Teresa van Avila, Spinoza en hun amor Dei

Het zal wellicht nogal verrassend overkomen, maar ik heb de indruk, het sterke gevoel dat de amor Dei intellectualis van Spinoza en de ervaren mystieke amor Dei (imaginationis?) van Teresa van Avila niet erg ver van elkaar liggen. De contemplatieve heilige en de contemplatieve filosoof vormen elkaars perfecte aanvullende tegenhanger: beiden zijn een uitingsvorm van diepe affectio, een vorm van handelen die geheel uit hun diepste zelf voortkomt. Hoe dicht naderen ze elkaar.

Ik kom hierop nadat ik voorbije dagen zowel het artikel van Yitzhak Y. Melamed over "Spinoza's Amor Dei Intellectualis" las [cf. blog], als intensief en vaak heb geluisterd naar de schitterende vertolking door sopraan Montserrat Figueras (1942 - 2011), Jordi Savall op de viola de gamba en andere leden van hun Hesperion XXI, van het mooie mystieke gebed van Teresa van Avila, "Alma, Buscarte has en Mí, y a Mí buscarme has en ti: Ziel, zoek jezelf in Mij, en zoek Mij in jezelf." Ik kende dat stuk al van sinds ik het op 2 november 2007 opnam van het fraaie, nu niet meer bestaande, Belgische radioprogramma Klara Visioenen. Ik vond het altijd al een schitterende melodie - zo prachtig gespeeld en gezongen. Maar op vrijdag, Goede Vrijdag, toen ik het op m'n harde schijf tegenkwam en op Youtube opzocht en daar dezelfde opname beluisterde, heb ik voor het eerst de tekst die daar gegeven werd, tot me laten doordringen, vooral nadat ik gelukkig een Nederlandse vertaling ervan kon vinden [hier van H. Blommestijn]. En hoe stegen inhoud en performance naar nog grotere, duizelingwekkend grote, hoogte. Dat iets zó mooi kan zijn. Hieronder breng ik tekst, vertaling en video, maar eerst nog dit.

Amor Dei intellectualis

Mij interesseert, kennelijk meer dan Yitzhak Y. Melamed, hoe Spinoza laat zien dat iemand (een particulier eindig mens) zichzelf met een scientia intuitiva kan zien in het licht van het geheel (sub specie aeternitatis) en zo een amor Dei intellectualis kan bereiken - die dan vervolgens ook nog eens de liefde van God zelf voor zichzelf en voor de mensen is. Hoe dat laatste mogelijk is, hoe dit past in Spinoza's leer, is het onderwerp van Melamed's artikel. Een informatief en boeiend stuk, maar mij interesseert vooral dat eerste: dat een mens daarnaar kan reiken en het bereiken. Maar via Melamed's benadrukking lijkt het eerder of Spinoza God ons aldus doet bereiken. En zo komt het dat er - hoewel de godsopvattingen zo lijken te verschillen - toch een grote gelijkenis te zien is tussen Teresa van Avila's tekst die ik hieronder breng, en Spinoza. Maar eerst wie was

Teresa van Avila (1515 - 1582)

Volgend jaar zal herinnerd worden dat deze opmerkelijke R.K. heilige 500 jaar geleden in Avila in Spanje ter wereld kwam. Op katholiek.nl, waaraan ik voor het gemak iets over haar ontleen, vind je niet dat zij uit een converso-familie stamde, dus dat zij een joodse achtergrond had.*) Haar vader [Alonso de Cepeda] was een zeer vroom man en zeer strikt in de leer. Zou daar geen angst voor de inquisitie achter hebben gezeten? Hoe dan ook, men gaat ervan uit dat Theresa voorzichtig was en later altijd haar converso-identiteit maskeerde.
Teresa was zeer knap van uiterlijk en dacht als tiener alleen maar aan jongens: flirten, rebels gedrag en uitdagende kleding. Haar vader achtte haar op haar 16e zo ontspoord dat hij haar in een klooster deed. Aanvankelijk had ze een hekel aan het klooster, maar langzaam veranderde haar houding, vooral daar het klooster minder strikt was dan haar vader. Haar liefde voor God ontkiemde. Op 3 november 1537 legde Teresa haar kloostergeloften af bij de Karmel in Avila. Ze kreeg malaria, raakte zelfs in coma, gevreesd werd dat ze ging sterven. Met blijvende verlamming aan haar benen werd ze weer beter; naar zij zelf meende door tussenkomst van Sint Jozef. Het viel haar moeilijk te bidden, wat ze jarenlang niet deed tot een priester haar van de waarde van bidden overtuigde. Dan wordt Teresa almaar vromer, wil een contemplatief klooster stichten en eenvoudig in armoede leven, toegewijd aan gebed, vooral aan stil, mentaal bidden. Ondanks veel tegenwerking lukt het haar een Sint Jozefklooster te stichten. In de volgende jaren krijgt ze visioenen en schrijft ze o.a. de Weg naar Volmaaktheid; ook schreef ze de Innerlijke Burcht of het Kasteel van de Ziel. In 1567 bezocht de generaal-overste van de Karmelorde Teresia, keurde haar werken goed, en vroeg haar meerdere kloosters te stichten. Op haar 51e voelde ze de drang om de Karmelbeweging te hervormen naar meer volmaaktheid. Geholpen door Johannes van het Kruis stichtte ze vele kloosters, zoals in Malagon, Valladolid, Toledo, Salamanca en Sevilla. Het leidde tot de oprichting in 1580 van een separate orde van de Ongeschoeide karmelieten. De orde wordt ook wel Teresiaanse Karmel genoemd. Ze werd weer ziek en overleed op 4 oktober 1582 in Alba de Tormes.
Op 24 april 1614 volgt haar zaligverklaring en op 12 maart 1622 wordt ze heilig verklaard.

Haar voornaamste werken zijn: Libro de la vida (begonnen in 1562, voltooid in 1565), El camino de perfección (c. 1566), Las fundaciones (1573), en Las moradas of El castillo interior (1577).

Als we goed luisteren naar haar tekst, Alma, buscarte has en Mí, y a Mí buscarme has en ti - Ziel, zoek jezelf in Mij, en zoek Mij in jezelf - en deze goed tot ons laten doordringen, merken we daarin niet alleen maar imaginatio maar ook intellectio. Net zoals Spinoza's amor Dei intellectualis aspecten van de verbeelding heeft. Al zijn het alleen de woorden maar, die hoe dan ook stammen uit de imaginatio - daar komen we als mensen nooit los van, ook Spinoza niet.
Beiden zijn diepgaand beïnvloed door de Bijbelse metafoor dat wij mensen geschapen zijn naar het beeld van God - dat wij het evenbeeld van God zijn.

Ethica 5/36: "De verstandelijke liefde van de geest jegens God is deze liefde van God, waarmee God zichzelf liefheeft, niet voor zover hij oneindig is, maar omdat hij zich door middel van het wezen van de menselijke geest, beschouwd als eeuwig, laat kennen, dat wil zeggen, de verstandelijke liefde van de geest jegens God is een deel van de oneindige liefde waarmee God zichzelf liefheeft."

Dan nu het mystieke innerlijke gebed waarin de geest of ziel wordt aangesproken door een 'Mij'

Alma, buscarte has en Mí, y a Mí buscarme has en ti.

Ziel, zoek jezelf in Mij, en zoek Mij in jezelf.

De tal suerte pudo amor,
Alma, en Mí te retratar,
que ningún sabio pintor
supiera con tal primor
tal imagen estampar.

Zo heeft, de kracht van liefde,
o ziel, jouw beeld in Mij kunnen prenten,
dat geen wijs schilder,
met al zijn meesterschap,
dat beeld zou kunnen maken.

Fuiste por amor criada
hermosa, bella, y ansí
en mis entrañas pintada,
si te pierdes, mi amada,
Alma, buscarte has en Mí.

Jij werd uit liefde geschapen,
mooi, knap en zo diep
in mijn binnenste getekend,
dat, als jij jezelf verliest, mijn lief,
ziel, jij jezelf moet zoeken in Mij.

Que yo sé que te hallarás
en mi pecho retratada,
y tan al vivo sacada,
que si te ves te holgarás
viéndote tan bien pintada.

Ik weet, als jij je ooit zou vinden
getekend in mijn hart
en zo naar het leven uitgebeeld,
dat het je verheugen zou, bij het zien van jezelf,
je zo prachtig getekend te zien.

Y si acaso no supieres
dónde me hallarás a Mí,
no andes de aquí para allí,
sino, si hallarme quisieres
a mí, buscarme has en ti.

En mocht je soms niet weten
waar je Mij zult vinden,
dwaal dan niet van hier naar ginds,
maar, als je Mij vinden wilt,
moet je Mij in jezelf zoeken.

Porque tú eres mi aposento,
eres mi casa y morada,
y ansí llamo en cualquier tiempo,
si hallo en tu pensamiento
estar la puerta cerrada.

Want jij bent mijn onderdak,
jij bent mijn thuis en verblijf,
en daarom klop ik altijd bij jou aan,
wanneer ik vind in jouw gedachten
de deur gesloten.

Fuera de ti no hay buscarme,
porque para hallarme a Mí,
bastará sólo llamarme,
que a ti iré sin tardarme
y a mí buscarme has en ti.

Buiten jezelf hoef je Mij niet te zoeken,
want om Mij te vinden
zal het genoeg zijn Mij alleen maar te roepen;
Ik zal dan zonder talmen naar jou toegaan
en Mij moet je zoeken in jezelf.

Nederlandse vertaling van H. Blommestijn [hier ]

Vertolkt door:  

- Montserrat Figueras (Soprano).
- Jordi Savall (Viola de gamba)
- Friederike Heumann (Viola de gamba bajo)
- Andrew Lawrence-King (Arpa cruzada)
- Begoña Olavide (Salterio)

____________

 Bronnen

*) Wel grappig vind ik dat ook Rebecca Goldstein, zo ontdekte ik later, in haar Betraying Spinoza: The Renegade Jew Who Gave Us Modernity [books.google] merkte dat diverse katholieke websites die joodse voorgeschiedenis van Teresa van Avila niet melden. Nadat Goldstein stelde dat vele nakomelingen van conversos zich tot zeloten of zelfs tot heilige steunpilaren van het katholicisme ontwikkelden, schrijft ze:

"St. Teresa of Avila, for example, the brilliant mystical writer and Carmelite reformer, belonged to a New Christian family, even though many of the Catholic Web sites I've visited list her simply as deriving of Spanish noble stock. It's true that her grandfather, a Toledan merchant named Juan Sanchez de Toledo, transferred his business to Avila, where he succeeded in having his children marry into families of the nobility, which was a path to which many conversos aspired as a way of securing some degree (by no means absolute) of security against the charges of secret Judaizing. The future Catholic saint was born in 1515, twenty-three years after the Great Expulsion. She became one of the alumbrados, or illuminated ones, as the Spanish Christian mystics were known. (She was also the teacher of St. John of the Cross, another alumbrado and author of Dark Night of the Soul.) Her extraordinary personality, as well as the Christian sincerity of her upbringing, can be inferred from this tale of the saint I got from a catholic Web site: "Her courage and enthusiasm were readily kindled, an early example of which trait occurred when at the age of 7 she left home with her brother Rodrigo with the intention of going to Moorish territory to be beheaded for Christ, but they were frustrated by their uncle, who met the children as they were leaving the city and brought them home. [p. 214-15]

Hier een INLEIDING OVER THERESIA VAN AVILA, waarin wel wordt vermeld dat ze joodse voorouders had [PDF]
Ik verwijs hier ook naar een lezing over Teresa van Avila door pastoor Tjeerd Visser op 22 april 2014 [een dag na dit blog] in de Titus Brandsmakapel in Dordrecht. [Cf.]

Elaini G. Tsoukatos, Finding God in all things: Theresa of Ávila's use of the familiar. Dissertatie, 2011 [PDF]

Peter Tyler, Teresa of Avila: Doctor of the Soul. A&C Black, 2014 - books-google

Gareth Davies, Teresa de Jesús and her World. Leeds: Trinity and All Saints College, 1981. [Daarin hoofdstuk "St Teresa and the Jewish Question"]

Paul G. Kuntz, "Ultimate Religions. Santayana, Spinoza and St. Teresa of Avila." In: Studies in Spirituality, Volume 10 [2000], pp 242-254
Abstract: 'Ultimate religions' is based on George Santayana's 'Ultimate Religion', an oration given in The Hague on the celebration of the three hundredth anniversary of the birth of Spinoza! In another holy place, Avila, the occasion celebrating Santayana's achievements, in 1992, there was occasion to compare and contrast the piety and the spirituality of Teresa of Avila and St. John of the Cross to the naturalistic way of salvation with which Santayana himself is usually identified. What has not been previously been noted is that while he praises the respect for power (or matter) and harmony with truth, he also finds this way deficient in love of God and neighbor. this way is in some way superior to Spinonza's. The rationalist ignores the good of the heart, and the dark night of the soul, to which Catholic saints bear witness. The similarities between what we read in Santayana's three stages of salvation places him also in the tradition expounded in The Ascent of Carmel. It might be objected that neither a contemplative saint nor a contemplative philosopher makes a place for the vita activa, and praises the better way of Mary, the vita contemplativa. But this is not so in Teresa or Santayana. Both defend the possibility and actuality of the vita mixta. Are there in Santayana only two ways, naturalistic and Catholic? There are at least two other ways that are also called 'ultimate'. These are the Buddhist contemplation of essences, and the Biblical way of Jews and Protestants, devotion to the ideal of the convenant and the kingdom of God. [Peeters]

April D. De Conick, Paradise Now: Essays on Early Jewish and Christian Mysticism. Society of Biblical Lit, 2006 - books.google [heeft overigens niets over Teresa van Avila]

Charlie Blake, Chapter 9 - "A Preface to Pornotheology: Spinoza, Deleuze and the Sexing of Angels," in: Frida Beckman (Ed.), Deleuze and Sex. Edinburgh University Press, 2011, pp. 174-199. - books.google [Heeft veel over Theresa of Avila & exctacy]

                                         * * *

Uit een rede die prof. dr. R. van Brakell Buys hield, "De Wijsheid van Spinoza en de Schoonheid der Tachtigers," [Mededelingen vanwege Het Spinozahuis,  XVI, Leiden, Brill, 1959 books.google] begrijp ik dat ik me met het schrijven van dit blog in het kielzog van Lodewijk van Deyssel bevind - ach 't kon minder. Bij van Brakell Buys is te lezen:

"Veel bevruchtender dan op de geest van Gorter heeft het Spinozisme gewerkt op de geest van zijn vriend Van Deyssel. Het was overigens door Gorter, dat de laatste Spinoza leerde kennen. Hij zag het verband tussen de grote Katholieke mystici, Dionysius de Areopagiet, Ruusbroec, Suso en vooral Teresa van Avila, wier werken hij grondig had bestudeerd „op rijpere tijd, toen er van enig waar in leven in de hogere regionen van het gedachtenleven sprake kon zijn" en de verkonder van de „Amor intellectualis Dei". Wat Van Deyssel op Gorter voorhad was een groter beweeglijkheid van geest, die hem voor verstarring behoedde. Spinoza was voor hem niet de enige, de alleen zaligmakende. Hij was slechts een van de meesters, die zijn gedachten verrijkt hadden en hij plunderde onbevreesd zijn werk om hetgeen hij zich had toegeëigend in een meer omspannend verband te doen opgaan. Het was de geesteshouding van de eclecticus tegenover de dogmaticus. Het is bekend dat Van Deyssel begonnen is als verheerlijker van de naturalistische kunst. Reeds in die tijd betekende voor hem de natuur de hoogste aller waarden, de opperste werkelijkheid. "

                                         * * *  

Hune Margulies, Ph.D. had in korte tijd op THE MARTIN BUBER INSTITUTE FOR DIALOGICAL ECOLOGY (waarop hij geen hoofdletters gebruikt) twee blogs, 7 augustus 2012 "spinoza and love, contemplation and dialogue" [cf.] en op 16 augustus 2012 "on teresa, juan and eckhart. two varieties of mystical experience." [cf.]. In dit laatste lezen we: "teresa, in contrast, speaks not of love per-se, but of compassion, for compassion is love as it applies to other beings in need. with this emphasis on a loving-ethical response to the presence of the divine within us, that is to say, a response in which the aspects of love and the aspects of ethics merge as one and the same, teresa's vision, i argue, is more quintessentially faithful to her jewish-marrano spiritual ancestry. it brings spinoza to mind, another son of marranos. when spinoza spoke of "intellectual love of god" his reference was the biblical genesis concept of "da'at", when adam "knew - (da'at)" eve and they became as one body. this is loving knowledge, or the knowledge that can be attained solely through the deed of love and the love that can be felt only through the knowing of the other." [Daarover, over Spinoza en liefde, had hij meer geschreven in het eerdere blog over Spinoza]

Dit doet mij denken aan mijn blog van 16 november 2009 over Amor Dei intellectualis, waarin ik het verband met "Jadah" legde (ik neem aan dat het hier gegeven "da'at" hetzelfde begrip betreft?)

                                         * * * 

Al lukt het mij niet die vreemde zgn. biografe van Spinoza serieus te nemen, ik kan er niet omheen te erkennen dat

Margaret Gullan-Whur, in Spinoza: een leven volgens de rede [Vert. Jabic Veenbaas, Lemniscaat Publishers, 2000 - books.google] het volgende beweert (verzint):

"Spinoza vond dat mystici, die zich meester maakten van de geestelijke Liefde tot God door het daarin aanwezige actieve, redelijke begrip te vervangen door passief geloof of verbeeldingskracht, liefde op een 'verwijfde' manier vervormden.

In het vijfde deel van de Ethica wilde hij opnieuw de actieve geest naar voren schuiven als het middel om God, of de Natuur lief te hebben en te kennen. Hij wilde een tegenwicht bieden aan gedachten als die van Theresia van Avila, die de plotselinge, heftige vervoering vergeleek met het opgenomen worden door de vleugels van een 'machtige arend [...] je beseft, en ziet ook inderdaad, dat je weggedragen wordt, je weet niet waarheen.' De arend, de meester van het luchtruim, symboliseerde traditioneel het hoogste, helderste en meeste actieve kenvermogen. Maar Theresia onttrok dit vermogen aan de menselijke geest, zoals ook de Kerk had gedaan, toen die het zinnebeeld van de arend in de bijbel-lessenaar verwerkte. En daarmee restte die geest alleen nog het passieve — het 'verwijfde.' Zo moet Spinoza ongetwijfeld Kerckrings bekering tot het katholicisme hebben gezien — als de verzwakking van de geest door een vrouw. In zijn extreme uitval naar Burghs keuze voor geloof en dogma ging hij nog verder. We kunnen hem er haast van betichten dat hij zich op een oud vooroordeel over vrouwen beroept als hij vraagt: [...] wie heeft u behekst [... ]? De verachting van de filosoof was altijd recht evenredig aan de potentiële capaciteiten van de gekluisterde geest. Wie overvloedig met intellectuele vermogens waren bedeeld, en vooral zij die over wiskundige talenten beschikten, werden bespot als ze zich overleverden aan bijgeloof." [p. 335]

Deze schrijfster bond voortdurend de strijd aan met Spinoza's vrouw-beeld en verzon daar van alles omheen (zoals het bovenstaande).  

                                          * * *  

Teresa van Avila was eerder op dit weblog aan de orde na.v. het haast orgastisch extatische beeld van Teresa van Avila van de beeldhouwer Gian Lorenzo Bernini.