Arnold Zweig (1887 - 1968) noemde Spinoza een 'Denk-Bolschewik'

Nu ik in het kader van mijn bespreking van de biografie over Clarice Lispector in een blog tevens de anthologie van Spinoza’s werk door Arnold Zweig besprak, wil ik iets meer over de man zelf in dit blog opnemen. Opgemerkt zij dat hij, In tegenstelling tot wat velen wellicht verwachten, niet verwant was met Stefan Zweig.

Ruim voor hij gevraagd werd voor een deeltje over Spinoza in de reeks “The living thoughts of...” was hij door Siegfried Hessing gevraagd om een bijdrage aan het door hem geredigeerde Spinoza-Festschrift. Zum 300. Geburtstage Benedict Spinozas (1632-1932) (1932).

In die bijdrage lezen we deze zin van Zweig over Spinoza:

Der stille Mann, der zu Lebzeiten wenig veröffentlichte, war ein Denk-Bolschewik. Dass er, um frei zu sein, sich ...
[lees hier 2 bladzijden van het uit 2½ bladzijde bestaande artikel]

Arnold Zweig was toen nog niet de “kommunistischer Kulturfunktionär in der DDR” die hij later zou worden, maar met het marxisme had hij al jaren eerder kennis gemaakt.

Aan de vijfde jaargang van het door Martin Buber geredigeerde Der Jude (1920-1921) droeg Arnold Zweig een 8-delige reeks bij onder de titel: “Der heutige deutsche Antisemitismus.” *) In de derde bijdrage schreef hij dit over Spinoza (ik zet het even zwart):

Der letzte als jüdisch geltende Genius unseres Volkes war Spinoza — und warum? Weil sich an ihm, wenn auch nur in der Form der Ausstoßung, noch die lebendige jüdische Gemeinschaft manifestiert hatte, die durch dieses Verbannen ihres großen Sohnes der Welt dokumentierte, daß es noch ein Volk gab, von dem man verbannt werden konnte.

Ja, selbst um Heine ist noch etwas von der Gegebenheit seines Volkes als eines allbemerkbaren lebendigen, schaffenden Wesens: weil er unaufhörlich mit dem augenblicklichen Geiste dieses Wesens sich auseinanderzusetzen gezwungen ist. [p. 199, cf. archive.org]

Spinoza's genius was dus eigenlijk te danken aan de ban? Enfin, misschien was het hierom wel dat Siegfried Hessing hem om een bijdrage vroeg, wie zal het zeggen?

  

Arnold Zweig werd op 10 november 1887 in Groß-Glogau, Neder-Silezië, geboren als zoon van een gematigd religieuze joodse zadelmaker. Vanwege het Poolse antisemitisme en pogroms was hij naar Duitsland gevlucht (waartoe Neder-Silezië toen behoorde). Arnold bezocht de Oberrealschule in Kattowitz, daarna studeerde hij van 1907-11 filosofie, filologie, germanistiek, geschiedenis en kunstgeschiedenis in achtereenvolgens Breslau, München, Berlijn, Göttingen, Rostock en Tübingen.

Van 1915-18 deed hij dienst in WOI, waarbij moest vechten in N-Frankrijk, Servië en in België bij Verdun. Van Pruisisch-nationalist werd hij pacifist. Later werd hij schrijver bij de oorlogspersdienst van de legerleiding, dicht in de buurt van de staven van Hindenburg en van Ludendorff. In zijn latere romancyclus „Der große Krieg der weißen Männer“gaf hij hen als „Maschinerie der Macht“ een plaats als overste resp. generaal „Schiefenzahn“.

Uit de oorlog teruggekeerd vestigde hij zich als schrijver eerst in Starnberg (Oberbayern). Hij werd er bevriend met Lion Feuchtwanger en Sigmund Freud. In essays, toneelstukken en verhalen gaf Zweig zijn oorlogservaringen vorm en ook zijn opinies over het jodendom. Na de Bierkellerputsch van 1923 moest Zweig Starnberg verlaten. Hij ging naar Berlijn-Grunewald, waar hij als redacteur van de Jüdische Rundschau ging werken. Door zijn contact met Martin Buber, dat al tijdens de oorlog was ontstaan, kwam Zweig in aanraking met het zionisme. In de Weimartijd was hij voor zowel marxistische als zionistische bladen actief. Hij was in die tijd al lid van de PEN-club.

In 1927 verscheen Zweigs bekendste werk, de roman Der Streit um den Sergeanten Grischa, die tot de al genoemde cyclus Der große Krieg der weißen Männer behoort. Zijn roman De Vriendt kehrt heim (1932) is gebaseerd op het leven van en de moord op Jacob Israël de Haan.

Vanaf 1933 (de machtsgreep door de nazi’s en ‘t openlijk verbranden van Zweigs boeken) vluchtte hij uit Duitsland. Via Tsjechoslowakije, Zwitserland en Frankrijk trok hij naar Haifa in Palestina. Daar raakte hij in conflict met sterk nationalistische zionisten, die voor uitsluitend hebraïsering ijverden en zowel Duits als Jiddische afwezen, terwijl Zweig publiceerde in het Duitse tijdschrift Oriënt. Na een bomaanslag op de redactie van Oriënt werd het blad opgeheven. Zweig die zijn inkomstenbron opgedroogd zag, maakte plannen om naar de VS van Amerika te emigreren, wat niet doorging. In 1948 keerde hij terug uit zijn ballingschap, nu naar Oost-Berlijn. Als socialist werd hij in de DDR gewaardeerd. Hij werd er voorzitter van de Akademie der Künste. De belangrijke marxistische literatuurcriticus Georg Lukács beoordeelde zijn werk positief - hetzou in de eerbiedwaardige negentiende-eeuwse traditie van de realistische roman staan. Vanwege dit pro-communistische oordeel werd Zweigs werk in de Bondsrepubliek weinig gewaardeerd. De Sovjets verleenden hem de Leninprijs. Bij gelegenheid van de 70e verjaardag van de dictator in het Kremlin ‘dichtte’ Zweig: Um Stalins Größe zu beschreiben „verläßt uns die Fähigkeit zu sprachschöpferischen Einfällen. Wir sagen einfach: Genosse J.W. Stalin und drücken mit dieser Schlichtheit und inneren Wärme aus, daß das Genie des Aufbauens und des unermüdlichen Einsatzes von Wachsamkeit, Mut und Menschenhilfe von den Eigenschaftswörtern nicht getroffen wird, mit denen unsere Sprache zu spielen gewohnt ist“. En bij de dood van Stalin hield Zweig een rede die uitliep op dit hoogtepunt: „An jeder mächtigen Eiche könnte das dankbare deutsche Volk ein Bild seines Befreiers befestigen! Ruhe in Frieden, Josef Stalin!“

Bij Zweigs dood in Oost-Berlijn schreef Springers Welt: “er sei „einer der treuesten Söhne des deutschen Bürgertums“ gewesen.

__________

*) Ook deze artikelen worden besproken door de historicus Johannes Rogalla von Bieberstein in zijn boek Jüdischer Bolschewismus: Mythos und Realität [Edition Antaios, 2002 - PDF]. Daarin heeft hij wel kritiek dat “Jesus Christus als Bolschewik” werd gezien, maar komt Zweigs visie op Spinoza als Denk-Bolschewik” niet voor. Maar hij is op zijn beurt uiteraard ook weer bekritiseerd, b.v. door

Leonid Luks, Zwei Gesichter des Totalitarismus: Bolschewismus und Nationalsozialismus im Vergleich : 16 Skizzen. Böhlau Verlag Köln Weimar, 2007 – books.google - cf. PDF

 

nl.wikipedia.org/wiki/Arnold_Zweig

de.metapedia.org/wiki/Arnold_Zweig