Primeur in Barchem: eerste viering Nederlandse Onafhankelijkheidsdag

                        Onder auspiciën van dit Spinoza.blog

Op 26 juli 1581 werd in Den Haag overeenkomstig het besluit van 22 juli 1581 door de Staten-Generaal van de Nederlanden in Antwerpen, het Plakkaat van Verlatinghe, ook wel Acte van Verlatinghe of akte van afzwering genoemd, ondertekend. Het was de officiële verklaring waarmee acht van de zeventien Nederlandse provinciën Filips II als hun heerser afzette. Deze daad kan worden gezien als de Nederlandse onafhankelijkheidsverklaring!

Deze verklaring zou grote invloed uitgeoefend hebben op de Amerikaanse onafhankelijkheidsverklaring van 1776. De Amerikanen vieren hun onafhankelijkheidsdag, de Fransen de dag van de bestorming van de Bastille. De Nederlanders vieren niets. Dit tot grote ergernis van Theo Laaper, deelnemer aan de cursussen die de VHS ’s zomers organiseert. Deze dag valt elk jaar in die zomercursusweek en elk jaar (in de vijf jaar die ik nu deelneem) vraagt Laaper met luide stem aandacht voor deze gebeurtenis en houdt hij een pleidooi dat hieraan toch eens meer aandacht zou worden gegeven in Nederland. De aandacht die hij ervoor vroeg werd elk jaar meer. Zo las hij vorig jaar een stuk uit de tekst van de acte voor. Dit jaar pakte hij het grondiger aan en bereidde hij een complete viering voor: met hijsen van de vlag, zingen van oude vaderlandse (strijd-) liederen en vooral enige coupletten uit het Wilhelmus, maar die gezongen in de oorspronkelijke melodie. Deze liet hij ons de avond te voren tijdens de maaltijd oefenen.

                       

De receptie van het Woobrooke Hotel had hij benoemd tot zijn helpdesk. Daar werd op woensdag zijn persbericht naar De Gelderlander verzonden, waarbij het nieuws was dat op donderdag 26 juli om 14:00 uur bij Woodbrooke Hotel te Barchem "de eerste historische herdenking van de zelfverworven onafhankelijkheid" zou worden gevierd; de vlag zou worden gehesen en vaderlandse liederen zouden worden gezongen. De pers was er niet, maar een deel van de cursisten was er wel. Want Theo had zó zijn best gedaan - die liet je toch niet in de steek...

Deze weblogger was door de organisator gevraagd om de vlag te hijsen en om toch vooral vooraf even te oefenen, opdat er op het moment suprême niets mis zou gaan. Zo geschiedde het.

Hier met dank aan Bas van Egmond een selectie uit de vele fraaie foto's die hij van deze aardige gebeurtenis maakte.

             
                              We zongen: "Gelukkig vaderland"

             
                   en "O heer, die daar des hemels tente spreidt"

                            
                                en: "Merck toch hoe sterck"

 

                 

                               
en vooral (in de oorspronkelijke melodie) "Wilhelmus van Nassouwe"

Vervolgens las Theo Laaper voor uit een echt origineel exemplaar van P.C. Hoofts Neederlandsche Histoorien

                 

   
Het hijsen van de vlag lukte goed - hij begon meteen te wapperen.

O ja, we sloten af met het Europees Volkslied uit de negende symfonie van Ludwig van Beethoven (1823) met woorden uit Ode an die Freude van Friedrich von Schiller (1785 - midden in de Spinozastreit, nietwaar) 

Freude, schöner Götterfunken,
 Tochter aus Elysium!
 Wir betreten feuertrunken,
 Himmlische, Dein Heiligtum.
 

Deine Zauber binden wieder,
 Was die Mode streng geteilt,
 Alle Menschen werden Brüder,
 Wo Dein sanfter Flügel weilt.

                                                    * * *

N.B. de kleinere foto's die zich (via handje) laten vergroten zijn gemaakt door Bas van Egmond. De iets grotere foto's die zich echter niet verder laten vergroten zijn gemaakt door Marie-Thérèse Daniëls-Dirven. Beiden langs deze weg zeer bedankt voor deze foto-impressies.

Reacties

Blij te horen dat het zo gezellig was op de Spinozacursus. Het jaar 1581 doet mij terugdenken aan mijn scholierentijd, waar onze leraar Nederlands de datum 1585 misschien wel 100 er in gedrild heeft: het jaar van de val van Antwerpen. Door deze nederlaag vluchtte het grootste deel van de intelligentsia van de Zuidelijke Nederlanden weg naar de Noodelijke, want de meeset intellectuelen waren protestants (dat dit gen toeval was hebben ze ons niet geleerd op mijn katholieke school...). Gevolg was dat het Noorden een grote bloeitijd tegemoet ging (dank zij Zuidelijke intellectuelen zoals Marnix Van Sinte Aldegonde), terwijl in de Zuidelijke Nederlanden het Nederlands nog alleen gesproken werd door de boeren op het platteland...en volgens mijn leraar was het gevolg daarvan nog altijd merkbaar in Vlaanderen. In mijn jeugd -een vrij romantische periode- sprak mij dit discours sterk aan, maar met ouder en rationeler te worden, heb ik voor een groot stuk afstand genomen van nationalisme - ik denk dat Spinoza er ook geen fan van was.

Ik moet eerlijkheidshalve aan dit blog nog toevoegen dat Theo Laaper mij de avond tevoren nog gevraagd had of ik de tekst van Spinoza over de door de Staten van Holland voorbehouden soevereiniteit wilde opzoeken en voorlezen. Ik was toen echter te moe en vond trouwens dat hij al zoveel liederen had uitgezocht dat de ‘plechtigheid’ mij te lang leek te duren. De toevoeging van deze tekst van Spinoza aan het slot van het 18e hoofdstuk van zijn Tractatus theologico-politicus zou er wel nog iets meer een Spinozistische bijeenkomst van gemaakt hebben. Wellicht heeft Spinoza kennis gehad van de uitgave die Franciscus van den Enden in 1650 had laten drukken van de tekst met de lange titel die begint met “Korte verthooninghe” en die de tekst bevatte waarin de Staten van Holland in 1587 t.t.v. de graaf van Leycester hun soevereiniteit zich voorbehielden; een tekst die zwaar leunde op de Acte van Verlatinghe.
In plaats van de voorlezing die nu dus ontbrak, breng ik alsnog deze tekst van Spinoza die aan het eind van hoofdstuk 18 van de TTP schrijft (in vertaling van Wim Klever):

“Wat echter de Staten van Holland betreft, deze hebben, voor zover wij weten, nooit koningen gehad, doch graven aan wie nooit de soevereiniteit is overgedragen. Want, zoals de hoogmogende staten van Holland in de Inductie, ten tijde van de graaf van Leycester door hen uitgegeven, duidelijk maken, hebben zij zichzelf steeds de bevoegdheid voorbehouden om die graven aan hun plicht te herinneren en hebben zij voor zich de macht behouden om deze eigen bevoegdheid en de vrijheid der burgers te verdedigen en om zich, als de graven tot tirannen ontaarden, op hen te wreken en hen zo in bedwang te houden, dat zij niets kunnen uitrichten tenzij op hun gezag en met hun goedkeuring.”

Mark, ik denk dat je ook afstand moet nemen van de gedachte dat Spinoza een soort 'internationalist' zou zijn geweest. Er is een goed betoog op te zetten voor de theorie dat hij qua politieke richting een pure nationalist was. Maar zo'n betoog is tegenwoordig niet politiek correct; dus kan het niet juist zijn.

Wim, In Vlaanderen zijn de nationalisten (NVA en Vlaams Belang) in de meerderheid; je hoort op het ogenblik dan ook niet veel kritiek meer op het nationalisme. Maar Spinoza? Hij was voor een sterke staat, dat wel, maar schreef hij ergens dat staat en natie idealiter moeten samenvallen?

Nee, zoals je het formuleert, schreef hij het niet. Niettemin was dit wel zijn veronderstelling, bv. toen hij schreef dat naties zich onderscheiden door taal, zeden en WETTEN (in de TTP). En het woord 'idealiter' kan men bij Spinoza beter mijden. Wanneer alle mensen (quid non) altruïsten waren, hadden we volgens hem helemaal geen staat nodig.