Spinoza is de grootste

Joël De Ceulaer: Denken Als Ambacht. De Levenswijsheid Van Tien Vlaamse Filosofen. Bezige Bij, maart 2012 -
€24,95 - ISBN 978 90 8542 340 9

Voor zijn boek Denken als ambacht interviewde De Standaard-redacteur Joël De Ceulaer tien Vlaamse filosofen met emeritaat. Wat hebben die gesprekken hem geleerd?

De tien zijn: Diderik Batens, Rudolf Boehm, Herman De Dijn, Hubert Dethier, Samuel IJsseling, Ulrich Libbrecht, Erik Oger, Herman Roelants, , Etienne Vermeersch, Jaap Kruithof.

Van tien punten waarin hij in De Standaard van 30 maart 2012 het geleerde samenvatte is het zesde:

6. Spinoza is de grootste
"Vermeersch, De Dijn en Libbrecht zijn heel uiteenlopende filosofen. Toch hebben ze alledrie veel bewondering voor Spinoza. Vermeersch vindt troost bij de zeventiende-eeuwse denker: ‘Mensen die belang hechten aan rationaliteit, kunnen bij Spinoza lezen hoe je de emoties binnen de perken kunt houden.' Voor Libbrecht leunt het godsbegrip van Spinoza dicht aan bij dat van de Chinezen: God is gelijk aan de natuur. En De Dijn legt uit hoe Spinoza ons leert onszelf te zien als onderdeel van de natuur. ‘Als je dat doet', vertelt De Dijn, ‘dan is het mogelijk dat je jezelf plotseling ziet als het product van iets groots, iets alomvattends. En dat geeft een enorm gevoel, alsof er een explosie in jezelf plaatsgrijpt. Het is een compleet nieuwe kijk op jezelf, die tot een vorm van verrukking leidt. Tot het inzicht: ik ben een proces, ik maak deel uit van de natuur, van God, maar dat is prachtig.' "

                                                   * * *

Jacques de Visscher had in Ons Erfdeel [Jaargang 27, 1984] een artikel "Filosofie in Vlaanderen" dat begon zo:

"Heel wat landen, ook kleine, kunnen zich beroemen op een eminente filosofische zoon. We denken aan Benedictus de Spinoza (1632-1677) in Nederland, aan Sören A. Kierkegaard (1813-1855) in Denemarken en Jean Piaget (1896-1980) in Zwitserland, hoewel we onmiddellijk moeten toegeven dat de eerste twee wijsgeren in hun tijd door hun landgenoten niet altijd erg aardig bejegend werden. België echter, en vooral Vlaanderen, heeft geen dergelijke filosofen voortgegebracht. Wil dit nu zeggen dat we ons in een filosofische woestijn bevinden? Toch niet, maar als we eens nagaan welke kans de Wijsbegeerte in Vlaanderen sedert de Tweede Wereldoorlog maakt, dan moeten we toch bekennen dat de uitkomst toch niet zo schitterend is. Afgezien van enkele opvallende prestaties van sommige individuen, stellen we eerder middelmatigheid vast. Bovendien leert een analyse van de situatie ons ook iets over het culturele en politieke leven in Vlaanderen in het algemeen. Zelfs als we de positie van de filosofie bestuderen, botsen we op een complex van gegevens die de grenzen van de filosofie overschrijdt en die ons confronteert met enkele aloude Vlaamse en Belgische problemen. Dat zijn het Frans als werktaal van de Vlaamse intellectuele elite, de levensbeschouwelijke verzuiling en de politisering van het academisch leven en tenslotte het diep ingeburgerde anti-intellectualisme en de matige produktiviteit in het domein van de geesteswetenschappen. Vooraf willen we de recente situatie van de wijsbegeerte in Vlaanderen summier ‘in kaart’ brengen." [bij DBNL] Hierin komen we Boehm, IJsseling, Dethier en Kruithof tegen, de anderen niet.

                                                       * * *

Al eerder verscheen van Frans Boenders Filosofie en maatschappij (De Standaard, Antwerpen, 1974) eveneens een interview-boek van negen gesprekken met de Vlaamse filosofen Apostel, De Waelhens, Kruithof, Perelman, Roelants, Ruytinx, Vander Kerken, Vergote en Wylleman

                                                        * * *

aanvulling 2 juli 2012: zie hier een deel van het boek ter inkijk, en wel - na het interview met Diderik Batens, ook nog het hele interview met Rudolf Boehm.