Een al wat oudere 'nieuwe Spinoza'

 

Image002Vandaag een bespreking van mijn leeservaring met dit boekje uit 1995 van Wim Klever.

Zeer lezenswaardige stukjes.

Deze week las ik dit boekje dat ik bij 'boekwinkeltjes.nl' aantrof en bestelde. Voor mij was het nieuw en ik vond het een aangename ervaring om er kennis mee te maken. In veertig column-achtige stukjes (essays noemt de schrijver ze) komt de lezer allerlei interessante dingen te weten over Benedictus de Spinoza, Franciscus van den Enden en… Wim Klever.

Van den Enden wordt door Klever steeds opgevoerd als Spinoza’s meester en in letterlijke zin was hij dat ook. Spinoza leerde Latijn bij hem. Maar Klever heeft ontdekt (hij ontdekte en publiceerde Van den Ende’s ‘Vrye Politijke Stellingen’ en ‘Consideratien van Staat’) dat die connectie meer voor Spinoza betekend moet hebben en dat hij op veel van zijn politieke denkbeelden door Van den Enden moet zijn gekomen. Theoretisch is een omgekeerde beïnvloeding uiteraard ook mogelijk, gezien de sterkte en de onafhankelijkheid van Spinoza’s denken, maar vooral op het punt van politieke theorie is dat op diens jonge leeftijd niet waarschijnlijk.

Welke nieuwe Spinoza een lezer die inmiddels Nadler en Israel heeft kunnen lezen – boeken die er in 1995 nog niet waren – bij Klever kan ontwaren is niet op het eerste gezicht duidelijk. Ik kwam geen grondig nieuw beeld tegen. En kreeg uit deze stukjes geen beeld van het ‘heersende Spinoza-beeld’ waartegen Klever zich zou verzetten, of het moest zijn dat hij de betekenisvolle achtergrond van Van den Enden e.a. waarop Spinoza kon voortbouwen bedoelt. Behalve Van den Enden vermeldt Klever nog diverse andere auteurs van wie Spinoza boeken bezat waaruit hij denkbeelden zal hebben opgepakt. Misschien bedoelde Klever dat? Dat Spinoza niet de 100 procent originele denker was, maar iemand die zich uiteraard heeft laten inspireren? Als dat het beeld is dat hij heeft willen corrigeren – Oké.

Een kritische noot over Spinoza valt niet te lezen. Klever is duidelijk niet alleen een kenner, maar ook een aanhanger en adept van Spinoza. Op vele pagina’s onderstreept hij het gelijk van Spinoza, vooral waar het gaat om diens politieke theorie: bijvoorbeeld omarmt hij Spinoza's opvatting van democratie (alleen deelname door degenen die voor zichzelf kunnen zorg en zo kunnen bijdragen aan het algemeen welzijn van de staat – dus i.h.a. niet vrouwen).

Opmerkelijk vind ik zijn bewering dat Spinoza geen metafysica bracht. Daar brak mijn klomp. Maar misschien vat ik zijn opmerking op p. 125 niet goed: In de 17e eeuw "gingen vakwetenschappen met metafysica, in het geval van Spinoza zonder metafysica, samen onder het woord 'philosophia'". Het valt in ieder geval op dat in Klevers stukjes weinig metafysische kwesties worden besproken en het accent ligt op Spinoza's politieke theorie, z’n bijbelse hermeneutica, zijn epistemologische en taalkundige denkbeelden en zijn interesse in mathematica. Met het nieuwe beeld bedoelde hij wellicht wat meer daarop het accent te leggen en minder op de metafysische Spinoza die al zoveel aandacht kreeg en krijgt?

Als je aan het eind in ‘Bronnen’ leest “een goede vertaling van de Tractatus theologico-politicus laat eveneens op zich wachten, terwijl dit belangrijke werk wel in de ons omringende landstalen beschikbaar is,” dan besef je hoe gezegend we inmiddels zijn dat we al vanaf 1997 beschikken over de vertaling van de classicus Akkermans.

Het is een aangename en leerzame ervaring om deze heel wisselende stukjes uit het leven en schrijven van Spinoza te lezen. Klever heeft een vlotte pen, waarmee hij een prettig leesbaar en nog steeds interessant boekje voor elke liefhebber van Spinoza bood.

Bij despinoza.nl is de bespreking van Ger Groot in NRC Handelsblad van 29-07-1995 te lezen.

In Trouw van 8 september 1995 de bespreking van Hans Dijkhuis.