Hoe Yoshuah Barjitzchak Uriël da Costa met Bento de Spinoza vergeleek

Deze maand vijftig jaar geleden verscheen deze monografie Uriël da Costa van Yoshuah Barjitzchak in de serie "Helden van de geest" (Kruseman, 1962) – zie ook het vorige blog. In het laatste hoofdstukje (H 9 - p. 127-129) vergeleek de auteur kort zijn hoofdpersoon met Spinoza.

Ik vind het wel aardig om die tekst in dit blog op te nemen.

Het is duidelijk dat Barjitzchak niets moest hebben van suggesties als zou Da Costa als 'bederver van Spinoza' gezien moeten worden. Van dit door Samuel Hirszenberg gemaakte  schilderij waarin Uriël da Costa de jonge Spinoza les geeft, zal hij ook wel niet erg gecharmeerd geweest zijn. 

                     URIEL DA COSTA - BENTO DE SPINOZA

Er wordt wel gezocht naar geestelijke verwantschap tussen Uriël da Costa en Bento de Spinoza. Een portugees lexicon wil zelfs beweren, dat zij vrienden waren. Dit is ten enenmale onmogelijk, daar in het jaar 1640, toen Uriël da Costa zijn tragisch einde vond, Bento de Spinoza nog maar een kind was van ongeveer acht jaar en gezien de ban, die op Uriël da Costa rustte, zal de omgeving van de jonge Spinoza wel zeer goed ervoor hebben gegewaakt, dat het kind niet in aanraking kwam met de Epicorouth. Daarbij komt, dat de vorming van Uriël da Costa van die van Spinoza zeer verschillend is geweest. Werd de educatie van Uriël da Costa geleid volgens de richtlijnen, welke de Rooms-Katholieke Kerk aangeeft, zo was die van Spinoza traditioneel Joods en moge dan in de wijze van vorming misschien niet zo veel verschil hebben bestaan, het einddoel van beide richtingen ligt toch te veel uit elkaar, al moge de vorming van Spinoza niet van 'Katholieke smetten' vrij zijn geweest.

Ook aanleg en karakter van beide figuren lopen te veel uiteen, dan dat van een geestelijke samengaan kan worden gesproken. Hoogstens kan worden gezegd van Uriël da Costa, dat de geestelijke spanningen, waaronder hij zowel in zijn Rooms-Katholieke periode als in zijn Jodendom heeft geleefd, hebben geleid tot het tweemaal afbreken en volkomen slopen van geestelijke bouwwerken, die met zo grote opofferingen tot stand waren gekomen. Op deze puinhopen moge Spinoza, zij het vooreerst onwetend omtrent het bestaan van de sloper Uriël da Costa, zijn door de eeuwen heen nog schitterend paleis, waarin de Koningin der wetenschap, Filosofia, zetelt, hebben opgebouwd. De figuren Uriël da Costa en Spinoza dienen, ofschoon beiden de banvloek trof, los van elkaar te worden gezien; Spinoza is absoluut zelfstandig tot zijn stellingen gekomen, door eigen denken.

Da Costa kon met zijn denkbeelden niet alleen zijn, daarentegen kon Spinoza zich in zijn kluizenaarsleven handhaven niet alleen, doch zocht zelfs de afzondering op. Uriël da Costa trachtte steeds een weg te vinden tot de gemeenschap terug te keren en was zelfs bereid zijn denkbeelden, zij het dan misschien naar het uiterlijk, prijs te geven. De jeugdindrukken van beiden zijn ook zeer verschillend geweest, Uriël da Costa, de Hidalgo, opgevoed in een omgeving van luxe en adeldom, omringd door bedienden, Spinoza's indrukken van Vloonburg van zijn tijd, ofschoon niet direct arm, toch ook weer niet een bestaan, dat met de levenswijze van de Da Costa's kon worden vergeleken.

Uriël da Costa heeft wel degelijk zijn plaats in de geschiedenis van het moderne denken, doch deze plaats is meer geaccentueerd door zijn onrustig leven en tragisch einde dan door zijn stellingen, die mogelijk in zijn tijd wèl veel stof deden opwaaien, doch heden ten dage nauwelijks meer worden opgemerkt, terwijl de filosofie van Spinoza na driehonderd jaar nog steeds actueel is en leeft.

                                                                  Yoshuah Barjitzchak

 

Reacties

De auteur ging destijds uit van veronderstellingen en fantasieën over het leven en de 'leer' van Uriël da Costa die rechtstreeks uit de Verlichting en de Romantiek stammen. Nochtans had A.M. Vaz Dias al in 1936 gewaarschuwd voor het ontbreken van historisch bewijsmateriaal daarvoor. Vandaag leeft de legende van Uriël da Costa voort, ondanks het uitstekende wetenschappelijk onderzoek, ook bij filosofen en historici, zoals Steven Nadler, Antonio Damasio, Salomon & Sassoon. Het wordt tijd dat we geschiedenis en fictie scheiden. De geschiedenis van de receptie van de legende Uriël da Costa is zeer interessant, maar ze verschilt wezenlijk van de geschiedenis van de historische figuur Uriël da Costa, van wie we vrijwel niets met enige zekerheid weten. En wat we weten, heeft zo goed als niets te maken met de legende.

Karel was hierboven zo bescheiden om zijn vertaling van da Costa's Exemplar (http://blog.seniorennet.be/kareldhuyvetters/) 26/06/2012 te vermelden.

!!! zo bescheiden om ze NIET te vermelden...

Sympathiek, Paul Beliën, om die boodschap hieraan toe te voegen, maar twee dagen tevoren hád ik al een apart blog gewijd aan Karel D'huyvetters' Exemplar-vertaling.

http://spinoza.blogse.nl/log/uriel-da-costas-exemplar-humanae-vitae-vertaald-en-beschikbaar-gesteld.html

Dus wellicht nam hij aan dat bezoekers van dit blog zich dat nog herinnerden. Maar prima om het weer eens gemeld te hebben.

Ik ben familie van Uriel da Costa, die een oom is van Baruch da Costa, cantor op Joden Savanne, Suriname. Mijn voorvader die Naar Suriname kwam in 1654. Wij zijn er nog steeds. Graag wil ik U uitnodigen een kijkje te nemen op www.tip-suriname.com & http://www.facebook.com/SurinameJewishHeritageTours
Wees welkom in Suriname.