Discussie over het 'Graat-Spinoza'-schilderij verplaatst naar de VS

Het is de eigenaar van het schilderij, Constant Vecht, gelukt om de aandacht voor het schilderij naar de VS van Amerika te verplaatsen. Gisteren had Menachem Wecker *) een artikel erover in het Smithsonian Magazine [cf.]

Aan het woord komen Eric Schliesser, Rebecca Newberger Goldstein, Steven Nadler en anderen. Was ik tot heden de enige die in het openbaar de mogelijkheid van een vervalsing opperde, in het laatste blog dat ik aan het schilderij wijdde, “Open brief aan de eigenaar van het 'Graat-Spinoza'-portret,” hier is het Eric Schliesser die deze mogelijkheid oppert: “My brain recognizes that it could easily be a forgery.” Ook Rebecca Newberger Goldstein en Steven Nadler geloven niet zo in de mogelijkheid dat Spinoza voor dit schilderij geposeerd zou hebben. De laatste voegt er nog aan toe dat het voor de kennis van het gedachtegoed van de filosoof niets uitmaakt.

 

________

*) Menachem Wecker covers art, religion, and education for Washington Post, Houston Chronicle, Deseret News, National Catholic Reporter, Jewish Daily Forward, and others. A former education reporter at U.S. News & World Report, he is co-author of the recent book Consider No Evil: Two Faith Traditions and the Problem of Academic Freedom in Religious Higher Education. He holds a master's in art history from George Washington University.

Reacties

Langs deze weg (en niet rechtstreeks in een blog) wil ik laten weten dat ik de mogelijkheid om te reageren voortaan sluit. Ik laat geen reacties meer geven. Ik ben nu te vaak onheus bejegend, waarbij – niet een keer maar meermalen - aan de integriteit van mijn Spinoza-interpretatie werd getwijfeld, onder het uiten van zeer onheuse persoonlijke aanvallen. Het grijpt me te zeer aan en dreigt me zelfs de interesse in het bloggen (en wellicht de Spinoza-studie) te ontnemen. Ik probeer door te gaan, en het weer leuk te gaan vinden. Maar verschaf me – hoe jammer ik het ook vind – intussen de rust die ik minsten een tijdje nodig heb. Wie weet maak ik ooit de reactiemogelijkheid ooit weer open.

Op verzoek van de heer Vecht plaats ik, Stan Verdult, hier deze reactie op zin naam. In tegenstelling tot het eerdere bericht laat ik nu de reactie-mogelijkheid open. Reacties worden gemodereerd. Hierna komt de heer Vecht aan het woord:

De mogelijkheid dat het portret een vervalsing is, wordt in Smithsonian Magazine uit het niets geopperd door mensen zonder kunsthistorische kennis of specifieker zonder veel kennis van het onderzoek rondom het schilderij zelf. Zoals u weet, laten wij momenteel het linnen vergelijken met een ander doek van Graat uit 1666, de datering die op het doek is aangebracht. Uit dit onderzoek kan (als we geluk hebben, dwz als beide doeken uit dezelfde rol linnen afkomstig zijn) hopelijk worden geconcludeerd dat het schilderij heus in 1666 werd gemaakt door Barend Graat. Maar ook als de linnenstructuur niet overeenkomt, is er geen sprake van een vervalsing. Waarom niet? 1. Het doek vertoont overeenkomsten qua stoffering met andere werken van Graat in de jaren 60 vd 17e eeuw 2. De grondering, luchten, handen, bergen en het stadje in de verte zijn kenmerkend voor Graat 3. Het monogram is nat op nat aangebracht 4. Eerdere opzetjes werden overschilderd, dus is het beslist geen kopie. 5. Het snorretje toont aan dat het schilderij niet naar en dus na de postume portretten is vervaardigd maar ervoor 6. Graat is, los van het monogram en de stijlkenmerken, ook kanshebber nr 1 omdat hij in de Amsterdamse toneelwereld rondliep (evenals Bouwmeester, Van den Enden, De Vallan) en opdrachten ontving van de koopman Deutz en van Petronella de la Court.

Al deze punten vormen ijzersterke argumenten pro authenticiteit. Zij completeren het onbetwistbare gegeven dat het volgens het forensische onderzoek "veel waarschijnlijker is dat de geportretteerde dezelfde is als de man op de twee postume Spinoza-portretten dan dat niet zo is".

Ten slotte: Graat is voor zover bekend nog nooit vervalst. Hij was als kleine meester niet belangrijk genoeg.

Extra: het linnenonderzoek biedt in principe de beste mogelijkheid om het jaar van vervaardiging vast te stellen. Pigmentonderzoek is een veel minder fijnmazige methode, want je kunt er hooguit mee vaststellen of het doek misschien niet een eeuw later is gemaakt.

U heeft zich eerder op uw blog afgevraagd waarom ik het onderzoek niet uit handen gaf. Welnu ik heb een jaar geleden vergeefs het RKD benaderd, evenals het Mauritshuis en het Rijksmuseum, met de vraag of zij zich op deze belangrijke zaak wilden storten. Ze vonden het niet interessant genoeg of meldden dat ze de kennis niet in huis hadden. Treurig maar waar. Daarom moesten wij wel zelf doorgaan met ons onderzoek, waaronder ook tijdrovend archivaal onderzoek, daarin overigens gesteund door enkele individuele kunsthistorici van naam.

Nog een toevoeging op mijn schrijven van gisteren: Er wordt door sommigen in het artikel gesteld dat Spinoza er de man niet naar was zichzelf te laten portretteren. De gedachte is begrijpelijk, maar er passen kanttekeningen bij: 1. Bij zijn dood werd in zijn woning een portret aangetroffen 2. Spinoza tekende graag, hij zou zichzelf als Massianello hebben uitgebeeld, de Napolitaanse 'Robin Hood' 3. De ets die vlak na zijn dood bij de Opera Postuma werd gevoegd, moet gebaseerd zijn geweest op een bestaand portret, hetzij een tekening hetzij een schilderij.

Dat alles haalt de bewering van de in het Smithsonian Magazine geciteerden onderuit. Sterker nog: Het feit dat de Spinoza-ets en Graats portret vrijwel naadloos samenvallen maar spiegelbeeldig zijn(!), doet zelfs het vermoeden rijzen dat de ets rechtstreeks gebaseerd is op het doek van Graat, gecorrigeerd voor de snor, die de oudere Spinoza had afgeschoren, en misschien enigszins gecorrigeerd qua jeugdige uitstraling (iets diepere groeven en lichtelijk hangende oogleden), hoewel dat laatste ook aan de techniek van het etsen kan liggen.

Wordt vervolgd!

Dit blijft m.i. nog steeds een boeiende casus. Maar het laatste woord is nog lang niet gezegd. Drie kanttekeningen bij details: (1) de snor. Die is pas in de jaren 1950 'ontdekt'. D.w.z. toen is een artikel gepubliceerd n.a.v. de vondst van een Inquisitiedocument, waarin een getuige die Spinoza in de jaren 1658/59 heeft gezien, refereerde aan zijn snor. Het is niet aannemelijk dat dit document bekend was voor de jaren 1950. Anderzijds, zou de snor kunnen pleiten voor de authenticiteit van dit 'Graat' portret. (2) Vervalsing van Graat: het lijkt inderdaad niet aannemelijk dat een (derderangs) kunstenaar als Graat vervalst zou zijn. De waarde van zijn werk blijft immers beperkt. Daarentegen is het m.i. zeker niet ondenkbaar dat een Spinoza-fanaat (ze bestaan sinds eeuwen) heeft ingehaakt op de evidente behoefte aan een authentiek Spinozaportret. Deze tactiek (het sterke verlangen onder Vermeer-kenners naar vroege Vermeers) is enige tijd met succes toegepast door Han van Meegeren. (3) Graat: Zolang de Graat-expert de toeschrijving aan Graat niet ondersteunt, blijft dit dubieus. Wordt vervolgd...

Rik, waarom je reactie over die publicatie over de inquisitiedocumenten, waarin over een snorretje wordt gesproken? Wie zou een mogelijke vervalsing vóór de jaren 1950 zoeken?

Ergerlijk is dat dé Graat-expert almaar blijft zwijgen over het al-dan-niet terecht toeschrijving aan Graat. Wat de reden is voor dat stommetje spelen blijft dubieus.

De Graat-expert is maandenlang bij mij over de vloer geweest en heeft daarbij nooit twijfels geuit over de maker. Wel vond zij dat het veeleer leek op later werk van Graat. Enkele maanden terug werd op de website van het RKD een beschrijving van het schilderij geplaatst. Daarbij werden argumenten anti-Graat vermeld, die aan de expert moeten zijn ontleend. Zij vond het monogram 'te precies' en de compositie te zwak voor deze schilder. Ik stuurde het RKD mijn tegenargumenten, en kreeg geen inhoudelijke reactie of een uitnodiging voor een nader gesprek. De Graat-expert zelf, die ik ook mailde, zweeg eveneens. Omdat ik nog met het onderzoek bezig ben, en de forensische onderzoeken niet eens waren vermeld, verzocht ik daarop het RKD om de tekst weg te halen, hen erop wijzend dat ik handhaving van volstrekt eenzijdig oordeel als een onrechtmatige daad jegens mij opvatte. Daarop werd de tekst verwijderd. Boven heb ik reeds aangegeven waarom dit schilderij mijns inziens wel van Graat is. In vogelvlucht: overeenkomsten met andere portretten uit de jaren zestig, de luchten, de bergen en bergdorpjes, de rode gloed agv een rode grondering, die kenmerkend is voor veel werk van Graat. Wat het monogram betreft, de krullende belettering komt volstrekt overeen met die op ander werk van de schilder, afgezien van een cirkel om de belettering heen. Welke vervalser voegt nou zo'n cirkel toe? En nog een argument tegen een vervalsing, naast het snorretje: wie verandert de kijkrichting van de ogen ten opzichte van de ets en het doek in Duitsland? Die andere kijkrichting is alleen te verklaren uit het feit dat Graats doek vooraf ging aan de beide postume portretten.

Overigens is het een fluitje van een cent om via C14 onderzoek op doek of verf aan te tonen dat het schilderij vóór 1950 is vervaardigd. Ik zal zeker doen, mocht uit het vergelijkende onderzoek m.b.t. de linnenstructuur blijken dat het andere portret uit '66 op linnen is geschilderd, afkomstig uit een andere rol. Wordt vervolgd.
Wordt vervolgd.

@Constant Vecht
En als uit C14 onderzoek blijkt dat het doek of het relevante gezichtsdeel van na 1950 is, maakt u dat dan ook bekend? Die vraag zou ik niet hoeven stellen, als u de regie van het onderzoek uit handen had gegeven. Dat was waarom ik daarom vroeg.

Ik zal u eens vertellen welke mensen er echt niet deugen, heer Verdult. Dat zijn de mensen van het RKD die mij miet te woord wilden staan en pas na dreiging met een kort geding een eenzijdig tekstje over het schilderij van hun website haalden. Of de mensen van het Mauritshuis en het Rijksmuseum die mijn vraag om mee te denken over het portret in de wind sloegen. Of de schrijfster van de oeuvre catalogus van Graat die weigert uit te leggen waarom zij het portret niet vermeldde in jaar boek. Of het hoofd vd afdeling 17e eeuwse schilderkunst vh Rijksmuseum die een verzoek om rontgenopames te mogen laten maken tbv het linnenonderzoek afwees omdat het niet belangrijk genoeg zou zijn. Ondergetekende is altijd transparant geweest en zal dat blijven

Het antwoord op mijn vraag van 26-08-2016 @ 13:11, hoewel niet gegeven, is dus pertinent ja?

Erg impertinent dit doorvragen. Dacht u nu werkelijk dat in het onwaarschijnlijke geval dat het een vervalsing zou blijken te zijn, ik dat zou verzwijgen? Ik ben een intellectueel en als kunsthandelaar heb ik een zeer goede naam. Het gebruik hierboven van de term onwaarschijnlijk berust op het feit dat het linnen uiterst sleets is en daarom aan de achterzijde van een steundoek is voorzien. En zo kan ik ook nog enkele verftechnische punten noemen die erop wijzen dat we niet met een naoorlogs werk van doen hebben.

"Uw schilderij lijkt me in het geheel niet vervaardigd na 1950. Daarvoor heeft het te veel karakteristieke sporen van veroudering, die duiden op een oud schilderij". Aldus de heer René Hoppenbrouwers, directeur vd Stichting Restauratie Atelier Limburg (SRAL) in een e-mail die hij mij zond. Is er nog iemand die iets kan verzinnen om daarmee te ontkrachten dat het om een bij Spinoza's leven geschilderd portret gaat?

Zet door Constant en laat die test op het linnen doen.Een en ander zal je bewijsvoering kunnen versterken.