Johann Jakob Scheuchzer (1672 - 1733) dacht de 'Spinosistae' te pareren

Zwitsers arts en natuuronderzoeker. Verzamelde en onderzocht fossielen, die hij beschouwde als overblijfselen van de zondvloed. Ondanks zijn sterke fysicotheologische interesse zou hij toch worden gezien als één van de grondleggers van de kristallografie en de paleobotanie.

Scheuchzer, zoon van een stadsarts van Zürich, was hoogbegaafd, ging als 3-jarig kind al naar school, als 7-jarige naar de Latijnse school en als 12-jarige het hoger onderwijs. Van 1692 medicijnen, botanica, wiskunde en astronomie in Altdorf bei Nürnberg en vanaf 1693 aan de Universiteit Utrecht, waar hij in 1694 promoveerde. Direct ondernam hij een studiereis door de Alpen. Terug in Zürich moest hij tot 1695 wachten tot één van de vier officiële stadartsen overleed om dit ambt te kunnen uitoefenen. In febr. 1696 werd hij curator van de 'Bürgerbibliothek' en tegelijk bestuurder van de Kunstkammer. In deze functies verrichtte hij zijn wetenschappelijk onderzoek, waarmee hij internationaal bekend werd.

In zijn boek Jobi physica sacra, probeerde hij wonderlijke Bijbelse gebeurtenissen vanuit natuurwetten te verklaren, wat als ketterij werd gezien. Hij kreeg zijn boek in Zwitserland niet gedrukt. Van 1731 tot 1735 werd het boek uiteindelijk in Augsburg gedrukt.

Hij kon de Latijnse en Duitse versies nog gereed krijgen, maar maakte de uitgave ervan niet meer mee. Physica sacra (4 delen, Augsburg en Ulm, 1731 – 1735). Na zijn dood werd het boek ook in het Frans en Nederlands vertaald: Geestelyke natuurkunde (15 delen, Amsterdam, 1735-1738). 

Ik vermeld dit alles in dit blog vanwege het volgende.

Scheuchter was een representant van de Fysicotheologie in de traditie van de Engelse natuurfilosoof John Ray (1682-1705) en William Derham (1657-1735) welke ten doel had uit de natuur en z'n schepselen, d.w.z. uit het 'Boek der Natuur'de almacht, wijsheid en goedheid van God aan te wijzen. Tegelijk moest hij zich erover beklagen dat de geestelijkheid van wie zijn carrière afhing, wiskunde als ketterij beschouwde. In zijn Physica Sacra beschuldigde hij de gereformeerde orthodoxe theologen van wetenschappelijke onkunde, die daarmee de tegenstanders van de Bijbel maar sterkten.

Hij noemt de 'Spinosistae' die op mathematische basis de Bijbel probeerden te bekritiseren. En daarom moesten wat hem betreft de theologen ook in de mathematica gevormd worden.

Met zijn Physica Sacra, die een aan de Bijbel verwante Mathematica en Natuurwetenschap wilde zijn, probeerde hij, naar zijn zeggen, op de more geometrico geconstrueerde Theologie van Spinoza te antwoorden.

                                                * * *

Hieronder een fragment uit een van de vijftien delen van het magnum opus van de Zwitser Johann Jacob Scheuchzer (1672-1733) in de Jezuïtencollectie van de Universiteitsbibliotheek van Maastricht: Geestelyke natuurkunde (Amsterdam 1735-1738)

     

Bijgeschreven: Scheuchzer - een van de grondleggers van de paleontologie - was onder ander medicus, fysicus en botanicus. Een representant van de universele wetenschapper uit de 18e eeuw. 

Bronnen

wikipedia nl

wikipedia eng

Dr. Claudia Rütsche: Eine Enzyklopädie aus Objekten. Johann Jakob Scheuchzers Inventarization der Zürcher Kunstkammer und die Physica Sacra.