Spinoza, Tratado teológico-político (Selección) & Tratado político. Traducción y estudio preliminar de Enrique Tierno Galván. Tecnos, 1966, 2e 1985, 3e 1996

In ieder geval op de cover van de Tercera edicion (van de eerdere weet ik het niet) verscheen bovenstaande afbeelding van Spinoza.

Via deze site is voor belangstellenden het PDF ervan te downloaden.

Spinoza en het Boeddhisme over 'het Zelf'

Nadat hier al in meerdere blogs waarin Spinoza’s filosofie met het Boeddhisme werd vergeleken, aandacht werd gegeven (u vindt ze wel door Boeddhisme in het zoekvenster in te geven), wijs ik nu graag op een interessant artikel

“Spinoza & Buddhism on the Self” van Soraj Hongladarom, Chulalongkorn University, dat recent, op 29 juli 2015, verscheen op de website van The Oxford Philosopher, A Philosophic Periodical.

Ik neem hier het laatste deel over:

Lees verder...

De God van Spinoza werd wéér eens niet goed begrepen

The Algemeiner had gisteren een aardig artikel onder de titel "The Right and the Good". Het gaat over de opdracht om in concrete situaties tegenover iemand "het goede en juiste te doen" en je niet alleen aan de geboden in strikte zin te houden. Dat is niet genoeg voor een 'moreel leven'. De Bijbel met z'n Tien Geboden en de 613 geboden die de rabbijnen er verder nog voor de joden uit destilleerden, geeft geen aanwijzingen voor elke mogelijk voorkomende situatie, maar geeft ook een algemene opdracht die je zelf moet toepassen.

En dan wordt het volgende beweerd, waar ik hier op wil wijzen:

"This too is the difference between the God of Aristotle and the God of Abraham. Aristotle thought that God knew only universals not particulars. This is the God of science, of the Enlightenment, of Spinoza. The God of Abraham is the God who relates to us in our singularity, in what makes us different from others as well as what makes us the same."

 

   

   

Hier is het verschil tussen Spinoza en Aristoteles niet geweten. De God van Spinoza kent precies het omgekeerde van die van Aristoteles, n.l. juist alleen maar de bijzondere dingen (alleen die hebben een essentie), en niet de universele noties: universalia zijn abstracties, dingen van de verbeelding en Spinoza’s God heeft geen verbeelding. Wat dat betreft is de God van Spinoza dus precies een joodse God (op het antropomorfische na dan)!

Over dit kennis-verschil tussen de God van Aristoteles en die van Spinoza schreef Yitzhak Melamed een heel duidelijk artikel: “Gersonides and Spinoza on God’s Knowledge of Universals and Particulars”  [cf. op academia.edu]  

[Voor deze illustratie heb ik de cover van And God Spoke to Abraham: Preaching from the Old Testament van Fleming Rutledge even verbouwd. De cover daarboven van The God of Spinoza: A Philosophical Study van Richard Mason, is als een soort contrafactische voorstelling, fraai suggestief bedacht. Wie niet weet dat daar Rembrandts 'Abraham en Isaac' voor is gebruikt, kan denken dat de zeer antropomorf voorgestelde God er Spinoza ernstig toespreekt.]

Spinoza over de jager van leeuw Cecil

Tandarts-jager Walter Palmer verontschuldigt zich alleen voor het feit dat hij niet geweten heeft dat de door hem geschoten leeuw Cecil was en dat hij niet op de hoogte was met de betekenis van Cecil. Maar voor zijn dure jachthobby veronderschuldigt hij zch niet. Hij handelt wat dat betreft naar het adagium van Spinoza die in 4, app, cap 8 schreef:

"Quicquid in rerum natura datur quod judicamus malum esse sive posse impedire quominus existere et vita rationali frui queamus, id a nobis removere ea via quae securior videtur, licet et quicquid contra datur quod judicamus bonum sive utile esse ad nostrum esse conservandum et vita rationali fruendum, id ad nostrum usum capere et eo quocunque modo uti nobis licet et absolute id unicuique summo naturae jure facere licet quod ad ipsius utilitatem conferre judicat."

Wanneer wij iets in de werkelijkheid een kwaad achten, met andere woorden, van mening zijn dat het ons kan beletten een redelijk leven te leiden, mogen wij het op een manier die ons het veiligst lijkt, verwijderen. Wanneer er daarentegen in de werkelijkheid iets is dat wij een goed achten, met andere woorden, waarover wij van mening zijn dat het voor ons zelfbehoud en het leiden van een redelijk leven nuttig is, dan mogen wij het ons van nut laten zijn en op welke wijze dan ook gebruiken. Iedereen mag zonder voorbehoud krachtens het hoogste natuurrrecht [summo naturae jure] doen wat hij in zijn belang acht. [Vert. Henri Krop]

Maar ja, Spinoza schreef ook nog zoveel meer, vooral over mensen die door de rede geleid worden enzo... 

Spinoza in Pier Paolo Pasolini’s Porcile

Porcile uit 1969 (aka Pigsty) is “one of Pasolini’s most enigmatic films. It extends his cinematic obsessions into the realms of cannibalism and bestiality with two interweaving stories of two young men who become sacrificial victims of their different societies. One of them is a soldier and cannibal (Clementi) in a medieval wasteland and the other a son (Léaud) of an ex-Nazi industrialist (Tognazzi) in modern-day Germany. The young German is more attracted to pigs than to his fiancée (Wiazemsky). This rather silly parable, very much a product of the late 1960s, in which the bourgeoisie is caricatured, is filmed with such calm beauty and underlying disgust that it seems to gain in significance. Theorem (1968) and Pigsty were the only films in which the Marxist Pasolini dealt directly with the hated middle classes; thereafter he left the 20th-century behind until his final film, Salo (1975), which looks at even more extreme human actions. [Cf. Worldcinema]

In het voorjaarsnummer 2015 van World Picture verscheen een uitvoerige bespreking van hoe Spinoza in Pasolini’s Porcile voorkomt. Nogal uitgebreid blijkbaar, want het is een lang stuk:

Manuele Gragnolati and Christoph F. E. Holzhey, “Active Passivity? Spinoza in Pasolini’s Porcile” in: World Picture 10 - Spring 2015 [Cf. - PDF]

Lees verder...

"Formele essenties" zijn tóch geen "mogelijkheden"

Het boek van Alan Danagan, waarover ik eerder blogde, had ik in het zicht laten liggen, omdat ik mijn keuze voor zijn benadering van de ‘formele essenties’, n.l. ze als "mogelijkheden” te lezen, waar ik mij achter had opgesteld, bij nader inzien toch niet zo’n gelukkige vind. Ik had gedacht dat die blogs - ik vermeld ze onder - wel de laatsten zouden zijn over dat onderwerp wat betreft “de ideeën der niet bestaande dingen”, maar ik moet die draad nog eenmaal oppakken om hem opnieuw en beter af te hechten.

Het gaat me om het tweede blog. Het eerste had ik toegevoegd om te laten zien dat Donagan ‘mogelijkheden’ bepaald niet in de zin van Leibniz las en dat verleidde mij om in het tweede blog met hem mee te gaan in zijn toelichting over hoe je dingen die nog niet of niet meer bestaan en waarvan volgens 2/8 de ‘formele essenties’ vervat liggen in de attributen, zou kunnen zien als “mogelijkheden.”

Lees verder...

Inutilis scientia Spinozana [136] "Spinoza in a T-Shirt"

Een poosje geleden had ik het al gesignaleerd en in eerste instantie besloten het te negeren. Maar nu ik het nog eens als een tip in m’n e-mailbox ontving, neem ik het dan toch maar in dit blog op, want ja, ik was ooit van plan hier alle spinozana te verzamelen.

Léopold Lambert and Minh-Ha T. Pham schreven onder de titel “Spinoza in a T-Shirt”, een “manifesto for designs that do not know what bodies aren’t.”

Dat begint aldus:

“What can a body do?” is the question Spinoza puts to his readers in the third part of Ethics. For Spinoza, bodies are constituted not by predefined classifications but by encounters with material, social, and spatial forces. That means the body cannot be abstracted into neat categories of description, but exists in relation to broader contexts of power and meaning. Bodies are realized both through individual actions and by being acted upon, but the conditions under which a body can (and can’t) act are nearly limitless. Therefore, contained within Spinoza’s question is the radical idea that we not only don’t know what a body can do, but that we don’t even know what a body is. That Spinoza included this challenging question in his Ethics means that the forces that constitute bodies in a society’s space and time stem from decisions that carry ethical weight. These decisions are what we call “design.”

Een daarna volgt er nog een heel stuk tekst, kennelijk bedoeld voor ontwerpers van kleding. Ik ben gestopt met verderlezen, maar wie geïnteresseerd is: zie hier.   

[De illustratie hoort niet bij hun stuk. Om het blog op te vrolijken leende ik een afbeelding met het door Lukatarina PHILOGUERRILLO ontworpen t-shirt - cf. blog "Het betere Spinoza T-shirt"]

George H. Smith: "Spinoza was a mixed bag" [een allegaartje]

George H. Smith, Senior Research Fellow for the Institute for Humane Studies, a lecturer on American History for Cato Summer Seminars, and Executive Editor of Knowledge Products, schreef de volgende boeken:  Atheism: The Case Against God, Atheism, Ayn Rand, and Other Heresies, en Why Atheism? Z’n recentste, vierde, boek is The System of Liberty [Cambridge University Press, 2013]

Wekelijks schrijft hij een essay over de geschiedenis van het libertijnse gedachtegoed op libertarianism.org (een tak van het Cato Institute) en het lijkt wel alsof hij aan een nieuw boek aan het schrijven is onder de titel Freethought and Freedom. De laatste vijf van zijn serie essay's gaan over het denken over vrijheid van Spinoza. Ik heb er al eens eerder in een blog op gewezen, maar nu wil ik er in dit  blog nog eens apart op wijzen.  Om in de gaten te houden.

Lees verder...

David Bidney (1908 - 1987) slotbeschouwing

Vandaag sluit ik mijn reeks over David Bidney en zijn Spinoza-boek af, hoewel er nog veel meer te zeggen zou zijn over: The Psychology and Ethics of Spinoza. A Study in the History and Logic of Ideas (1940, 21962).

Hoewel ik soms een beetje aan het twijfelen wordt gebracht door slordigheden en fouten blijft mijn oordeel naar het positieve overhellen. Ik geniet van zijn beschrijvingen en analyses, juist ook omdat hij er zoveel uit de geschiedenis van de filosofie bijhaalt. Op die manier zet hij je aan het vergelijken en het denken. Ik trek me daarbij niet zoveel aan van zijn wat arrogant overkomende diagnoses over waar Spinoza zich volgens hem allemaal niet van bewust zou zijn geweest; waar hij eclectisch geprobeerd zou hebben tegenstrijdige benaderingen in één visie te verzoenen, terwijl hij dan de daarin binnensluipende interne tegenspraak niet gemerkt zou hebben.

Ik geef een voorbeeld uit het XIIIe hoofdstuk “The Summum Bonum,” waarin hij datgene waar de Ethica op uitloopt behandelt. Ik citeer daaruit de volgende passage die na lange beschouwingen de stand van zaken als het ware als volgt nog eens samenvat:

Lees verder...

De herem (cherem) werd vandaag 359 jaar geleden over Spinoza uitgesproken

Op 27 juli 1656 werd - wegens ‘vreselijke ketterij’ en ‘schandelijke daden’ - de banvloek over Spinoza uitgesproken. En zijn naam werd fors doorgehaald in het ledenregister van Ets Haim:

 

Er zijn geen duidelijke tekenen overgeleverd, waaraan af te lezen is dat hijzelf daar nog erg mee bezig geweest zou zijn. Hij zou, volgens Lucas, in het Spaans een apologie hebben geschreven. Maar die is - als hij al verzonden zou zijn – niet bewaard gebleven. Hooguit wordt door sommigen aangenomen dat delen ervan in de TTP terecht gekomen zouden zijn.

Nee, het lijkt er eerder op dat Spinoza helemaal klaar was met de joodse gemeenschap.

Hoe anders is dat soms (sinds eertijds de maskilim) ook tegenwoordig met joodse gemeenschappen hier en daar op de wereld, die nog wel met Spinoza bezig zijn en hem weer in hun midden willen begroeten.

Zo hield in maart van dit jaar het Stroum Center for Jewish Studies aan de Universiteit van Washington zich met Spinoza bezig. Michael Rosenthal hield een lezing, “Was Spinoza a Heretic or a Theologian?”, nadat de studenten gevraagd was zich uit te spreken over de vraag of ze de ban zouden willen herroepen. [Cf.]

Lees verder...

Spinoza, "an odd Philosopher" volgens Henry Oldenburg

           

In de toelichting bij brief 30 in Spinoza’s correspondentie, blijkt dat twee fragmenten van die brief bekend werden uit brieven die Oldenburg aan anderen schreef (aan Robert Moray en Robert Boyle) en waarin hij grote delen in het Latijn overnam uit een brief die hij recent ontvangen had van "an odd Philosopher”, waaraan hij in de brief aam Boyle toevoegt, “it being Signior Spinoza”. Dat weten we dan. Maar wat weten we dan?

Hubbeling gaat er in zijn toelichting niet op in. Wel kan ik melden dat het eerste fragment van die brief 30 met vertaling en toelichting van W.G. van der Tak in het 40 Jaarverslag (1937) van Het Spinozahuis, p 34-41, waarnaar Hubbeling verwijst, bijna in z’n geheel (op de laatste pagina na) op books.google is in te zien. Ook van der Tak gaat op dat oddity niet in.

Lees verder...

Inutilis scientia Spinozana [135] Spinoza in de Colección: Filosofía para profanos

De Spaanse uitgever in Valencia, Tandem Edicions, die voor zover ik kan nagaan vooral kinderboeken uitgeeft [cf.], begon in het begin van dit Millennium met een Colección: Filosofía para profanos. De boekjes worden geschreven door filosofe Margarita (Maite) Larrauri Gómez [cf. CV] en geïllustreerd door Francesc Capdevila die de pen-name Max voert. In de reeks verscheen ook dit boekje over Spinoza

Maite Larrauri Gómez, La felicidad según Spinoza. Tandem Edicions, S.L.; 1 de noviembre de 2003

Hierna nog enige voorbeelden uit deze reeks: 

Lees verder...

David Bidney (1908 - 1987) over de conatus

Eerst even dit. Inderdaad is er veel waarover je je aan Bidney’s Spinoza-boek kunt ergeren: hij laat zich niets gelegen liggen aan de manier waarop Spinoza z’n filosofie bracht (de geometrische orde): hij grasduint naar het hem uitkomt door de Ethica. Ook citeert hij uit de KV en de PPC, zonder enige restrictie. Zo haalt hij uit de PPC een passage aan over de vrije wil, zonder ernaar te verwijzen dat Spinoza zich via het voorwoord van Lodewijk Meijer juist daarvan expliciet distantieerde. Bidney bestaat het Spinoza doodleuk van tegenspraak t.a.v. de vrijheid van de wil te beschuldigen. Datzelfde doet hij w.b. Spinoza’s standpunt over Gods oneindig verstand, waarover hij 1/17 citeert zonder in de gaten te hebben dat Spinoza daar een contrafactisch betoog heeft opgezet. Er is veel aan te merken op de manier waarop hij Spinoza’s filosofie van de geest behandelt. Op p. 39-40 maakt hij de vergissing niet het onderscheid te zien tussen het zijn en het hebben van een geest. Hij ziet Spinoza een louter passieve geest schetsen (die lichaamsaandoeningen weerspiegelt); maar dan is er ineens het actieve intellect, als een soort ‘brute fact’; en zo ziet hij Spinoza een sterk dualistische conceptie van de geest te hebben samengesteld uit een actief intellect en een passieve imaginatio, waarmee Spinoza tegen zijn parallellisme in zou gaan, want Bidney leest de ‘geest als idee van het lichaam,’ als louter de passieve geest of imaginatio. I.p.v. te veronderstellen dat hijzelf Spinoza wellicht niet goed begrepen heeft, beschuldigt hij hem nogal gemakkelijk van inconsequentie. Hij vindt Spinoza inconsequent met te beweren dat er affecties van het lichaam zijn die geen relatie met de geest hebben (3/59), waar 2/12 toch eerder stelde dat er niets van wat in het lichaam gebeurt aan de geest ontgaat. [In 3/59 gaat het overigens over uitwendige aandoeningen, als zweten, trillen, verbleken e.d.)

Lees verder...

Inutilis scientia Spinozana [134] Spinoza zwaar ingelijst

Spinoza met olieverf op hout geschilderd en flink ingelijst door Danilo Attorresi - gevonden op Facebook van Foglio Spinoziano, 18 juni 2015.

Inutilis scientia Spinozana [133] Nieuwe ezel van Buridanus

                                  [Cartoon hier aangetroffen en daarna van andere tekst voorzien] 

Hoe David Bidney’s Spinoza-boek als een bom insloeg – een intermezzo

De Tweede Wereldoorlog was al een tijd aan de gang, maar het was de enige oorlog niet – er werden hier en daar ook kleinere guerrilla’s uitgevochten. Ik eindigde het vorige blog met de werkelijk vernietigende kritiek die Majorie Grene over Bidney’s boek schreef.  Er deugde helemaal niets aan. En ik vroeg mij af of er misschien wat achter stak. Was er iets aan de hand? Had ze een bijzondere band met Wolfson en/of diens Spinozaboek? Zodat ze hem en zijn boek meende te moeten verdedigen? Bij Spinoza kunnen we immers in 3/22 lezen dat als wij ons voorstellen dat iemand een geliefd voorwerp met droefheid aandoet, wij hem gaan haten.

In het jaar waarin Harry Wolfson’s Spinoza-boek uitkwam was hij 47 jaar en Marjorie Grene die toen 24 jaar was deed haar M.A. en het jaar erop haar Ph.D aan het Radcliffe College, van waaruit ze colleges volgde in Harvard University (waar vrouwen toen niet konden worden ingeschreven). Daar moet ze colleges bij Wolfson hebben gelopen. {Cf. haar CV] Speelde zich iets af als negen jaar eerder in Duitsland tussen 'Het meisje en de filosoof'? Maar in een interview op 94-jarige leeftijd zei Marjorie Grene over hem niet meer dan: “Wolfson was sort of off on his own somewhere.” [Cf.]   

Lees verder...

David Bidney (1908 - 1987) en de analysemethode die hij op Spinoza beweerde toe te passen

Riva Berleant, emerita Professor of Anthropology aan de University of Connecticut, presenteerde op de jaarvergadering van de American Anthropological Association, in november 2011 in Montreal, een paper "David Bidney: Professor, Theorist, and Correspondent". Daarin geeft ze veel informatie uit het cv van Bidney van wie ze in het begin van haar studie colleges had gevolgd. Ze schetst de moeite die hij heeft moeten doen om een universitaire aanstelling te krijgen. Ze vraagt zich af, nadat ze constateerde dat zijn naam niet meer voorkwam in syllabi over de geschiedenis van de antropologische theorie, hoewel zijn boek nog steeds in print is: “I wonder too if anyone talks about David Bidney any more.” [Cf.]

Wel datzelfde kun je je ook afvragen op het terrein van de Spinoza studies, maar er zijn zoals ik in het eerste blog al meldde, uitzonderingen. En dit blog vormt nu eveneens een uitzondering door aandacht aan hem en zijn Spinozaboek te besteden.

Hier wil ik noteren dat ik ontzettend blij ben het boek van David Bidney ontdekt te hebben: The Psychology and Ethics of Spinoza. A Study in the History and Logic of Ideas (1940, 21962. Soms zit hij er naast en maakt hij aperte fouten bij het begrijpend lezen van Spinoza (ik zal er t.z.t. een paar noemen), maar i.h.a. delft hij goud op juist wanneer hij teksten van Spinoza leest tegen de achtergrond van de relevante ideeëngeschiedenis. Soms overdrijft hij en wil hij Spinoza téveel begrijpen vanuit de klassieke of scholastieke filosofie, maar vaker verheldert hij er heel sterk Spinoza’s vindingrijke inzichten mee. Uiteindelijk ziet hij in Spinoza de moderne Renaissance filosoof die z’n theorieën baseert op de natuurwetenschappen zowel als op de menselijke rede, maar tegelijk een filosoof die de grote verworvenheden die de traditie te bieden heeft, in zijn systeem wil incorporeren.

Lees verder...

David Bidney (1908 - 1987) 'a renown Spinoza scholar' die Spinoza als incoherent zag w.b. de conatus

Zo gerenommeerd kan hij nu ook weer niet geweest zijn, als je ziet hoe weinig naar hem verwezen wordt. Weer een voormalige Spinoza-geleerde die geen eigen internetpagina heeft. Daar ga ik dus iets aan doen. Ik stuitte op hem doordat zijn Spinozaboek genoemd wordt in Matthew Kisner & Andrew Youpa (Eds.), Essays on Spinoza's Ethical Theory [2014 – zie blog] waarin gewezen wordt op boeken van LeBuffe's From Bondage to Freedom en Kisner's Spinoza on Human Freedom—in welke rij ze hun eigen boek plaatsen: “the first such books since Bidney's The Psychology and Ethics of Spinoza (1940).” Verderop zal ik laten zien dat recent op Bidney wordt voortgebouwd. Hij is niet helemaal vergeten. Maar nogmaals, er is geen wikipedia of biografische pagina aan hem gewijd - tenzij dan deze archiefpagina van zijn universiteit over de ‘David Bidney papers, 1930-1974’, waar enige gegevens te vinden zijn.

David Bidney werd geboren op 25 september 1908 in een joods gezin in de Oekraïne (toen Russisch). Naar Amerika gekomen volgde hij lessen aan de University of Toronto, waar hij in 1928 z’n BA en in 1929 z’n MA behaalde.  Vervolgens stapte hij over naar Yale University waar hij in 1932 z’n PhD behaalde met een dissertatie over Spinoza. Hierna bekleedde hij verschillende posities. o.a. als Instructor in Philosophy aan de Yale University, a Guggenheim Fellowship in Anthropology in 1950, tot hij in september 1950 verbonden werd aan de Indiana University als Associate Professor in het Department of Anthropology. In 1955 werd hij er Professor en op 1 juli 1974 ging hij met emeritaat. Hij overleed in 1987.

Lees verder...

Spinoza houdt van de natuur

De deelnemers aan de Groningse Summerschool Collogium Spinozanum bezochten op 9 juli 2015 het Spinozamuseum in Rijnsburg. Daarbij werd deze foto gemaakt van Spinoza's buste in het groen (zie door op deze uitsnede te klikken de hele foto van een indrukwekkend groene tuin).

Vandaag internet-voorpublicatie van artikel Henk Keizer in Epoché

Meer dan een jaar geleden kon ik in een blog, getiteld “Henk Keizer helpt het Pancreas-probleem de wereld uit,” melden dat Epoché: A Journal for the History of Philosophy, zijn artikel geaccepteerd had dat gaat over:

Is There a "Pancreas Problem" in Spinoza’s Theory of the Human Mind?

Abstract: This article explores a new reading of an important section of Part II of Spinoza’s Ethics. It recognizes that Spinoza actually differentiates between the human mind conceived from the viewpoint of its cause and the human mind conceived from the viewpoint of its nature. It shows, most importantly, that Spinoza assigns different objects to those ‘minds’. Consequently they represent different knowledge of the body. It will appear that the human mind in respect of its cause represents non-conscious knowledge of the human body and that the human mind in respect of its nature represents conscious knowledge of the human body. It will be shown that knowledge of the inner processes of the human body and of the body per se belongs to the domain of non-conscious knowledge. The same conclusion will be obtained in an analysis that starts from the distinction between the formal and the objective being of the human mind.

Lees verder...