Spinoza in de joodse historiografie [1]

Deze dagen heb ik het boek van Steven Nadler over Spinoza weer eens in z’n geheel gelezen. En ik heb er weer van genoten: zo inhoudelijk informatief én plezierig leesbaar is het geschreven. Echt een zeer knappe studie, die terecht overal ter wereld als de beste biografie van Spinoza wordt gewaardeerd. Op 7 augustus 2007 schreef ik mijn indruk die het Spinoza-boek van Steven Nadler op mij maakte. Ik kom op mijn herlezing terug.
Naast het boek in z’n geheel lezen, grijp je er uiteraard ook vaak naar om iets op te zoeken. Een dag of tien geleden zocht ik er ook in op wat er bij hem over Saul Levi Mortera is te vinden (heel wat); ook wilde ik zien wat hij over Moshe Zacut schreef (niets). Toen ik maart van dit jaar een flink fragment uit de Spinoza-opera van Ton de Kruyf op Youtube zette, kon ik de felle roep om Zacuto erin niet plaatsen. Sindsdien kwam ik toevallig een keer tegen en leerde ik dat Moshe Zacut (1630 - 1697) mét Isaak Naar een medeleerling van Spinoza geweest was op de joodse school Es Haim. Zacut had een hang naar mystiek en poëzie, las ik bij Heinrich Graetz - het was deze ‘zoektocht’ naar Zacut die mij naar diens [Graetz'] op internet staande boek bracht, waarover ik ‘dus’ een blog maakte.

Nadlers Spinozaboek en de joodse geschiedschrijving van Graetz deden vragen rijzen naar zoals ik het in de titel omschrijf: Spinoza in de joodse historiografie. De ambivalente, maar overwegend negatieve houding van Heinrich Graetz tegenover Spinoza, leidde bij mij tot twee vragen: 1e welke door joden geschreven joodse geschiedenissen zijn er geproduceerd en hoe is daarin - indien te achterhalen - de kijk op Spinoza en 2e is er reflectie op en theorievorming over de joodse historiografie en de plaats van Spinoza daarbinnen? Daarover heb ik als het ware een ‘internetcursus’ opgezet die ik mezelf heb gegeven en waarvan ik in komende blogs de resultaten breng.

Ik begin eerst met een overzicht van grote joodse geschiedenissen, haal in een volgend blog naar voren wat daarin over Spinoza te vinden is. Daarna, en voor mijn doel het interessantst, ga ik de meta-historiografie na en wat daarin voor rol aan Spinoza wordt toegekend. Ik heb al de indruk dat daarover aardig wat te vinden zal zijn.

Joodse geschiedschrijvingen

Joodse geschiedschrijving (ik sla Flavius Josephus even over en begin bij de moderne tijd) begint opvallenderwijs met een eerste geschiedenisoverzicht dat door een niet-jood werd geschreven. Aan het begin staat een christelijk historicus over de joden:

Jacob Christian Basnage (1653- 1723) was een Hugenoot en protestantse dominee en historicus. Naast de geschiedenis van de protestantse kerken, schreef hij als eerste een complete Geschiedenis van de joden. Hier gaat het om Histoire des Juifs (Rotterdam, 1706, Eng. trans. 1708) en de Antiquités judaiques ou remarques critiques sur la république des Hébreux (1713). Op Jewish Encyclopedia is te lezen over de strijd om roofdrukken die hij had te leveren. Het werk bleef lange tijd dé informatiebron en latere historici hebben uiteraard zijn pionierswerk gebruikt.
Van hem  verscheen ook een Nederlandse vertaling (zo zie ik bij Spinoza books):
Vervolg op FLAVIUS JOSEPHUS; of Algemene Historie der Joodsche Naatsie. (...). Alles van de Geboorte van Christus, of Josphus tiydt afa, door alle eeuwen, tot dezen tydt toe, Historie- en Staatkundig beschreven, en met echte bewyzen uit oude en hedendaagsche Schryvers gestaaft. Uit het Frans vertaalt, en met koperen platen versiert. Eerste, Tweede Deel (2 vols.). Te Amsteldam, By Gerard onder de Linden/ Te Delft, (By) Reinier Boitet., 1726-1727. [
Hier]

Isaak Markus Jost (1793 - 1860) was de volgende en de eerste joodse geschiedschrijver. We zijn dan een eeuw later. Van hem verscheen Geschichte der Israeliten seit den Zeit der Maccabaer, in 9 delen (1820–1829). Daarna wordt de reeks nog aangevuld met Neuere Geschichte den Israeliten von 1815–1845 (1846–1847), en Geschichte des Judenthums und seiner Sekten (1857–1859). Ook verzorgde hij een verkorte versie met Allgemeine Geschichte des israelitischen Volkes (1831–1832). Doordat er nog onvoldoende bronnenstudies bestonden en kroniekschrijvers niet altijd betrouwbaar waren, raakte zijn werk al snel verouderd. Maar de Yewish Encyclopedie oordeelt: “His "Allgemeine Geschichte des Israelitischen Volkes," and "Neuere Geschichte der Israeliten," in spite of their shortcomings due to the lack of preparatory studies, were real historiographic achievements, while his "Geschichte des Judenthums und seiner Sekten" remains a standard work to the present day.” [Van hier en hier]

De vorigen werden overschaduwd door de historicus die een halve eeuw later opkwam:

Heinrich Graetz (1817 - 1891), wiens "Geschichte der Juden," in elf delen (1853–1875), een informatief, uitgebreid, goed leesbaar en onbisbaar geacht werk.  Sinds het verschijnen van Graetz's Geschichte der Juden is wel een groot aantal deelstudies ontstaan van vaak jongere geleerden die hun resultaten in monografieën en artikelen publiceerden.
In een blog van gisteren ging ik in op wat Graez over Spinoza meldt.
Na Graetz kwam

Ze'ev Jawitz (1847 – 1924), Toledot Jisrael (The History of Israel), 14 vols., 1895–1940; a survey of Jewish history from the death of Mendelssohn in 1786 to the death of Montefiore in 1886.  [Hier]

Simon Dubnow (1860 – 1941) "Weltgeschichte des Jüdischen Volkes, Autorisierte Übers. aus dem Russischen, 10 Bände, Berlin 1925–1929. Daarin lag het accent op de geschiedenis van de Russische en overige Oost-Europese joden. [Van hier en hier veel over Dubnow bij Yivo en elders bij Yivo]

Salo Wittmayer Baron (1895 - 1989): A Social and Religious History of the Jews (18 vols., 2d ed. 1952–1983). Baron was van Pools-Oostenrijks joodse afkomst en werd de meest bekende historicus van zijn generatie. Hij werd de eerste hoogleraar joodse geschiedenis aan een westerse universiteit! Hij doceerde aan de Columbia University van 1930 tot zijn pensionering in 1963. Hij was het niet eens met de 'tranendal-conceptie' van de joodse geschiedenis, zoals die wel met de 19e eeuwse Heinrich Graetz geassocieerd werd. In een interview in 1975 zei hij: "Suffering is part of the destiny [of the Jews], but so is repeated joy as well as ultimate redemption." [wiki]
In de delen XIII en XV behandelt hij Baruch de Spinoza.
Salo Baron zou "The Last Jewish Generalist" zijn volgens Ismar Schorsch [in: AJS Review 18/1 (1993) p. 49]

Hayim Hillel Ben-Sasson (Ed.): A History of the Jewish People. Harvard University Press, 1985
Dit moet de laatste breed opgezette geschiedenis van de joden zijn. Zes verschillende geleerden van de
Hebrew University in Jerusalem hebben hier, volgens de uitgever: “set forth here for the first time the authentic story of the Jewish past that is relevant to the Jewish present. Special attention is paid to the significant historical sources that have come to light in the past decades, to the findings of archaeological research, and to source materials in Jewish studies such as talmudic literature--sources that have too often been ignored by historians.” [Books.google]
In een volgend blog ga ik in op wat deze geschiedenis over het joodse volk over Spinoza schrift. Van de andere werken kon ik daarover niets vinden.  

Jonathan I. Israel: Diasporas within a diaspora: Jews, Crypto-Jews, and the world of maritime empires (1540-1740). [Volume 30 van Brill's series in Jewish studies]. Brill, 2002

Jonathan Israel, De joden in Europa, 1550-1750

Een hoewel de schrijver eigenlijk geen historicus is, maar iemand die het verhaal van de joodse geschiedenis voortreffelijk journalistiek samenvattend beschrijft, hoort het volgende er wat mij betreft ook bij:

OmslagfotoMichael Goldfarb’s De weg uit het getto. Drie eeuwen emancipatie van de Joden in Europa [Meulenhoff, 2011, oorsdpr 2009]
Zie op dit blog van 11 aug. 2011 mijn bespreking

 

Voor een meer algemene achtergrond is nuttig gebruik te maken van HISTORIOGRAPHY van de Jewish Encyclopedia – wel stuff van ruim een eeuw terug.

Reacties

Een boek dat ook in jouw rijtje kan plaats nemen: "Mijn Volk" De geschiedenis der joden van Abba Eban. Boekenuitgeverij Keesing NV Amsterdam-Antwerpen 1968. Deze geschiedenis der joden heeft de hoofdstukken: 1. Het tijdperk der Aartsvaders 2. De geboorte van een volk 3. Israel in het Land 4. De ondergang van de rijken Israell en Juda 5. Het profetisme 6. Ballingschap en terugkeer 7. Het hellenistische tijdvak 8. Onder Romeinse heerschappij 9. De opkomst van het christendom 10. Nieuwe centra in de diaspora 11. Het tijdperk van de islam 12. De joden in Europa tot 1492 13. Nieuwe joodse centra 14. Mystiek en messianisme 15. De dageraad der emancipatie 16. Antisemitisme en migraties 17. Nationalisme, assimilatie, zionisme 18. De Eerste Wereldoorlog en de Balfour-verklaring 19. Palestina tussen de beide wereldoorlogen 20. De massamoord 21. De geboorte van de staat Israel 22. De joden in Amerika in de 20e eeuw 23. De joodse wereld heden. Spinoza wordt in dit boek beschreven als meest vermaarde joodse leerling van Maimonides, en als de briljante revolutionair.

Bedankt voor de tip, Greenways, je maakt me door je laatste zin nieuwsgierig ernaar. Maar voor de duidelijkheid: het ging me niet om een inventarisatie van alle enkel-bandige-boeken, want dat zijn er vele x vele tientallen, maar om de grote uit vele delen bestaande geschiedenissen. Toch bedankt, nogmaals, voor deze aanvulling.