Pieter Balling (? – ca 1669) was Spinoza’s vriend voor 100% Spinozist? [6]

Dit wordt het laatste, afsluitende, blog over Pieter Balling. Pas deze week heb ik eindelijk de tekst van Balling’s Het licht op den kandelaar, in handen gekregen. Dit in de vorm van kopieën van W.N.A. Klever, "De Spinozistische prediking van Pieter Balling: Uitgave van 'Het licht op den kandelaar' met biografische inleiding en commentaar." [In: Doopsgezinde Bijdragen 14 (1988) 55 – 85] We krijgen daarin een nuttige inleiding, de getranscribeerde en met paragraafnummers en verdere onderverdelingen door hem gesystematiseerde tekst van Balling zelf en tenslotte uitgebreid toelichtend commentaar per paragraaf. Klever laat duidelijk de verwantschap zien van het betoogje van Balling met Spinoza’s Korte Verhandeling van GOD de MENSCH en deszelvs WELSTAND [KV], waaruit hij in zijn commentaar veelvuldig citeert – een overeenkomst die zowel naar inhoudelijke gedachte als verbale (soms bijna) letterlijkheid aan te wijzen is.

Maar hij geeft ook toe: ”Het is ook niet uitgesloten dat de beïnvloeding hier en daar in omgekeerde richting is gegaan.” (p. 83). Op die mogelijkheid wees ik in het vijfde blog.

Interessant is de veronderstelling, die Freudenthal eind 19e eeuw al gaf, dat het mogelijk Balling was van wiens hand de vertaling van de KV is. In een voetnoot verwijst Klever ernaar dat er in de tijd waarin hij zijn artikel schreef, onderzoek gaande was naar het taaleigen en een vergelijking van de ‘isoglossen’. Hij vermeldt niet de naam van degene die dat onderzoek deed, maar ik neem aan dat het ging om Gerrit H. Jongeneelen. Opmerkelijk is dat Jongeneelen in “THE TRANSLATOR OF SPINOZA'S SHORT TREATISE” [In: Studia Spinozana 2(1986)249-264 - te vinden op zijn website] op grond van linguistische/grammaticale vergelijkingen, geen van de bekende vertalers uit de kring rond Spinoza, te weten Pieter Balling, Johannes Bouwmeester, Jan Hendriksz Glazemaker of Lodewijk Meyer, verantwoordelijk acht voor de vertaling van de KV. We zijn dus nog verder van huis, want dan zou er nóg een ons onbekende vertrouweling-vertaler in de omgeving van Spinoza verkeerd hebben.  

Het belangrijkste leerpunt voor mij was de duidelijkheid die nu ontstond dat dit geschrift van Balling niet een verdediging van Galenus Abrahamsz tegen William Ames, maar juist omgekeerd, een benadrukking van punten van Ames tegen Galenus Abrahamsz was, zoals ook de titel al aangaf: “tot opmerkinge van de voornaamste dingen; in het boekje genaamt ‘De verborgentheden van het Rijke Godts (…) door William Ames.”
Nu wordt ook duidelijk dat het als een werkje van of in de geest van Ames gezien kon worden, waarover ik in het tweede blog schreef en dat ik toen – in het licht van de tot dan beziene literatuur - merkwaardig vond. Ik denk dat af en toe de vergissing werd gemaakt dat, daar Ballings werkjes uit de jaren ná Het licht ter verdediging van (de gemeente van) Galenus Abrahamsz golden, dat ook met Het licht het geval geweest zou zijn. Dat is dus niet zo. Tegen de nogal dogmatische leer van Galenus Abrahamsz stelde Balling dus, gestimuleerd door Ames, een meer spiritueel christendom voor of nog liever: een beginnend Spinozisme dat de nadruk legde op het vinden van ‘welstand’ door meer te vertrouwen op kennis, te bereiken met de ratio, ofwel het natuurlijk licht.

Zó was ik beïnvloed door die gedachte dat het omgekeerd was, dat ik een vraagteken plaatste bij de volgende - naar ik aannam foutieve - passage op blz 327 van het boek van S. Zijlstra, Om de ware gemeente en de oude gronden: geschiedenis van de dopersen in de Nederlanden, 1531-1675. [Fryske Akademy/Uitgeverij Verloren, 2000]; een boek waar ik overigens zoveel gebruik van maakte in deze blogs. Daar lezen we: “In zijn Het licht op den kandelaar, verdedigde de Spinozist Pieter balling de quakers tegen een aanval van Galenus.” Hij verwees naar Klevers artikel en gaf dat dus juist weer. Ik zal op de betreffende plaats(en) een noot opnemen en naar dit blog verwijzen.

Tot slot. Wat zou het handig zijn als dit werkje van Pieter Balling beter/makkelijker in boekvorm toegankelijk zou komen, bijvoorbeeld samen met dat van Jarig Jelles. Daarmee zouden teksten beschikbaar komen uit het milieu van vrijzinnige doopsgezinde, spiritueel georiënteerde christenen, waarin Spinoza verkeerde en die zich door Spinoza lieten inspireren, maar door wie op zijn beurt Spinoza zich zeker heeft laten inspireren.
Ik ben het eens met Wim Klever dat kennisneming van dit werkje van Balling nader licht werpt op de leer van Spinoza, dat ontstaan is mede n.a.v. van discussies met de meester.

De eerdere blogs over balling zijn te vinden via het vijfde blog.

Reacties

Ben het met je eens, Stan. Balling's LICHT zou als een losse uitgave beschikbaar moeten zijn. Ik heb mijn best gedaan en "Non omnia possumus omnes" (Vergilius, geciteerd door Spinoza): we kunnen niet alles. De VSH zou dit tot haar taak moeten rekenen, maar die heeft andere belangen. Wat Jelles' BELIJDENISSE betreft en de biografie zowel van Lucas als Colerus zijn wel in het Italiaans uitgegeven dor Edizioni Quodlibet in Macerata. Maar de waarde van Ballings geschriftje is ook daar niet ontdekt.