Vandaag internet-voorpublicatie van artikel Henk Keizer in Epoché

Meer dan een jaar geleden kon ik in een blog, getiteld “Henk Keizer helpt het Pancreas-probleem de wereld uit,” melden dat Epoché: A Journal for the History of Philosophy, zijn artikel geaccepteerd had dat gaat over:

Is There a "Pancreas Problem" in Spinoza’s Theory of the Human Mind?

Abstract: This article explores a new reading of an important section of Part II of Spinoza’s Ethics. It recognizes that Spinoza actually differentiates between the human mind conceived from the viewpoint of its cause and the human mind conceived from the viewpoint of its nature. It shows, most importantly, that Spinoza assigns different objects to those ‘minds’. Consequently they represent different knowledge of the body. It will appear that the human mind in respect of its cause represents non-conscious knowledge of the human body and that the human mind in respect of its nature represents conscious knowledge of the human body. It will be shown that knowledge of the inner processes of the human body and of the body per se belongs to the domain of non-conscious knowledge. The same conclusion will be obtained in an analysis that starts from the distinction between the formal and the objective being of the human mind.

Het was een flinke poos geduld beoefenen, maar nu is het er dan. De papieren editie zal komend najaar, waarschijnlijk september, uitkomen, maar een reeks artikelen wordt al eerder als PDF online beschikbaar gesteld – daaronder dit artikel van Henk Keizer (wel alleen gratis in te zien door intekenaars of degenen wier universiteit een abonnement heeft; anderen kunnen het tegen betaling verwerven).

Het probleem dat Keizer op zijn gedegen wijze van tekstanalyse tackelt, ontving de naam van Michael Della Rocca, maar was al eerder in 1980 gezaghebbend verwoord door Margaret D. Wilson in haar artikel "Objects, ideas, and ‘minds’: Comments on Spinoza's theory of mind" [in: Richard Kennington, The Philosophy of Baruch Spinoza].

Na zijn vaststelling dat de menselijke geest de idee is van het lichaam (2/11 en 13) stelt Spinoza in 2/12: “wanneer het object van de idee dat de menselijke geest uitmaakt een lichaam is, kan er niets in dat lichaam gebeuren dat niet door de menselijke geest wordt waargenomen [percipiatur].” En vervolgens begint de geest pas (volgens 2/19) z’n lichaam, de wereld en zichzelf waar te nemen via ideeën van de aandoeningen van het lichaam. Hier werd door scholars een inconsequentie in gezien en velen vonden sowieso ongeloof-waardig dat onze geest van élk proces in ons lichaam ideeën zou vormen.

Henk laat zien dat Spinoza duidelijk onderscheidt tussen onbewust en bewust waarnemen, een verschil dat zichtbaar wordt als men ziet dat Spinoza redeneert vanuit ofwel de oorzaak van de geest ofwel van de de aard of natuur van de geest, zodat hij het probleem via dat verschil de wereld uit helpt. Hij verwoordt het duidelijk in z'n samenvatting. Iets meer van de inleiding is in het vorige blog te lezen.

Het is zijn tweede artikel in een internationaal peer reviewed wetenschappelijk tijdschrift. Eerder verscheen van hem 
 
Henk Keizer: "Spinoza's Definition Of Attribute: An Interpretation." In: British Journal for the History of Philosophy. Volume 20, Issue 3, 2012 [cf. blog].

Henk, van harte gefeliciteerd met deze beangrijke publicatie, die - zo mogen we wel verwachten - niet onopgemerkt zal blijven.

                                                                                            Stan Verdult  

 

Reacties

Dankjewel, Stan, ook voor de aandacht die je er aan besteedt.

Een kleine aanvulling: ik spreek liever over niet-bewuste en bewuste kennis van het lichaam
Misschien mag ik nog even de slotregel vermelden die ik later heb toegevoegd:
'These [three] analyses provide for an unanimous answer to the question posed in the title of this article: No, there is no 'pancreas problem' in Spinoza's theory of the human mind.'

En hierbij ook mijn felicitaties Henk voor deze knappe prestatie!