Het Spinozahuis aan de Paviljoensgracht

In het 5e en laatste nummer van Chronicon Spinozanum verscheen een oproep die ten doel had om van het huis aan de Paviljoensgracht in Den Haag een herinneringsplaats te maken. Je kunt slechts zeggen dat het gelukt is het pand te bewaren. Maar een herinneringsplaats zoals de initiatiefnemers toen voor ogen stond (à la het Goethehuis in Weimar) is het niet. Dat is nu wel het tot permanent museum gerestaureerde Spinozahuis in Rijnsburg. Op de laatste ledenvergadering deelde het bestuur mee dat eraan gewerkt gaat worden om ook het Haagse huis toegankelijk te maken. Dus misschien komt het er ooit nog van – laten we hopen vóór 2027…

Hierna de tekst van de oproep in het Nederlands uit 1927 (er werden ook oproepen gedaan in het Engels, Frans en Duits):

                               SPINOZAHERDENKING

Onder de plaatsen, welke in eerbiedige herinnering, ook buiten de landsgrenzen, voortleven, behoort naast het huis van Shakespeare te Stratford, Napoleon's graf te Parijs, Goethe's woning te Weimar en Dante's cel, ook het eenvoudige verblijf, dat Spinoza in Nederland tot huisvesting heeft gestrekt.

Tot op heden kon hij, die Spinoza zocht, slechts in het huisje te Rijnsburg, verwijlen in een wonning [sic], waarin zijn gedachten ongestoord tot den schepper der Ethica konden uitgaan.

Nog is het hem niet vergund de plaats te betreden, waar de wijsgeer de laatste jaren zijns levens heeft doorgebracht en een der machtigste scheppingen des geestes heeft gewrocht, waarvan de geschiedenis der menschheid gewaagt, de plaats aan welke Renan het onzichtbare opschrift gegeven heeft: „c'est d'ici peut-être, que Dieu a été vu de plus près".

Dit huis, gelegen aan de Paviljoensgracht 72/74 alhier wordt thans gebruikt op een wijze, welke den bezoeker zou weerhouden om in zijn geeft het beeld op te roepen van den man en zijn omgeving, wiens grootheid van ziel in de litteratuur bijna spreekwoordelijk is geworden. Moge er ook al niet aanstonds gevaar dreigen, gelijk voor korten tijd het geval was, dat het huis gesloopt zal worden, toch kan deze diep onbevredigende toestand niet bestendigd blijven. Zij, die de voornaamheid van Spinoza's geest eeren, moeten zich aaneensluiten, opdat zij gezamenlijk de middelen vinden om deze door den dood van Spinoza gewijde woning als een monument voor het nageslacht te bewaren.

Op 21 Februari 1927 zal het 250 jaar geleden zijn, sìnds Benedictus de Spinoza uit het leven scheidde. Laat zich een schooner gelegenheid denken om de nagedachtenis van den wijsgeer te eeren en zijn herinnering aan een waardige omgeving te verbinden, dan op dezen dag het huis aan de Paviljoensgracht aan zijn waren eigenaar te schenken: de menschheid. Mogen allen, die de grootheid van Spinoza erkennen en niet medeschuldig wenschen te staan aan overtreding van het gebod der piëteit, dat een waardevol aandenken aan een der leiders in den gang van 's menschen denken in de eeuwen behouden blijve, van hun offervaardigheid doen blijken door een geldelijke bijdrage te verleenen in de zeer hooge koften, welke de uitvoering van dit plan met zich medebrengt. Immers met den aankoop van het huis is nog slechts een eerste, zij het ook de belangrijkste schrede gezet op den weg welke voert naar het doel: de stichting van een middelpunt, voor den kring van hen, die verbonden worden door gemeenschappelijke belangstelling in leven en werken van een der grootste denkers, op wiens huisvesting binnen zijn grenspalen Nederland roem draagt. Om aan deze bestemming te beantwoorden, zal het huis aan de Paviljoensgracht, waaraan zooveel mogelijk het aanzien uit den tijd van Spinoza gegeven zal worden, ingericht moeten worden als museum, waarin bijeengebracht wordt al wat op het leven van Spinoza betrekking heeft en in den ruimsten zin daarmede samenhangt, in een bibliotheek zal de geheele Spinoza-litteratuur verzameld worden, terwijl het huis tevens dienen zal als vorblijfplaats [sic] gedurende hun arbeid voor hen, die zich aan de studie van het Spinozisme wijden en overigens voor ieder belangstellende zal openstaan. Op deze wijze zal de oude woning aan de Paviljoensgracht niet een levenloos monument zijn, maar door veelzijdige werkzaamheid van zijn bestaan doen blijken.

Voor de volvoering van deze plannen, wordt een stichting in het leven geroepen, Domus Spinozana genaamd, wier bestuur uit personen uit verschillende landen zal worden samengesteld. In het buitenland wordt thans eveneens een beroep gedaan om geldelijken steun van belangstellenden. De bijdragen kunnen worden gestort bij Hope en Co., bankiers, Amfterdam.

De schenkers zullen alle mededeelingen en inlichtingen ontvangen, waarvan de kennisneming geacht kan worden hun belang in te boezemen.

Aan het vorenstaande moge nog worden toegevoegd, dat het in de bedoeling ligt van de Societas Spinozana van welke ook het intiatief is uitgegaan, tot het in het leven roepen van voormelde stichting, om den 250-jarigen sterfdag van Spinoza te herdenken in een te 's-Gravenhage te houden bijeenkomst van Spinozisten uit verschillende landen en andere belangstellenden, waarin zoowel binnen- als buitenlandsche sprekers voordrachten zullen houden. Voorts zal een grafsteen onthuld worden, welke op een terrein achter de Nieuwe Kerk aan het Spui te 's-Gravenhage geplaatst wordt, waar aangenomen kan worden dat zich het gebeente van Spinoza bevindt. De toestemming der kerkvoogdij werd hiertoe reeds verkregen.

Ondergeteekenden, deel uitmakende van het International Comité, dat tot het welslagen van vorengenoemde plannen wil medewerken, wekken ieder op tot het blijk geven van belangstelling in een zaak, welke in de eerste plaats Nederland aangaat. Het Comité voornoemd:

mr. J. A. N. Patijn, burgemeester van 's-Gravenhage, eere-voorzitter — mr. J. H. Carp, s'-Gravenhage — E. E. Eckstein, 's-Gravenhage — prof. dr. R. Fruin, 's-Gravenhage — dr. H. E. van Gelder,  's-Gravenhage — prof. dr. G. Heymans, Groningen — mr. W. G. de Marez O yens, 's-Gravenhage — dr. K. O. Meinsma, Zutphen — dr. P. C. Molhuysen, 's-Gravenhage — dr. W. Moll, 's-Gravenhage — prof. mr. dr. Leo Polak, Amfterdam — dr. Ferd. Sassen, Rolduc — mr. H. M. A. Schadée, Rotterdam — dr. C. J. Wijnaendts Francken, Leiden.

                                                  * * *

[Zie het blog van 11 juli 2012 over Chronicon Spinozanum op internet]
Hier een ansichtkaart uit het begin van de vorige eeuw van de Paviljoensgracht met standbeeld van Spinoza.