Was Spinoza een gelovige?

Daar we voor de eerste bijeenkomst geacht worden hoofdstuk 2 van de TTP gelezen te hebben, ben ik begonnen de inleiding van Akkermans, Spinoza's voorrede en Hfst 1 te lezen.
Mij houdt al geruime tijd de vraag bezig: was Spinoza een gelovige? In de zin zoals hij in H 1 § 1 de gelovige aanduidt als "degene die voor het aanvaarden van deze openbaringen (zekere kennis van door God geopenbaarde dingen) zijn aangewezen op het geloof (in wat de profeten zeggen)."

Lees verder...

Start

Vandaag ontving ik bericht dat de cursus 'Spinoza' bij HOVO Limburg doorgaat. Het verheugde mij - ik heb er zin in. Zeker toen ik de syllabus met het complete cursusplan van prof. dr. L.M. de Rijk zag, waarmee hij aangaf hoe we het Theologisch-politiek traktaat van Spinoza gaan behandelen. Het schema van de tien lessen met preciese aanduiding van wat we uit het boek en uit boeken er omheen gaan lezen, mét aandachts-punten en tips, zag er indrukwekkend uit. Duidelijk is: dit gaat een zeer serieuze cursus worden over dit volgens Graevius 'liber pestilentissimus' 1) van "Nederlands enige wijsgeer van wereldhistorische betekenis" 2), "the noblest and most lovable of the great philosophers" 3), deze "Copernicus van het zedelijk leven" 4 ), deze "bestormer van de geloofsleer" 5), deze 'Euclides van de ziel' 6), 'de asceet van de filosofie' 7), 'de absolute filosoof' 8), deze 'filosoof van de vrede' 9), 'der Gottbetrunkener Mensch' 10), "der Chef der heutigen Atheisten" 11) deze "atheus ingeniosissimus" (zeer scherpzinnige atheïst) 12) ............enzovoort.

Meteen heb ik mij er aan gezet dit weblog voor te bereiden, waarmee ik graag deze cursus wil 'begeleiden'. Ik hoop zeer  dat docent en medecursusten eveneens zin hebben om erop te reageren en liefst er als medeauteurs aan mee te doen.

________________
1) Johannes Georgius Graevius (1632-1703, hoogleraar rhetorica en later geschiedenis en staatkunde te Utrecht), aan Leibniz, Utrecht 12 April 1671: ‘Anno superiore prodiit hic liber pestilentissimus cujus index est: Discursus Theologico-Politicus. Auctor ejus dicitur esse Judaeus, nomine Spinosa. Propter opinionum monstra liber proscriptus est ab Ordinibus’. Bij Van Vloten en Land, Brieven No xlix, Aanteekening.

2) Jan Romein en Annie Romein-Verschoor, Erflaters van onze beschaving, 1938-1940, p. 423

3) Bertrand Russell, Geschiedenis van de Westerse filosofie, p. 599

4 ) Cd. Busken Huet, Het land van Rembrand. Studiën over de Noordnederlandsche beschaving in de zeventiende eeuw. H.D. Tjeenk Willink, Haarlem 1882-1884, p. 126 (hier bij DBNL)

5) Salomo van Til in 1684 (in Steven Nadler, Spinoza, p. 172)

6) Gueroult, in Theo Zweerman, Spinoza's Inleiding tot de filosofie, p. 49

7 ) Theo Zweerman, Spinoza's Inleiding tot de filosofie, p. 61

8) Gilles Deleuze (volgens wikipedia)

9) Wim Klever, in diens Inleiding tot "Hoofdstukken uit De politieke verhandeling" van Benedictus de Spinoza, Boom, Meppel, 1985, p. 300

10) Novalis

11) Breithaupt, Zufällige Gedancken, p. 24 (In J. Israel, Radicale Verlichting, p. 328)

12) Christian Thomasius in: Philosophia aulica (1688) [In: Cis van Heertum & Frank Grunert (Hrsg.) Spinoza im Kontext, 2010, 14

Lees verder...