Wim Klever in het Amsterdamse De Pintohuis

Gisterenavond, maandag 14 december, gaf Wim Klever voor de Amsterdamse Spinoza Kring in het De Pintohuis een lezing die vooral over zijn boek ‘Mannen rond Spinoza’ zou gaan en ook wel ging, maar Klever zei dat hij bij nader inzien liever over John Locke en zijn afhankelijkheid van Spinoza had gesproken.

Haije Bouwman stuurde mij voor dit weblog enige foto´s en een kort verslagje aan de hand van de aantekeningen die hij maakte, waarvoor ik hem hierbij hartelijk dank. Ik was niet in staat de avondbijeenkomst bij te wonen - daarvoor ligt Maastricht voor wie van het openbaar vervoer afhankelijk is, toch te ver van Amsterdam. Uiteraard betreft dit verslagje een persoonlijke selectie, waarin onjuistheden kunnen voorkomen, zo stelt Haije. Maar ik moet zeggen dat ik erg veel herken van onderwerpen en standpunten die ook op een of andere manier in dit weblog en in teksten van Klever op benedictusdespinoza.nl aan de orde waren.

Klever bedankte de ASK voor de uitnodiging en koppelde daar direct aan vast dat hij ‘al 20 jaar niet door de VHSH uitgenodigd wordt bij officiële gelegenheden’. Wrok daarover is hem niet bespaard gebleven: ‘ik ben ook een mens’.

Volgens Klever is zijn ‘Mannen rond Spinoza’ de inspiratie geweest voor ‘Radical Enlightenment van - ‘mijn goede vriend’ - Jonathan Israel.

Belangrijk volgens Klever was in 1989 zijn ontdekking van de tekst van Olaus Borch, die schreef over zijn verblijf in Amsterdam waar hij hoorde spreken over een atheïstische groep rond Van den Enden. Klever noemt de periode Van den Enden/Spinoza dan ook een verbluffende ontwikkeling, een intellectueel hoogtepunt in de wereldgeschiedenis binnen zeer korte tijd.

Klever benadrukt dat zijn boek ‘blijft staan’ naast het geweldige Radical Enlightenment van Israel. Maar als hij nu ‘Mannen rond Spinoza’ had geschreven dan zou hij daaraan de volgende toevoegen:

·      Bouwmeester, die met zijn vragen over ‘hoe men wijs wordt’, volgens Klever, de aanleiding was voor E5,

·      Christiaan Huygens omdat die veel meer contact met Spinoza had dan algemeen bekend is,

·      John Locke, die Klever nadrukkelijk één van de mannen rond Spinoza noemt. Het bewijs daarvoor ligt in de correspondentie van Spinoza met Oldenburg en via hem met Boyle. Locke was toen namelijk een assistent en intimus van Boyle. Het kan volgens Klever niet anders of Locke heeft toen al gretig kennis gemaakt met de ideeën van S. Hij citeert een brief van Spinoza aan Oldenburg over de wetmatigheid van de natuur, naar aanleiding van een vraag van O, waar de Engelsen ontzettend van onder de indruk zijn en waarin een ‘enthousiaste’ Locke aanleiding ziet om zijn lof te uiten over S en Lodewijk Meijer. 'Locke was besmet door het spinozistische virus'. Volgens Klever heeft Locke niets anders gedaan de Ethica ‘recyclen’. In tegenstelling tot wat Israel zegt is Locke, die in Amsterdam in ballingschap verbleef toen hij zijn belangrijkste werk schreef, volgens Klever geen vertegenwoordiger van ‘de gematigde verlichting’.

·      Bredenburg. Klever in een kenmerkend terzijde: Wieb van Bunge is in zijn proefschrift, dat ik goedgekeurd heb, ondanks het uitstekende historische onderzoek, niet doorgedrongen tot de filosofische essentie van Bredenburgs tekst.

·      Abraham Cuffeler, die volgens Klever een Kapitale toelichting heeft geschreven op de fysica van Spinoza

·      De Volder, hoogleraar in Leiden; een ‘groot spinozist’!

·      Boerhave.

Tot zover de toevoegingen die Klever graag wil maken aan zijn ‘Mannen rond Spinoza’.

Klever benadrukte de enorme rol van Meijer en hij ziet de TTP van Spinoza als een uitwerking van Meijers ‘Philosophia’. Hij bestrijdt fel dat er onenigheid was tussen Spinoza en Meijer, zoals vele boze tongen beweren.

Klever gaf vervolgens een prachtig verslag van zijn zoektocht naar de teksten van Van den Enden in Parijs (voor mij waardevol om mee te maken), en hoe hij de al bekende tekst over 'Nieuw Nederland' aan de naam Van den Enden kon verbinden. Volgens Klever is de opvatting van Spinoza over democratie gelijk aan die van Van den Enden.

Klever concludeert: dus hebben Van den Enden en Spinoza via Locke, die dus een ‘spinozist’ is, invloed gehad op de ‘Declaration of Independence’ van de VS, waarvan wordt erkend dat die op Locke gebaseerd was.

De periode Spinoza ziet Klever als vergelijkbaar met de bloeiperiode van de Griekse filosofie. Amsterdam was in die tijd een explosie van brandstof en die de heersende orde op zijn kop heeft gezet. De start van de Franse Revolutie ligt met Spinoza hier in Amsterdam!