Spinoza-special van het Vlaams Marxistisch Tijdschrift

Het duurde even (ik hoorde er 30 sept. van en bestelde het meteen), maar inmiddels beschik ik over het herfstnummer van het Vlaams Marxistisch Tijdschrift (VMT, 43, nr 3) dat onder het thema “De politieke filosofie van Spinoza”, vijf artikelen bevat. Daarvan horen er overigens slechts twee echt onder dit thema thuis– het eerste van Sonja Lavaert enigszins en dat van Miriam van Reijen.

Tussen haakjes. Net nu ik via deze Spinozaspecial voor het eerst een nummer van de 43e jaargang van het VMT in handen heb, hoor ik dat het komende winternummer tevens het laatste zal zijn. ’t Blad stopt ermee.

De artikelen over Spinoza van nummer 43/3:

·       Sonja Lavaert (docent aan de faculteit Taal- en Letterkunde van de Vrije Universiteit Brussel): Geloof, angst, moed en macht: de elementen van Spinoza's politica
·       Miriam van Reijen: Spinoza: politiek en politieke filosofie
·       Sonja Lavaert: Over de verbetering van het verstand, een verantwoordelijkheid 
·       Mauricio Mello Vieira Martins (prof. Sociologie aan de 'Universidade Federal Fluminense' in Brazilië): Met Marx en Spinoza op zoek naar een emergentietheorie.
·       Sonja Lavaert: Boekbespreking van Miriam van Reijen, Spinoza. De geest is gewillig, maar het vlees is sterk.

Ik begin bij dat laatste. De bespreking van het boek van Miriam van Reijen geeft een behoorlijk goede impressie van het boek. In hele stukken van Lavaert’s tekst hoor ik a.h.w. de stem, de wijze van spreken, van Miriam van Reijen. Het lijkt net alsof Sonja Lavaert een lezing van Van Reijen heeft bijgewoond en haar aantekeningen in deze bespreking heeft meegenomen. Daarmee geeft het een goed beeld van Van Reijens leer over Spinoza. Ook de paar kritische opmerkingen zijn raak en komen ongeveer overeen met die ikzelf had in mijn bespreking van 7 april 2008 alweer [hier]

Het uitvoerige stuk van Sonja Lavaert over Spinoza’s De Verbetering van het Verstand (TIE) komt op mij over als een tekst die zij wellicht al langer geleden maakte. Opmerkelijk vond ik dat ze verantwoorde waarom ze voor de vertaling van Wim Klever koos en niet voor die van Van Suchtelen. De vertaling van Theo Verbeek noemt ze namelijk niet. Ook noemt ze hier niet het boek van Theo Zweerman uit 2006 dat ze wel in haar eerste artikel noemt, terwijl dat boek juist over de inleiding van de TIE gaat. Daarom denk ik dat zij nog wat op de plank had liggen. Het stuk is er overigens niet minder boeiend en treffend om, integendeel (ik denk dat ze zich flink door Klevers'toelichting heeft laten leiden), alleen vraag ik mij af waarom het in dit nummer staat – een themanummer waarin een goed artikel over de ‘wending naar de politieke interpretatie van Spinoza’ door de Franse filosofen uit de 60-iger en 70-iger jaren (en Negri) wel passender zou zijn geweest en/of een artikel over de Sowjet-marxistische waardering van Spinoza met de verschillende stromingen (van G.V. Plekhanov tot Evald Vasilyevitch Ilyenkov) daarbinnen, voor sommigen van wie Spinoza de ‘Marx zonder baard’ was.

Miriam van Reijen geeft, zoals we dat inmiddels van haar gewend zijn een gedegen samenvatting van de leer van Spinoza, zonder met hem of met de secundaire literatuur in debat te gaan. Ze heeft intussen al meermalen over Spinoza’s politieke theorie geschreven: in haar Spinoza-boek en in diverse lezingen, waarvan er enige op benedictusdespinoza.nl te vinden zijn. Wel aardig is op te merken dat ze in dit stuk niet ingaat op vrouwen onder degenen die naar Spinoza’s ervaring door de wet uitgesloten waren van meeregeren. Wel noemt ze de categorieën van kinderen, onder curatele gestelden, mensen met verstandelijke beperking en psychiatrische patiënten. Dat dat ook kon gelden voor vrouwen, zoals ze in haar boek uitvoerig verdedigde, laat ze hier weg.
Ik vind het het beste van de vijf artikelen.

Het openingsartikel van Sonja Lavaert is lang en daardoor ook enigszins langdradig. Zij wil a.h.w. in één keer de hele Spinoza geven. En dat lukt uiteraard niet. We krijgen een gemankeerde Spinoza. Voor haar is Spinoza vanzelfsprekend atheïst, viel hij “provocerend het geloofssysteem van de maatschappij aan” en zou hij gemeend hebben dat zonder atheïsme geen democratie mogelijk is. Het is dan ook niet toevallig dat zij Spinoza’s benadering van de functie van de godsdienst voor de vrede en rust in de samenleving niet noemt, dat ze zijn universele, algemene credo niet noemt, en zijn opvatting over de relatie tussen de staat en de godsdienst niet behandelt. Wat niet in je overtuiging past vermeld je niet. Zij volgt daarin trouw de jonge Marx (zie ’t artikel van Van Reijen, p. 31) die ook “Spinoza’s verwijzingen naar de positieve functie van openbaringsgodsdiensten voor naastenliefde en gerechtigheid in de staat systematisch weg [liet]”. Maar er staat gelukkig ook veel prima uitleg van Spinoza te lezen.

Het meest tegenvallend vind ik het artikel van Mauricio Mello Vieira Martins. Het belooft “de mogelijke grondslagen van een spinozistisch marxisme te bespreken”. Deze lezer verwachtte dus hiermee het hoofdgerecht van dit nummer voorgeschoteld te krijgen, maar hij kreeg slechts een hoeveelheid Haagse bluf. Het stuk geeft een nogal opgeklopte en opgeblazen indruk van notabene iemand met de pretentie dat het zijn taak is filosofische en wetenschappelijke kennis te verspreiden; iets dat misschien vooral door de vertaling aan het licht komt.

Voor mij werd duidelijk dat de auteur meer Marx dan Spinoza in zich heeft opgenomen. Heel veel van Marx’ teksten acht hij ook vandaag nog integraal verdedigbaar. Maar “voor wat Spinoza betreft is er nog veel werk van theoretische reconstructie nodig – bijvoorbeeld afstand nemen van het bestaan van een denkende God – opdat dit werk een bron van een vruchtbare inspiratie kan worden.”
[Dan hadden de Duitse Romantici Spinoza beter begrepen dat wij het zijn die de denkende modificaties van de substantie zijn: wij zijn die God en niet alleen in het diepst van onze gedachten.]

De auteur is enigszins ambivalent ten aanzien van Spinoza’s mordicus tegen elke teleologie zijn. Enerzijds kan hij er waardering voor opbrengen, anderzijds heeft hij er moeite mee. Maar vooral vindt hij dat Spinoza te rigoreus de mens en het menselijk handelen als onderdeel van de natuur zag. Daarmee zou diens naturalisme kunnen leiden tot ‘naturalisering’ van de ontstane sociale en economische verhoudingen. Marx heeft Spinoza wat dat betreft a.h.w. verbeterd door te laten zien dat de menselijke activiteit (arbeid, praxis) de natuur én de mens zelf (de menselijke natuur) voortdurend veranderde. Spinoza zou – daar had Hegel al op gewezen - in zijn ontologie geen ruimte hebben voor ontwikkeling, voor ontogenese en voor historische dynamiek. Spinoza's substantie, God of de natuur, is echter een en al dynamisch gebeuren.

De auteur behandelt dan het emergentiebegrip, waarmee gepoogd wordt om te laten zien dat samengestelde ‘hogere systemen’, systemen op een complexer niveau, een eigen causaliteit met een daarbij behorende eigen logica ontwikkelen, waarmee gebeurtenissen die op dat niveau worden gegenereerd niet meer verklaard kunnen worden vanuit de natuurlijke processen van het lagere/minder complexe niveau. Die oorspronkelijke natuur is nog wel geïncorporeerd op/in dat complexere niveau van nieuwe emergentie, maar kan van zich uit dat latere niet volledig verklaren. Natuurlijke determinaties zijn te herboetseren naar nieuwe niveaus, zijn daarin wel niet uitgewist, maar verklaren niet meer de gebeurtenissen (handelingen) van dat hogere niveau. Men mag categorieën van het natuurlijke niveau niet transporteren naar het biologische niveau en van dat niveau niet transporteren naar het niveau van de sociale relatie, maar het sociale zijn is en blijft wel doortrokken van het biologische en van het natuurlijke zijn (Lukács). De wetten van het eerste niveau blijken manifest onvoldoende om te begrijpen wat er zich in de nieuwe opkomende realiteit afspeelt. Vieira Martins is van mening dat Spinoza met teveel "onmiddellijkheid zich tussen de niveaus van een ontologie beweegt" en zich daar geen rekenschap van geeft. Het lijkt een beschouwing om teleologie in te brengen. Maar dat brengt nog geen telos in de natuur: doelen stellende mensen kennen de oorzaken van hun doelen niet.

Ik heb hier kort iets weergegeven uit dit artikel. Wat mij opvalt is hoe gegoocheld wordt met het begrip ‘natuur’, ‘natuurlijk niveau’, ‘oorspronkelijke natuur’. Alsof elke ‘hogere’ (tweede, derde) natuur daarmee buiten de ‘oorspronkelijke natuur’ zou vallen. Voor Spinoza is de natuur dynamisch én alomvattend; de natuur zoals hij die ziet (de substantie) omvat eenvoudig alles; daarbuiten kan er niets bestaan en/of begrepen worden. Met de introductie van een emergentietheorie en van de a.h.w. in niveaus gelaagde ontologie (en ontogenese), lijkt men zich a.h.w. buiten de ene substantie, buiten Spinoza’s God of de natuur, te willen manoeuvreren. Dat kan niet lukken. Spinoza zou zich echt niet laten vangen door een (b.v. materialistische of emergentistisch-materialistische) verenging van zijn alomvattende natuurbegrip. Spinoza behoedt ons ervan ook maar enig werkelijk fenomeen (ook geëmergeerde en emergerende fenomenen) als buitennatuurlijk te beschouwen. Hoe zouden wij alle vermogens van God of de natuur kennen!?

Het hád een iets interessanter artikel kunnen worden, als er vanuit minder poeha en met meer en serieuzer kennis van Spinoza zou zijn geschreven.

Al met al - ondanks deze kritische notities - blijft het natuurlijk interessant dat het Vlaams Marxistisch Tijdschrift een half nummer aan Spinoza wijdde. Een los nummer van VMT kost €7,50 en is te bestellen bij redactiesecretaris Guy Quintelier: imavo.vmt@scarlet.be.

 

Reacties

Een late reactie om te signaleren dat het Vlaams Marxistisch Tijdschrif nog steeds actief is, zij het dan op het web. Op onze website Spinoza in Vlaanderen http://blog.seniorennet.be/spinoza_in_vlaanderen brachten wij net een verwijzing naar het lentenummer van 2011, met opnieuw drie bijdragen over Spinoza.

Dank voor je bericht, Karel, maar een primeur voor spinoza.blogse is dit niet. Ik had uiteraard al meteen na uitkomen in maart 2011 een blog over dat Lentenummer:

http://spinoza.blogse.nl/log/lentenummer-vlaams-marxistisch-tijdschrift-brengt-drie-artikelen-over-of-nav-spinoza.html

uiteraard!