Spinoza in nieuw boek "Culture as Embodiment"

Twee weken geleden verscheen bij Wiley/Blackwell van de Nederlandse auteurs

Paul Voestermans & Theo Verheggen, Culture as Embodiment. The Social Tuning of Behavior. John Wiley and Sons Ltd, 2013 - Amazon - books.google

Uitgever-informatie:
Culture as Embodiment utilizes recent insights in psychology, cognitive, and affective science to reveal the cultural patterning of behavior in group-related practices. Relevant for social psychologists, psychological anthropologists, sociologists, and educationalists, Culture as Embodiment presents an original theory of culture that applies to current debates on gender, integration, assimilation, youth culture, classism, and more. The best of the behavioral sciences is brought to bear as the authors discuss how culture is embodied in its individual participants.

Over de auteurs:
Paul Voestermans is Emeritus Associate Professor in Cultural Psychology at Radboud University in Nijmegen, the Netherlands. He also taught at the Bo?azici University in Istanbul. He has contributed articles on culture and behaviour in Theory & Psychology, New Ideas in Psychology, and has written several books in the field. Theo Verheggen is Associate Professor in Cultural Psychology and History of Psychology at the Open Universiteit Nederland. He has published several articles on the development of an enactive perspective for cultural psychology in various books and journals.

Een van de schrijvers, Paul Voestermans, legde mij de tekst voor die ze over Spinoza schreven. Hij was wel benieuwd of ik hun interpretatie kon delen. Zoiets doe ik uiteraard via een blog. Zo wordt info over het boek doorgegeven, maar kunnen ook anderen desgewenst hun oordeel geven. Ik denk i.h.b. aan Wim Klever op enige van wiens Spinoza-boeken zij zich baseerden.

Uit de paragraaf The "Radical Enlightenment", behorend tot Hfst 9 "A Psychology of Globalization" [p. 278 zo is te zien bij Amazon, maar niet bij books.google waar nog geen paginanummers te zien zijn] ontving ik de volgende tekst [kopje is van mijn hand]:

Reconstructie van Spinoza's opvatting over wetenschap bedrijven

"With respect to science, Spinoza shared Descartes spirit. However, in Spinoza’s scientific and investigative enterprise the emphasis was not on cold methodology and procedure as in Descartes’ case. A scientist in the Spinozist spirit is not a solitary figure who used a disconnected reason controlled by a set of anonymous rules, however strict these rules may be. He or she is always embedded in a group of experts and interested others, who use their cognitive and affective capacities to the full. Withdrawing from this group for personal fame, out of laziness, or motivated otherwise is against reason. For Spinoza, scientific reasoning is a social practice in attunement with others in the community of learned and educated people. Only there wisdom is to be found. Freedom of argument was highly cherished by Spinoza and his followers. Everyone should be able to join the educated community. Of course there is the empirical cycle to obey. In modern terms the well-know empirical cycle involves (1) a real problem that can be pointed out in lay terms, (2) sufficient knowledge of previous explanations that now fall short and that have to be improved, (3) a thorough conceptual analysis of the phenomenon at hand and of the new attempts at an explanation, (4) a refutable hypothesis and finally (5) its empirical testing. But this is so self-evident (and something Spinoza readily takes over from Descartes) that he takes no pain to elaborate on it.

We take this interpretation from Wim Klever’s annotated translations of Spinoza’s Ethica (1997) and Tractatus de Intellectus Emendatione (1986). These works are also a clear demonstration of the conviction that the same rational procedures should be applied to nature and natural matters as well as to the everyday lives of human beings, spiritual matters, and the moral order. This once more reflects Spinoza’s principle of one substance, which was so much contested in philosophical circles. The scope of rationality was not to be restricted beforehand so that important human affairs were left untouched. Science as the preeminent source of normativity – not only on the obvious material plane (“let’s make things better” as the slogan of a world player in technical innovation goes) but also with respect to its behavioral effects and implications - is an essentially Spinozistic initiative. We have followed it up in the strong conviction that science practitioners form the only group of people, which has at its core a continuous correction of its premises.

Spinoza’s legacy did not really catch on. It was probably too radical and difficult to implement in a world in which the basic values were usurped by divided religious groups. The only science that was allowed to flourish was the one directed at physical nature, in which the adoption of one single substance could be sidestepped. Arranging moral life did not become the task of science, although the normative impact of science at the material plane and its concomitant behavioral effects always involve normative impact. Anyone devoted to precisely that task had to go underground, as Israel shows."

                                                  * * *  

Tot zover het mij toegezonden Spinoza-fragment. Tot welke reactie brengt het mij?

Eerst dit: titel en ondertitel én werkelijk schitterende cover geven een heel duidelijke boodschap - een boodschap, waarvan het heel fraai is dat Spinoza ermee in verband wordt gebracht (iets wat in deze tijd zo vaak niet gebeurt). Want is, inderdaad, Spinoza niet een van de eerste die zo duidelijk op de onderlinge verbondenheid, het sociaal-culturele mechanisme (via opvoeding) en het netwerkkarakter van ons bestaan als modi binnen een groter geheel gewezen heeft? Goed dus om Spinoza in dit boek tegen te komen.

De hier gegeven tekst bevindt zich op hoog meta-niveau door een interpretatie van Spinoza's wetenschapsopvatting te bieden die niet een-op-een in zijn teksten aan te wijzen is en waarbij dus daadwerkelijke referenties achterwege blijven (behalve dan secundaire als naar Klever). Het is dus helemaal een kwestie van interpretatie.

Dat volgens Spinoza alles als behorend tot de natuur te bestuderen is, ook het denken, ook emotioneel gedrag, ook religieuze opvattingen, ook waarde-opvattingen etc., dat kortom alles behoort tot de ene natuur, komt in deze tekst duidelijk naar voren.

Maar of "Science as the preeminent source of normativity" geldt? Voor Spinoza is wetenschap wel de enige bron van waarheid (hij bestreed in de TTP de waarheidsclaim van de theologie, die voor hem duidelijk geen wetenschap was), dus als met 'normativiteit' hier 'waarheid' bedoeld wordt, kan het als Spinoza's opvatting gebracht worden, maar of hijzelf de term 'normativiteit' (die zo dicht aanleunt tegen prescriptie) zou gebruiken - dat denk ik niet. Ik betwijfel trouwens of hij zo sterk voor zware normering van de wetenschapspraktijk zou zijn, als hier lijkt te worden voorgesteld. Hij zou bovenal en altijd de libertas philosophandi blijven voorstaan, ook buiten de categorie van wetenschapsbeoefenaren (en hun wetenschapsleer), juist om alle ruimte te houden voor andere zienswijzen op wetenschappelijke waarheid.

Maar zoals p. 317 is te lezen denken de auteurs aan een wetenschap volgens Spinoza begrepen die "advocates in a radical way a full-fledged science that is practiced by a democratically controlled community of scholars, which aims at an understanding of human nature, the animal world, and the surrounding physical realm. This science is single and undivided, using a broad variety of methods. Its findings pertain to everyone, without exception, and the scientific practice it presupposes implies no power relations. Convincing scientific arguments and empirical evidence are all that count."

Wat betreft de auteurs "strong conviction that science practitioners form the only group of people, which has at its core a continuous correction of its premises," wijs ik er op dat niet alle "learned and educated people" daadwerkelijke praktische wetenschapsbeoefenaars zijn, zodat het een niet vol te houden claim is dat alleen bij wetenschappers deze wijsheid te vinden zou zijn. Terwijl juist nogal wat wetenschappers helemaal niet zo bereid zijn tot en openstaan voor het corrigeren van hun uitgangspunten. Dus wat heeft het voor zin om die norm als zo exclusief ("the only people") voor wetenschappers te formuleren?

Niet alleen de wetenschapsopvatting van Spinoza wordt behandeld (hoewel daar het accent op ligt), maar ook wordt op blz. 42 naar de invloed van zijn aanpak van emoties verwezen.

____________________

Zie Paul Voestermans en Theo Verheggen Cultuur & Psychologie Blog
daar is te zien dat er eerder hun boek was: Cultuur & Lichaam. Een cultuurpsychologisch perspectief op patronen in gedrag (Blackwell, 2007)

Reacties

Een blijk van erkenning, Stan, dat een van de auteurs jou een tekst over Spinoza voorlegt voor commentaar. Ze zullen dan toch ook jouw blogs lezen!
Je maakt een kritische opmerking over de door de auteurs veronderstelde relatie tussen wetenschap en normativiteit. Terecht denk ik. Maar ik moet in dit verband denken aan een mooie passage uit het onlangs door jou aanbevolen boek van Leon Roth:
"Knowledge is a spiritual state. What we are depends on what we know. But since how we act depends on what we are, what we know and how we act - our knowledge and our characters - are intertwined. The type of life lived by man, according to Spinoza, varies in accordance with his knowledge. There are higher stages of knowledge, derived from more universal and hence more concrete kinds of experience, and corresponding with them are are higher and more concrete types of life, leading up to the supreme fulfilment in the knowledge and love of God. The "Ethics", as is brought out powerfully in M. Brunschvicg's volume on Spinoza, exhibits a kind of moral dialectic. The good and the true advance hand in hand." (p.104)

Dank, Henk, inderdaad een vorm van erkenning. De auteur die me de tekst toezond, liet me in een vervolg-mail weten dat hij dit blog al jaren bijhoudt. Leuk te horen.
Mooi citaat geef je uit Leon Roth's Spinoza-boek, maar in die passage over Brunschvicg (de Platoonse idealist!) blijkt weer eens hoe Spinoza door hem met een Platoonse bril gelezen werd. Volgens mij is het samengaan van de trits het Goede, het Schone en het Ware niet helemaal "Spinoza's ding", zo werd n.l. dat wat 'goed' en dat wat 'schoon' was tot iets objectiefs, terwijl dat voor hem alleen voor het ware gold; de rest was een subjectieve kwestie voor ieder die op zijn eigen manier naar zelfbehoud streefde. Dat was precies een van die vele typische omwentelingen van Spinoza (we vinden iets goed, omdat we ernaar streven).
Maar toch, íets Platoons moet er uiteindelijk ook in Spinoza gezeten hebben, want via de 'dictaten van de rede' zou pas dat wat werkelijk goed voor je te onderkennen zijn. De objectiviteit en waarheid ervan schuilde erin dat Spinoza de overtuiging had dat als echt van de rede werd uitgegaan er geen conflict tussen wijze mensen zou zijn, want dat iedereen dezelfde waarheid zou erkennen en dus hetzelfde zou denken over wat 'objectief' goed voor een mens was. Brunschvicg en Roth hebben dat goed gezien. Dus als, zoals ik in het blog schreef 'normativiteit' als 'waarheid' wordt gezien, kan ik het met de becommentarieerde stelling wel eens zijn. Maar dat is dan geen 'norm' als 'waarde' tegenover 'feit', maar als 'ware uitdrukking' van het feit, als dat wat uit de ratio volgt.

'Goed' en 'schoon' zijn voor Spinoza inderdaad subjectieve kwesties als het gaat om wat een mens 'goed' en ' schoon' noemt. Maar gaat het daarover in deze passage? Het gaat hier toch om het goede in een mens, een mens die een hogere graad van volmaaktheid bereikt door meer adequate kennis? Dat is voor Spinoza toch geen subjectieve kwestie?

Stan, een beetje overbodig, mijn reactie en daarom jammer bij dit citaat van Roth (je mag het weghalen). Ik zie te laat dat je in het algemeen iets zegt over Brunschvicq.

Henk, van mij hoeft die reactie niet weg, zeker niet waar hij door je vervolgreactie a.h.w. nog eens 'getemperd' wordt. Ik had in mijn blog wat 'gefilosofeerd' over Brunschvicq's nogal Platoonse lezing van Spinoza, maar vervolgens toegegeven dat er 'iets Platoons' in Spinoza's uitkomst lijkt te zitten, namelijk de Socratische en Platoonse overtuiging dat wie 'het goede' inziet nastreeft dat te bereiken. Alleen benadrukt Spinoza dat dat niet zomaar gaat (want net als Medea zien we het goede maar doen het kwade), maar alleen zal lukken als dat streven naar inzicht zelf een passie is.
Ik geef hier even door hoe de auteur, Paul Voestermans, mij via de mail het gebruik van de term 'normativiteit' toelichtte: "Zodra je van iets weet hoe het zit en het gaat over een toestand die verbeterd kan worden, is waarheid meteen ook normatief, zowel inzake natuur als menselijke orde."