Spinoza's bewustzijnstheorie [4] twee recente teksten

Begin april had ik een drietal blogs over Spinoza's bewustzijnstheorie volgens Steven Nadler en Andrea Sangiacomo. In dit blog ga ik niet inhoudelijk iets over Spinoza's mogelijke bewustzijnstheorie zeggen. Opzet is te wijzen op een tweetal op internet te vinden interessante teksten over dit onderwerp.

De tweede tekst die ik hierna zal noemen, baseert zich op een artikel van Michael LeBuffe uit 2010, waarin deze een kritische bespreking geeft van de verschillende manieren waarop door Spinoza scholars geprobeerd is Spinoza's bewustzijnstheorie te schetsen. En vervolgens biedt hij een eigen theorie waarin "conscious ideas are those with the most power."

Dit m.i. belangrijke artikel wordt bij het tijdschrift open als PDF aangeboden:

LeBuffe, Michael, “Theories about Consciousness in Spinoza's Ethics.” In: Philosophical Review 119 (2010): 531-63.

                      cartoon van The Philosopher's Brain [van hier]  

De tweede tekst waar ik op wijs, is een masterscriptie van Sam Entin Zahn en het is via deze dat ik die van LeBuffe ontdekte en er naar op zoek ging. Arrogant als een goede student betaamt, vindt Entin Zahn dat LeBuffe op de goede weg was, maar het tot een eerste aanzet liet die hij verder wil uitwerken. Hij doet dat in zijn masterthesis Spinoza and Consciousness die hij op 22 september 2013 aan de Diego State University onder verantwoordelijkheid van Steven Barbone verdedigde. Het PDF ervan is op internet te downloaden.

Vanuit de erkenning dat Spinoza geen bewustzijnstheorie geeft, ook niet een in de Ethica verborgen leer dienaangaande, wil hij een bewustzijnstheorie ontwikkelen die consistent is met Spinoza's metafysica, zijn theorie over de geest en geheel in de geest van zijn filosofie is en alleen toevoegen wat uit zijn ideeën volgt. Hij wil a.h.w. op zoek naar een missing link.

Hij begint met de "contemporary philosophy of mind" om vast te stellen waaraan voilgens hedendaagse standaards een bewustzijnstheorie dient te voldoen. Hijk bespreekt uitgebreid Daniel Dennett's Multiple Drafts model of consciousness, waarvan hij flink gebruik maakt.

Uiteraard bespreekt hij "phenomenal consciousness," or the qualitative feel of experience. Thomas Nagel's “what it is like to be an X” en David Chalmers's “subjective quality of experience” (p. 15). The essential mark of consciousness is that it has a subjective quality, a vividness.

Hij is intussen wel zo slim om niet in de hele breedte alle hedendaagse theorieën te behandelen, maar heeft Spinoza's filosofie in z'n achterhoofd, dus aan wat volstrekt niet bij Spinoza past gaat hij voorbij.

Daarna bespreekt hij de diverse benaderingen van het beperkte aantal "consciousness-concerned Spinoza scholars," waaronder hij vier hoofdinterpretaties onderscheid: w.o. ook de stroming zoals Bennett die meent dat er helemaal geen aanknopingspunten voor een bewustzijnstheorie in de Ethica zitten. Van degenen die deze wel zien is de belangrijkste stroming die meent dat voor Spinoza "consciousness is having an idea of an idea" (p. 18): de ideae idearum theory ook wel als “reflexive ideas” omschreven (van vooral Edwin Curley ). Hij geeft er uitgebreid kritiek op: the existence of an idea whose object is another idea does not give any explanation of phenomenal consciousness. One might allow that an idea of an idea would be a somewhat plausible theory of self-consciousness and perhaps other kinds of access-consciousness, but it is unclear how qualia arise from the idea-idea relation. [p.48] Belangrijkste bezwaar is dat deze benadering leidt tot "omniconsciousness." [p. 49]

Hij bespreekt Nadler. According to Nadler, “consciousness for Spinoza is a certain complexity in thinking that is the correlate of the complexity of a body.” [p. 49] Uiteindelijk komt hij uit bij Michael LeBuffe die vindt, `what we want out of a theory of consciousness is an account of selective consciousness. [p. 46]

LeBuffes eigen bewustzijnstheorie baseert zich op "the power of ideas interpretation of consciousness" [58] en deze is het waar Sam Entin Zahn zich achter opstelt en die hij verder wil ontwikkelen.

Ik heb hiermee slechts een zeer globale indruk gegeven van wat van deze scriptie verwacht mag worden.

Een commentaar
Hoewel het uiteraard geen zin heeft en ook niet mijn bedoeling is een soort recensie van deze tekst te geven, wil ik tenslotte nog wel de volgende opmerking maken. Met verbazing neem ik kennis ervan dat Steven Barbone zinnen laat passeren waarin sprake is van:

Each of us is a part of God as are all other things [...] being a different aspect of a chunk of God. (p. 10, 11) en: "God's body" (p. 36); "God – the body that is composed of all extended things." (p. 38)

Only substance exists; modes are parts of that substance (though only phenomenally) and attributes are ways in which limited minds, who are also part of substance, perceive it. (noot 52 p 31)

Dit zit er volkomen naast: God of de substantie is ondeelbaar en daar bestaan geen 'brokles' van en God heeft geen lichaam.

_____________-

Eerdere blogs over Spinoza's bewustzijnstheorie

1 april 2014 Spinoza's bewustzijnstheorie [1]

2 april 2014 Spinoza's bewustzijnstheorie [2]

3 april 2014 Spinoza's bewustzijnstheorie [3]

Reacties

Wat draag je toch weer mooi materiaal aan!