De poging tot pantheonisering van René Descartes (1596 - 1650)

Russell Shorto, De botten van Descartes. De strijd tussen geloof en rede. Mouria, 2008, 2e dr 2010. Bij de eerste druk luidde de ondertitel ‘Een beknopte geschiedenis van het conflict tussen geloof en rede’. Die druk had ook illustraties, waarvan in de tweede druk alleen de “Verantwoording illustraties” is overgebleven. Maar de prijs is dan ook gekelderd van €19,90 naar €12,50

Ik wilde eens wat anders lezen dan altijd maar serieuze en soms zware Spinozaliteratuur… Nu vind ik thrillers niets meer voor mij. Maar in deze maand van het spannende boek wordt dit boek aangeprezen als “Een intellectueel detectiveverhaal en een aanstekelijk relaas over filosofie en geschiedenis.” En dat is het!

Dit boek is echt een sterke aanrader, ook voor Spinozisten. Het boek biedt heel veel. Russell Shorto loopt niet alleen de stoffelijke nalatenschap na, maar ook de geestelijke erfenis die Descartes ons naliet.

    Portret van René Descartes van omstreeks 1649; toegeschreven aan Frans Hals - in het Louvre 

Maar om te beginnen is er een lijk en zijn er botten van de grote filosoof met wie de moderniteit in zekere zin begon. Het is buitengewoon boeiend om te lezen wat er allemaal aan wederwaardigheden van die botten te ontdekken viel. Drie keer kregen de resten een herbegrafenis. En dan waren er nog de gescheiden omzwervingen van de schedel. De naspeuringen daarnaar leveren al een boeiend verhaal op, zeker doordat het verteld wordt door iemand die goed kan schrijven.

In alle perioden van het tijdvak tussen Descartes’ dood en nu gebeurde er wel iets met diens botten. Het boek geeft dan langs deze paden een aardige inleiding in de geschiedenis van de wetenschap, zoals de verschillen in filosofische benadering van wetenschap in Engeland en Frankrijk – de verschillen ook tussen de Royal Society en de Franse Academie van Wetenschappen en zo veel meer: het indelen en erkennen van takken van wetenschap, het ontstaan van nieuwe wetenschappen.

Daartussendoor krijgen we veel informatie over wat moderniteit betekent, waar het voor staat. Hoe het individu centraal komt te staan, hoe twijfel en onzekerheid de wetenschap altijd blijft begeleiden. Op vele plaatsen gaat de auteur soepel en toepasselijk in op de ontwikkeling van het secularisme. De ondertitel “De strijd tussen geloof en rede” wordt behoorlijk waar gemaakt. Wat dat aangaat behoort het tot de betere boekwerken over dit thema dat juist in de 21e eeuw weer zo zwaar is gaan tellen. Het kan zich meten met het boekje van Buruma dat ik in het vorige blog besprak. Ik vind het eigenlijk wel beter, want het biedt méér dan een historisch-cultureel-politiek essay. Je kunt duidelijk merken dat de journalist een filosofische studie als achtergrond heeft.

     

Nieuwe sacraliteit
Heel frappant is om te zien hoe staat en wetenschap dan wel worden geseculariseerd, maar de behoefte aan sacraliteit meegaat naar de nieuwe instituties die zich ontwikkelen: het plechtige gaat over naar de nieuwe tijdsbestedingen. De manier waarop er in de Middeleeuwen werd omgegaan met resten van heiligen waaromtrent een complete relikwieën-industrie ontstond, gaat een nieuw leven leiden. Ook de botten van Descartes werden als relikwieën bejegend. De antieke mens zit nog steeds verborgen in de moderne mens. Descartes werd behandeld als een halve of zelfs hele heilige. Na de overbrenging, zestien jaar na zijn dood, van zijn botten van Stockholm naar Parijs, duurde het maanden om de plechtige herbegrafenis, de heiliging, te organiseren. Het werd, zoals Shorto schrijft: “een seculiere annexatie van een religieus ritueel […] een poging om het wetenschappelijke perspectief binnen te brengen  in een wereld die door religieus bewustzijn gedefinieerd was.”(p. 89)

Verderop noemt hij de zgn ‘pantheonisering’ ten tijde van de Revolutie een secularisering van de katholieke relikwieënverering (p. 126). Dat besluit tot opneming van Descartes in het Pantheon is echter nooit uitgevoerd. De Zweed Berzelius, die toevallig  bij de herbegrafenis was en hoorde van het ontbreken van de schedel en die niet lang daarna de schedel in Zweden traceerde, sprak over ‘voorwaar een kostbare relikwie’ (p. 157). Iemand, een zekere Bäng, die de schedel een tijd in bezit had gehad, zei deze te hebben bewaard als ‘zeldzame relikwie van een heilige van de filosofie’. (p. 174) Iemand schreef in 1821 dat de Franse Academie van Wetenschappen de schedel ‘met vrome eerbied’ had ontvangen. (p. 184). In 1910 ontstond er commotie toen na de grote overstroming van Parijs de schedel zoek bleek te zijn. Hij was in vergetelheid geraakt maar kwam weer boven water, waarna hij opnieuw aan de Academie werd getoond zoals de directeur van het museum schreef: “Met alle aan deze kostbare relikwie verschuldigde eerbied.” (p. 230) We blijven onze doden, zeker de groten, eerbewijzen; zo is onze cultuur begonnen en zo zal hij blijven.

Spinoza
Hoewel het accent op Descartes ligt, Spinoza komen we ook tegen. Hoe hij ‘meedogenlozer’ dan Descartes’ categorieën toepaste; voorts zijn religiekritiek en aanvallen op de superstitie. Shorto over Spinoza: “Soms klinken Spinoza’s ideeën over bijgeloof en het gebruik dat ervan wordt gemaakt niet alleen modern, maar zelfs ultramodern; moderniseer het taalgebruik van zijn Tractatus Theologico-Politicus en het zou een eenentwintigste-eeuwse antireligieuze bestseller kunnen zijn.” En dan citeert hij een deel uit de inleiding. (p. 126)

Maar in de rest van het boek, waarbij de dominante invloed van het dualisme blijkt op de westerse wetenschap met alle problemen van dien, komt Spinoza niet meer om de hoek kijken. En dat is begrijpelijk, want de invloed van (de gelovige) Descartes was nu eenmaal groter dan de radicale stroming van de Verlichting

De auteur baseert zich helemaal op Jonathan Israel en hanteert een driedeling: radicale secularisten (of radicaal verlichten), de gematigde secularisten (of gematigd verlichten) en ten derde de theologen. Die driedeling komt af en toe terug. Shorto hád in het kielzog van Israel de betekenis van Spinoza voor de moderniteit wat sterker kunnen aanzetten, maar het zij hem vergeven – zijn hoofdpersonage is immers Descartes.

Maar als dan helemaal op het eind van het boek, in de Epiloog, de schrijver een ontmoeting heeft met een grote Descartes-kenner, pater Armogathe, en die het heeft over de oplossing van de grote puzzel van de scheiding van lichaam en geest die Descartes zocht in de hartstocht, als een mengeling van lichaam en geest, zoals we in de alledaagse manier van leven die scheiding ook overstijgen en in de praktijk niet ervaren, zou je als lezer willen roepen: Spinoza! Maar die komt aan het eind niet meer in beeld.

Russell Shorto, De botten van Descartes, 1e druk)Tot slot een grappig detail. Er was een tijdlang een zgn. ‘grote-hersenen-debat’: een stroming binnen de jonge tak van de nieuwe wetenschap der antropologie, nam een relatie aan tussen de grootte van een geest (grote intelligentie) en grote hersenen. En dat gaf een probleem met de tamelijk kleine schedel van Descartes. “Het was gewoonweg niet mogelijk dat een zo grote geest in zo’n kleine ruimte kon hebben gepast.”(p. 217)

Ik vind het in alle facetten een geslaagd boek dat zich in sneltreinvaart laat lezen. De laag van het gedoe met de botten is goed aangepakt, zijn eigen speurtocht ernaar wordt hier en daar aangestipt maar krijgt niet teveel nadruk, de laag van de ontwikkeling van de wetenschapsgeschiedenis krijgt net genoeg grondverf, de laag met de relatie geloof of kerken versus seculiere wetenschap is behoorlijk goed neergezet, de laag met problematiek van het lichaam-geest-dualisme, die met de moderniteit en de hedendaagse discussie over Verlichtingsfundamentalisten (Ayaan Hirsi Ali komt ook aan bod) en wat dies meer zij. Alles fraai dooreen geweven in een zeer genietbare melange. Ik was content met deze dis.

Russell Shorto is Amerikaan, studeerde filosofie en is momenteel directeur van het John Adams Institute in Amsterdam.
Hij schreef ook Nieuw Amsterdam. De oorsprong van de stad der steden, New York (The Island at the Center of the World), De Boekerij,
2009 - een bestseller over de ontstaansgeschiedenis van New York, toen dat nog Nieuw Amsterdam heette. [zie hier]

 

Enige recensies

Recensie door Roelof van Gelder in de NRC van 12 december 2008

Recensie in het Parool van 24 december 2008

Recensie van Marinus de Baar in Trouw van 10 januari 2009

Marco Kamphuis in Filosofie Magazine 2009/nr 3

Hier site met enige portretten van René Descartes

Op YouTube een video waarin Russell Shorto een toelichting geeft op zijn Descartes-boek.

 

Reacties

En diezelfde Shorto, die de bestseller THE ISLAND OF THE CENTER OF THE WORLD (2004) schreef, is nu bezig, zoals hij mij vertelde, de migratie van de Amsterdamse radicale ideejen naar Amerika te volgen en in een boek te beschrijven hoe zij aan de basis liggen van de Amerikaanse vrijheidsstrijd. Daarbij komen hem mijn DIRECTE DEMOCRATIE (met VPS) en mijn LOCKE-BOEK hem goed van pas, want het is het Amsterdamse trio (grootvader Van den Enden, vader Spinoza en klein/zoon Locke) waar dat om draait, zoals ook Rebecca Goldstein al vaststelde.

Dat is een mooi bericht. Het is te hopen dat Shorto zich dan ook flink verdiept in Spinoza.
Studie naar de Founding Fathers van Amerika en de ideeën die tot de grondwet leidden is al door velen gedaan. Bij Martha Nussbaum leidde dat tot het boek "Liberty of Conscience: In Defense of America's Tradition of Religious Equality" (2008). Er zijn er meer. Maar ik denk niet dat al eerder iemand echt uitvoerig naar de Hollandse roots van de eraan ten grondslag liggende ideeën heeft gedaan. Dat wordt een boek om naar uit te kijken.