Násos Vayenás Spinoza-gedicht uit het Grieks vertaald

Op 18 januari 2009 maakte ik dit blog met het Spinoza-gedicht van de Griekse dichter Násos Vayenás.

Daar met Engelse vertaling.

In het blog was ook te lezen dat het door Hero Hokwerda uit het Grieks in het Nederlands was vertaald. [Amsterdam, Het Griekse Eiland, 1990]. Vandaag ontdek ik dat het op deze site staat; waarbij ook Marko Fondse als vertaler wordt genoemd.

Enfin, voor mij aanleiding  om er weer eens een blog aan te wijden.

 

SPINOZA

Baruch Spinoza, lenzenslijper van beroep in Amsterdam,
borg in zijn innerlijk een krachtige tamtam.

Uit een koud donker souterrain, alleen,
zond hij reeksen seinen naar de hemel heen.

Ζoals de negers in het oerwoud. Stapsgewijs
voltooide hij — geen kleinigheid — de reis

naar 't Αl. De Ene. Onbegrensde. Van alwaar 't
hem mogelijk was te overzien de menselijke aard.

(In zijn hoge dorst de eerste oorzaak te bevroeden
krepeerde hij beneden haast van ondervoeding.)

's Nachts in zijn dromen sliep Baruch Spinoza
in de omarming van een zekere Rosa.

Rosa Raczewski, een geborene Vamprotten.
Geen mens weet waar en hoe hij deze slaapgenote

ontmoette. Het was een blonde stoot. Geen snolletje.
Wel bloeduitbundig. En zo liep alles toch op rolletjes.

Násos Vayenás