Spinoza als geesteswetenschapper gecanoniseerd

In het eerste en tot nu toe in de hele wereld enige boek over de geschiedenis van de geesteswetenschappen, Rens Bod, De vergeten wetenschappen. Een geschiedenis van de humaniora [Bert Bakker, 2010], is Spinoza uitdrukkelijk opgenomen om zijn bijdrage tot de filologisch-gebaseerde geschiedwetenschap.

Rens Bod is verbonden aan de Faculteit der Geestesweten-schappen en het Institute for Logic, Language and Computation (ILLC)aan de Universiteit van Amsterdam, tevens professor of cognitive science at the University of St Andrews [zie hier zijn weblog dat dit boek en de activiteiten er omheen begeleidt]

Het is een gigantische, bijna onmogelijke prestatie, zoals die ‘eigenlijk’ niet door één mens geleverd kan worden: een wereldgeschiedenis van 'de geesteswetenschappen’ – een gecomprimeerd historisch overzicht van taalkunde/literatuurwetenschappen, logica, retorica, poëtica, filologie, geschiedschrijving, muziektheorie/musicologie, kunsttheorie/kunstgeschiedenis tot aan media- en cultuurstudies toe.
Niet alleen van Europa en/of het westen, maar ook van India, China, Japan en waar mogelijk Afrika.
En niet alleen, als in een compact compendium, simpel beschrijvend en opsommend, maar principes- en patronen opsporend en voortgang evaluerend.

Ik ben zeer onder de indruk van dit boek.

Welnu, in dit uiterst erudiete en breed opgezette alomvattende boek is in het hoofdstuk "Geschiedschrijving in de vroegmoderne tijd", die zich in sterke mate op filologie ging baseren, na tekst over Joseph Scaliger en La Peyrère, een alinea over Spinoza opgenomen. Ik neem deze hier over om te laten zien hoe deskundig dit alles gebeurt:

"Bij Baruch Spinoza (1632-1677) wordt de bijbelkritiek verheven tot een seculiere politieke filosofie. In zijn anoniem verschenen Tractatus theologico-politicus uit 1670 wordt met niet eerder vertoonde geestdrift betoogd dat de Bijbelboeken historisch gegroeide teksten zijn, gemaakt door mensen, en in een specifieke tijd overgeleverd. De bijbelkritische methode die Spinoza voor zijn doel aanwendt is gebaseerd op de historisch gefundeerde tekstkritiek van zijn illustere filologische voorgangers. Bij Spinoza komt de destructieve kracht van de filologie tot een uitbarsting: geen enkele tekst is absoluut. Hij trekt de resultaten van filologen en historici tot de uiterste consequentie door, en eist vervolgens het recht op van het vrije gebruik van de rede, zonder inmenging van theologen, en waarbij democratie als geprefereerde staatsvorm naar boven komt. Spinoza weet het historisch-filologische paradigma in te zetten voor een nieuw, seculier wereldbeeld waarmee de facto de Verlichting begint."

De tekst bevat verder nog twee voetnoten naar relevante literatuur. Verderop in het boek komt deze tekst nog eens in een samenvatting van één regel terug.

Weinigen zouden in staat zijn de essentie zo treffend en compact neer te schrijven als hier gebeurt. Chapeau!

Het boek wordt ondertussen in het Engels vertaald. En reken maar dat een eerste historisch overzicht over al deze wetenschappen en hun onderlinge betrekkingen invloed zal krijgen. Studenten van deze geschiedenis zullen dus allemaal van deze belangrijke bijdrage van Spinoza kennis kunnen nemen.

Reacties

Dergelijke overzichtswerken met nogal oppervlakkige en deels onjuiste samenvattingen kunnen wij gevoeglijk missen. Niemand wordt daar wijzer van. Ik vind, Stan, dat je wat overdreven reageert. Trouwens, ook in zijn tekstkritiek gaat Spinoza met dezelfde methode te werk als in de natuurwetenschappen: "dico methodum interpretandi Scripturam haud differe a methodo interpretandi natruam, sed cum ea prorsus convenire" (TTP 7). Het neo-kantiaanse onderscheid tussen geestes- en natuurwetenschappen zou, had hij daaroverr gehoord, voor hem een vloek zijn. Als je zijn activiteiten derhalve onder 'humaniora' rangschikt (en de natuurkundige beginselen ervan vergeet) doe je hem onrecht en geef je hem een verkeerde plaats. Rens Bod heeft kennelijk niet de minste feeling voor wat Spinozaa in de geschiedenis van de WETENSCHAPPEN betekent. 'Filologisch gebaseerde geschiedwetenschap' is voor hem niets minder dan een onderdeel van DE wetenschap.

Wim,
Soms begrijp ik niets van je.
Soms vraag ik mij af in welke wereld jij leeft.
Wil je, door het onderscheid tussen natuur- en geesteswetenschappen voor Spinoza een vloek te noemen, beweren dat in de concrete werkelijkheid van onze wereld dat onderscheid niet bestaat?
En trouwens, maakte Spinoza zelf in de TIE geen onderscheid tussen de diverse takken van wetenschap?
Hoezo, wordt Spinoza hier een verkeerde plaats toegewezen? Alsof hier niet van echte wetenschap sprake is?!
Wil je met je citaat beweren dat wat Spinoza in de TTP aan onderzoek verrichtte tot de natuurwetenschap (zoals we die nu kennen) behoorde?
Wil je soms beweren dat in wetenschapsgeschiedenissen, behalve aan natuurwetenschappen ook aan de alfa-wetenschappen al evenveel recht wordt gedaan en dat dit boek van Rens Bod daarom overbodig want redundant is?

Je doet mijn bijdrage hier tekort en vooral die van Rens Bod in zijn majestueuze boek (dat jij natuurlijk niet kent; maar jij hebt nooit moeite iets te veroordelen dat je niet kent. Trouwens wat is er ‘onjuist’ aan die gegeven samenvatting?).

Hoezo reageer ik "overdreven"? Had je dan liever gezien dat Spinoza in dit eerste boek over de geschiedenis van de geesteswetenschappen NIET voorkwam? Dat hij, zoals zo vaak gebeurt, gewoon genegeerd zou worden?
Maakt vermelding van het feit dat Newton méér van zijn tijd aan filologie (en andere dingen, als alchemie) dan aan natuurkunde besteedde (zonder dat hij iets aan filologische kennis toevoegde overigens - toch even een verschil met Spinoza) hem een mindere natuurkundige?

Ik vind het buitengewoon verwerpelijk en irritant zoals je hier weer reageert (en weer eens door het enthousiasme waarmee ik een ontdekking aanbreng de kop in te drukken, mijn humeur verpest).
Deze keer heb je VOLSTREKT ONGELIJK EN ZIT JE ER VOLKOMEN NAAST.

Stan en Wim,
Van Rens Bod heb ik eergisteren een lezing gehoord in het kader van SG Univ. Twente. Een uiterst gedreven en enthousiaste man, die een wetenschappelijk overtuigende lezing gaf. Hij stelde:
1. Over de geschiedenis van de natuurwetenschappen is al veel geschreven, maar niet over de geschiedenis van de humaniora. Hij besprak één onderwerp uit zijn boek, namelijk het genealogisch onderzoek van manuscripten, het z.g. stemma-onderzoek. Door vergelijking van manuscripten, en m.n. van omissies en invoegingen in verschillende manuscripten, kunnen conclusies getrokken worden over de oertekst. Voorbeeld: door stemma-onderzoek werd in de renaissance ontdekt dat de z.g. Donatie van Constantijn een vervalsing is.
2. Het blijkt dat het stemma-onderzoek 1000 jaar geleden al volledig beschreven is door arabische onderzoekers, en - nog merkwaardiger - dat het moderne stemma-onderzoek nog volledig geschiedt volgens hun richtlijnen.
3. Bovendien is opvallend dat het stemma-onderzoek veel overeenkomsten vertoont met het moderne genetica-onderzoek van het DNA: deleties en inserties van genetische kenmerken komen overeen met weglatingen en invoegingen in manuscripten. Hier is dus een omgekeerde beweging aan de gang. Wat eerst in de humaniora beschreven is, wordt nu toegepast in de natuurwetenschappen. Spinoza doet in de TTP het omgekeerde: hij past de empirische methode van Bacon toe op het Schriftonderzoek (TTP7.2)
Conclusies:
Pro de opvatting van Wim: er is geen strikte scheiding tussen natuurwetenschappen en de humaniora.
Contra de opvatting van Wim: er zijn wel degelijk kruisbestuivingen, en er zijn dus wel degelijk methoden in de natuurwetenschappen die begonnen zijn in de humniora.
Pro de opvatting van Stan:ik denk dat Bod een correcte beknopte weergave geeft van de TTP, en ben nieuwsgierig naar zijn boek over een vergeten wetenschapsgeschiedenis.

Stan: Spinoza doet in de TTP natuurwetenschap van teksten (ook stukjes gecultiveerde natuur), ja. Onderscheid tussen alfa- en betawetenschap bestaat voor hem niet. Alle wetenschap is perse beta-wetenschgap en hanteert dezelfde beginselen en methoden. - De zgn. 'geesteswetenschappen' zijn geen volwaardige wetenschap; in een overzicht daarvan hoort Spinoza niet thuis, ja. - Newton's rare escapades in de theologie en alchemie werpen een smet op zijn naam als natuurkundige, ja. Ook zijn natuurkunde zelf is trouwens niet helemaal consistent, maar dat is een andere kwestie. - En ten slotte: een beetje minder heet gebakerd kan ook.

Zeker zijn 'geesteswetenschappen' wel degelijk volwaardige wetenschappen, waaronder Spinoza thuis hoort. Adrie geeft een aardige samenvatting van impact van geesteswetenschappelijk onderzoek op natuurwetenschap; Bod geeft in z'n boek nog een paar voorbeelden.
Volgens Spinoza's TIE rijst de juiste methode op uit de te onderzoeken materie zelf; naar de specifieke aard van die materie (of onderzoeksobjecten) kunnen er verschillen in methoden groeien; maar de basis [afwisseling van hypothesen, empirie, theorievorming, toetsing aan empirie en alles begeleid door de goed gevormde rede] is overal gelijk. Bod laat zien hoe deze aanpak in de humaniora ontstond en in het natuurkundig onderzoek werd overgenomen. Ook Galileï was, net als zijn vader, tevens een goed muziekwetenschapper, waarbinnen de experimentele methode al ontwikkeld was die hij later op andere natuurverschijnselen ging toepassen.

Adrie,
N.a.v. wat je schrijft over de zgn. ‘Schenking van Constantijn’, nog even een kleine persoonlijke anekdote. Toen ik het boek van Rens Bod in de boekwinkel ter hand nam en gezien had dat Spinoza erin voorkwam, had ik nog één criterium: de Donatio Constantini werd er toch wel in behandeld? Dat was uiteraard het geval: ja, de grote ontdekking van de filoloog Lorenzo Valla werd behandeld. Daarop schafte ik het boek aan. Toen ik het begon te lezen, werd de ontmaskering van die vervalsing al op de 1e bladzijde vermeld. En in de Conclusies staat het nog eens vermeld als het beroemdste voorbeeld van de prestatie van de filologie.
Het gaf me de bevestiging dat ik kennelijk een betrouwbaar toetsingscriterium had gehanteerd!
Van ongeveer dezelfde orde beschouw ik de ontmaskering van de theologische duiding van de Bijbel door de TTP. De typering van Bod over hoe bij Spinoza “de destructieve kracht van de filologie tot een uitbarsting” kwam, vind ik dan ook erg raak. Zeg maar, in de TTP wordt de Donatio Hebraeorum ontmaskerd.

Een triviale maar toch nog enig relevante bijdrage:
Vinden jullie het ook niet een beetje jammer dat Rens Bod (danwel zijn uitgever) gekozen heeft voor deze layout? Iemand zou in het voorbijgaan bijna per abuis 'De teloorgang van de westerse cultuur' van John Caroll (2006) aanschaffen...

De covers zijn inderdaad opvallend bijna-identiek: beide met Hans Holbeins schilderij "De Ambassadeurs" en dan ook nog met hetzlefde soort oker-geel. Maar men koop niet op plaatjes, maar op titel, thema en/of auteur, dus ik zie niet gauw iemand met het ene boek weglopen, terwijl hij het andere had willen aanschaffen.
Het is wel grappig om ook zulke trivialia te weten.

Intussen zag ik dat Rens Bod op zijn weblog naar dit weblog verwijst.

Voor de liefhebber / hater van Bod:

Rens Bod, Lodewijk Petram en Oscar Gelderblom
in Historisch Café woensdag 9 februari


WOENSDAG 9 FEBRUARI 2011 (20-22u, CAFÉ P96)

20.00u - DE HUMANIORA: VERGETEN WETENSCHAPPEN?
Interview met Rens Bod

Rens Bod verbaasde zich al langere tijd over de afwezigheid van een algemene geschiedenis van de alfa-wetenschappen oftewel de Humaniora. Deze leemte vult hij op met De vergeten wetenschappen. Een geschiedenis van de humaniora. Iedereen kent Newton, Einstein en Copernicus, maar wie heeft er ooit gehoord Panini, Scaliger en Frege? De moderne mens wordt bedolven onder de verworvenheden en de harde toepasbaarheid van de beta-wetenschappen. Hoe zit dat eigenlijk met de bijdragen van de alfa-wetenschappen aan de samenleving? Zijn die er wel? Wat is het bestaansrecht van de 'zachte' wetenschap nou precies - en kunnen we die eigenlijk wel wetenschap noemen?

PS
Café P'96: Prinsengracht 96, Amsterdam. De toegang is gratis.

Dag Klaas, leuk je weer op dit weblog tegen te komen.
Hoe staat het met je plannen voor een Marx-Spinoza-Instituut?

Voldoende stof voor een kwart eeuw twee voor twaalf, me dunkt.
Zou liever zien dat Bod zijn energie aanwendde voor het schrijven van een metafysische verhandeling.

De vergeten Wetenschapper is een fantastisch voorbeeld van het laat-narcisisme. Nietzsche zei: Bod is dood! Maar ik denk zelf meer in de oud islamitische traditie: Ballahu Akbar (Bod is Groot).

Rens ga zo door. Na de Engelse versie hopelijk ook graag een vertaling in het Urdu en Reto-romaans.

De reacties van Gomperts en Sagaran lijken mij 2 specimen van jalousie de métier.

Onze opmerkingen moeten gezien worden in de context van een vorm of vent discussie.
Wij kennen Bod, heer Hoogendoorn doet dat niet.

Adrie, interessant dat je dat zegt (en in het Waals nog wel). Welk metier bedoel je precies?

Gomperts, ik ken Bod inderdaad niet, ook niet zijn intenties, maar alleen de resultaten van zijn denken, dat is voldoende dunkt mij. Vorm en vent gaan over literair werk, niet over wetenschappelijk werk.
Sagaran. met métier bedoel ik dat je alleen jaloers kunt zijn op iemand die het beter doet dan jij: een bedelaar is jaloers op de bedelaar die meer verdient dan hij, niet op de rijkaard die hem een aalmoes geeft (Ortega y Gasset)

Nee, mijn insteek is literair, niet wetenschappelijk. Leven en werk van een wetenschapper kunnen literair worden behandeld, en andersom, literatuur kan wetenschappelijk worden benaderd.

Feit blijft dat uw eerste reactie een strawman is.

Erg slordig voor iemand die pretendeert zich met filosofie bezig te houden.

Vervolgens zegt u bij Bod voldoende genoegen te nemen met de resultaten van zijn denken, waar u bij Spinoza zelfs geinteresseerd bent in het graf van zijn ouders.

Tuurlijk, uw keuze, en met alle respect voor de voorouders van Bod, waarschijnlijk een stuk interessanter.

Bod is een erg goed wetenschapper, hij heeft een soort van geautomatiseerde statistische zinsontledingsmachine ontworpen en geprogrammeerd, en ik denk dat hij daar meer waardering voor zou moeten krijgen dan hij tot nu toe heeft gehad.

Wat de filosofie betreft, ik ken Bod als een dialectische materialist, en vraag me derhalve af wat hij ZELF te melden heeft op vragen als wie wij zijn, waar we vandaan komen, wat bewustzijn is etc.

Ik heb gister voor het eerst iets gelezen over Spinoza, zag dat sommigen zijn godsbeeld pantheistisch noemen, hetgeen mij wel aanspreekt, daar ik zelf tot soortgelijke conclusie's kwam naar aanleiding van enkele lsd trips die ik onderging zo'n 25 jaar geleden.

Maar dat is een heel ander verhaal.

@ Gomperts, een serieuze tip - begin daar niet aan: Spinoza's God pantheïstisch te noemen. Alles, alle dingen, zomaar recht-voor-z'n-raap God noemen is het laatste wat Spinoza voorstond. Pantheïsme is een heel platte manier om de werkelijkheid te verklaren, inderdaad misschien te vergelijken met de roes van een lsd-trip (die ik niet uit ervaring ken). Ik zou verder zeggen, lees maar eens een goede inleiding op Spinoza en dan snel naar teksten van hemzelf.

@Stan Verdult. Ik begin helemaal nergens aan. Ik had de overpeinzingen van Marcus Aurelius, en die heb ik aan iemand weggeven die het mijn inziens harder nodig had dan ik, dus vandaar.

De reactie op Bod was voornamelijk bedoeld om wat tegengas te geven aan de hyperbole manier van presenteren.

Wat mij betreft heb ik voldoende gezegd.

Bedankt voor jullie reacties en succes met jullie verder onderzoek.

Beste Adrie, welk een beeldende, bedelende en belerende beeldspraak. En ook ineens nog van het koeterwaals naar het vertaalde spaans. Een waar trans-Europees feest der geestelijke verrijking. Wellicht zelf een vergeten wetenschapper?

Ja, 't is zoals Bod het ooit zei: Ben alfa gaan studeren want die zijn een stuk stommer en veel makkelijker te overtuigen. Onze Adrie is daar een goed voorbeeld van. Volgens mij is ie zelf "jaloezeur" van beroep. In ieder geval iets met "zeur", en dat sluit weer perfect aan met het beeld dat wij al van Bod hadden. Gesubsidieerde drammerigheid van het ergste soort.

Gomperts, alik je goed begrijp verwijt je Bod dat hij zich niet met de fundamentele vragen van mens en wereld bezig houdt, en zijn tijd verdoet aan de humaniora. Het is een verwijt dat je ook aan een Sanskritist kunt maken, aan een theoretisch fysicus, etc. Er zijn duizenden zaken waar je je niet mee bezig houdt, en maar enkele waar je je wel mee bezig houdt. Als je dat goed doet, dan heb je iets bijgedragen aan de kennis van mens en wereld. Je verwijt wordt daarmee tamelijk leeg.
Sagaran, je reageert opzichtig, helaas eveneens tamelijk leeg.

Daar in elke oneindigheid een oneindig aantal oneindigheden zit, kent Gomperts zichzelf de vrijheid toe zichzelf ook als God te beschouwen. Troost voor u, voor Gomperts bestaan er naast Gomperts God nog een oneindig aantal andere Goden, waaronder Adrie Hoogendoorns' God, en geloof het of niet, ook Bods' God.

In hoeverre die oneindigheden causaal zijn over elkanders oneindigheden, ja, dat is een vraag waar ik zo 1, 2 3 geen antwoord op heb.

Wel kan ik u zeggen dat de begrippen "verwijten" en "verdoen" voor mij zingeving verondersteld, en ook daar heb ik geen antwoord op.

@Sagaran: Hoe was het in Fontainebleau, goeie tijd gehad?

Beste mensen,
ik ga de reactiemogelijkheid op dit blog stop zetten. Het is welletjes zo.